|
|
|
Colofon
Protestants Christelijk Basisschool “Eben-Haëzer” Leerbroekseweg 7 4245 KR Leerbroek Tel/fax: 0345 599567/599874 e-mail: directie@pcbsleerbroek.nl internet: www.pcbsleerbroek.nl
Directie:
W. van der Plas Leerbroekseweg 5a 4245 KR Leerbroek Tel: 0345 599242 C. Kramer Wederiklaan 26 4143 CV Leerdam Tel. 0345 619684
Schooltijden: Groep 0/1A: 0.845-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur De kinderen (groep 1) uit deze groep hebben maandag, dinsdag, woensdagochtend en donderdag school. Op vrijdag zijn ze vrij. Groep 0/1B): 0.845-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur De kinderen (groep1) uit deze groep hebben maandagochtend, dinsdag, woensdagochtend, donderdag en vrijdagochtend school. Zij zijn dus op maandagmiddag vrij. Kinderen die na oktober 4 jaar worden komen in groep 0. Deze kinderen hebben maadagochtend, dinsdagochtend en woensdagochtend school. Groep 2 t/m 4: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (vrijdagmiddag vrij) Groep 5 t/m 8 : 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur. (vrijdag van 13.15 tot 15.30) Iedere ochtend is er een kwartiertje pauze. De kinderen kunnen dan even uitblazen. Ook nemen ze vaak iets te eten en/of te drinken mee. Wilt u geen energiedrank aan uw kind meegeven? Het volgen van onderwijs is niet zo inspannend, dat deze drank daarvoor nodig is. Het is eerder nadelig! Op woensdag is de fruitdag. We stellen het erg op prijs als u die dag uw kind op fruit trakteert. Dat geldt ook voor de verjaardagstraktatie op die dag. Tijdens het ophalen van de kinderen is het nogal druk aan de weg. Daarom is één van de leerkrachten “wegenwacht”. We vragen ook aan u goed op de veiligheid van elkaar te letten. Tot op heden is dat gelukkig altijd goed gegaan. Laten we daar met elkaar ons best voor blijven doen. Als u bij het ophalen van uw kind niet op het pad naast de school fietst is dat ook erg prettig. Er wordt pleinwacht gelopen door een leerkracht om 8.30 uur en 13.00 uur. De kinderen worden geacht niet eerder dan deze tijden op school aanwezig te zijn. We wijzen er op, dat kinderen niet voor de schooltijden aan de weg mogen staan. Door gebrek aan ruimte in de fietsenstalling mogen alleen kinderen van buiten de kern Leerbroek op de fiets naar school komen.
Contactpersoon bestuur: C. Huissen Hoogeind 23 4143LW Leerdam 0345 599115 Contactpersoon Medezeggenschapsraad: T.J. de With Dorpsweg 27 4245 KN Leerbroek Tel: 0345 631317
Gymzaal: Dorpshuis “De Schakel” Raadhuisplein Tel: 0345 599356
1. EEN WOORD VOORAF
Deze schoolgids is bestemd voor alle ouder(s)/verzorger(s) van de leerlingen van de Eben-Haëzerschool. Deze gids heeft ook een functie naar alle ouder(s)/verzorger(s) van onze toekomstige leerlingen. Voor hen geeft deze schoolgids een beschrijving van wat zij van onze school mogen verwachten. Mede op grond hiervan kunnen zij een beslissing nemen of hun kind bij ons op school past. We beschrijven onze school zonder in details te treden. We houden ons aan de grote lijnen. Bovendien is een zo levendig instituut als een school nooit precies te beschrijven. Een school moet je ervaren of beleven. Naast het beschrijven van de identiteit van de school komen ook praktische zaken aan de orde. Voor de verschillende onderwerpen verwijzen we u naar de inhoudsopgave. Hebt u opmerkingen of aanvullingen? Geef ze gerust aan ons door. We spreken de wens uit dat deze gids mag bijdragen aan een goede communicatie tussen (toekomstige) ouders en onze school.
Leerbroek, augustus 2011
Namens bestuur en personeel:
W. van der Plas (directeur)
Inhoud
1. Een woord vooraf 2 2. De school 4 2.1. Naam en richting 4 2.2. Identiteit 4 2.3. Lidmaatschap schoolvereniging 4 2.4. Situering van onze school 4 3. Waar de school voor staat 5 3.1. Doel 5 3.2. Uitgangspunten 5 3.3. Pedagogisch klimaat van de school 5 3.4. Kernwoorden 6 4. Schoolgegevens 7 4.1. Namen en adressen 7 4.2. Andere adressen 8 4.3. Schoolgebouw 9 4.4. Vakantieregeling 2010-2011 9 5. De organisatie van het onderwijs 10 5.1. Manier van onderwijs geven (werkwijze) 10 5.2. Groepsverdeling 11 5.3. Nieuwe leerlingen in de school 11 5.4. Taken van het team 12 5.5. Onderwijsactiviteiten 13 5.6. Schoollogopedie 14 5.7. Jeugdgezondheidszorg 14 5.8. Logopedie 15 5.9. Opvoedspreekuur Rivas Zorggroep 15 5.10. Medicijngebruik 15 5.11. Hoofdluis 16 6. Doelen en resultaten van het onderwijs 17 7. De zorg voor kinderen 18 7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften 18 7.2. Informatie aan de ouders 18 7.3. Leerlingendossier 19 7.4. Zorgplan 19 7.5. Procedure 19 7.6. Kinderen met een handicap 19 7.7. Dyslexieprotocol 20 7.8. Bovengemiddelde leerlingen 20 8. Onderwijstijd en lesverzuim 21 9. Ouderbijdrage 21 10. Rechten en plichten van ouders/verzorgers, bevoegd gezag en leerlingen 22 10.1. Klachtenprocedure 22 10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering 22 10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen 23 10.4. Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aansprakelijkheid 23 10.5. Ondersteunende werkzaamheden 25 10.6. Contacten met de ouders 25 10.7. Buitenschoolse opvang 26 Tenslotte 26
2. DE SCHOOL
2.1. Naam en richting De Eben-Haëzerschool te Leerbroek gaat uit van de Vereniging Eben-Haëzer voor Christelijk Schoolonderwijs te Leerbroek.
De grondslag voor alle facetten van het onderwijs op onze school is Gods onveranderlijke Woord. Aan dat Woord worden de beginselen voor onderwijs en opvoeding ontleend, overeenkomstig de uitleg in de “Drie formulieren van Enigheid”.
2.2. Identiteit De identiteitsdefinitie van onze school is o.a. ontleend aan de statuten van de schoolvereniging en luidt als volgt: De vereniging heeft als grondslag de Heilige Schrift als het onfeilbare Woord van God, zoals daarvan belijdenis wordt gedaan in de art. 2 tot en met 7 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Daarbij onderschrijft de vereniging geheel en onvoorwaardelijk de Drie Formulieren van Enigheid zoals deze zijn vastgesteld door de Nationale Synode, gehouden te Dordrecht in de jaren 1618/1619. De Vereniging maakt gebruik van de getrouwe overzetting van de Heilige Schrift uit de oorspronkelijke talen in de Nederlandse taal volgens het besluit van voornoemde Synode.
De opdracht met betrekking tot onze identiteit vinden we vooral verwoord in Psalm 78:1-7 onberijmd. Als kern vermelden we hier vers 4: Wij zullen het niet verbergen voor hunne kinderen, voor het navolgende geslacht, vertellende de loffelijkheden des HEEREN en Zijne sterkheid en Zijne wonderen, die Hij gedaan heeft. De Bijbel opgevat naar de drie Formulieren van Enigheid vormt de grondslag van al ons handelen. We zullen maatschappelijke eisen daarom altijd toetsen aan deze grondslag en zien het als onze taak de Christelijke identiteit vast te houden. De Heere Jezus vat de Wet (de tien geboden) samen door te benadrukken, dat het daarin gaat om de liefde tot God en de naaste. Dit behoort ook in onze school voor iedereen het uitgangspunt te zijn. Het voorleven door de leerkrachten neemt daarbij een belangrijke plaats in. We hopen op deze wijze de kinderen te brengen tot de Heere Jezus.
Bij het onderwijs wordt gebruik gemaakt van de Statenvertaling en de psalmberijming van 1773. Het gebruik maken van het onderwijs op onze school voor eigen of toevertrouwde kinderen staat een ieder in de kern Leerbroek en omstreken vrij. Het bestuur heeft een wettelijk recht om de toelating tot de school te weigeren of geplaatste kinderen niet meer toe te laten, wanneer daarvoor naar het oordeel van het bestuur redenen aanwezig zijn. Door het bestuur is een stappenplan vastgesteld dat wordt toegepast bij eventuele verwijdering van leerlingen.
2.3. Lidmaatschap schoolvereniging Onze school gaat uit van een vereniging. Ouders (en anderen die de school een warm hart toedragen) vormen, mits zij de identiteit van de school onderschrijven, de leden van deze vereniging. Ouders die op het aanmeldingsformulier aangeven, dat zij de grondslag en de doelstelling van de school onderschrijven worden over een eventueel lidmaatschap door de secretaris benaderd. Het bestuur beslist vervolgens in haar eerstvolgende vergadering over toelating. De leden van de vereniging worden uitgenodigd om minimaal éénmaal per jaar bijeen te komen in een vergadering. Daar kunnen zij ook blijk geven van hun betrokkenheid bij de schoolvereniging. Op de ledenvergadering wordt een contributiebedrag voorgesteld. Uit die contributie worden zaken betaald die niet door het rijk vergoed worden en toch nodig zijn op school.
2.4. Situering van onze school Onze leerlingen komen voornamelijk uit de woonkern Leerbroek (Gem. Zederik). Een aantal leerlingen komt uit naburige woonkernen. Op de teldatum 1 oktober 2010 telden we 215 leerlingen. Onze school is gelegen in een landelijke omgeving en is de enige school te Leerbroek.
3. WAAR DE SCHOOL VOOR STAAT
3.1. Doel Onze school wil de kinderen: - naar ons vermogen ‘helpen te onderwijzen in de voorzeide leer’ (zie het formulier om de Heilige Doop te bedienen). - met elk hun eigen talenten en ontwikkelingsvoortgang toerusten tot voorbereiding op een taak in de maatschappij.
Anders gezegd, als doel van de opvoeding zien wij: De vorming van de mens tot een zelfstandige, God naar Zijn Woord dienende persoonlijkheid, geschikt en bereid al de gaven, die hij van God ontving, te besteden tot Gods eer en tot heil van het schepsel, in alle levensverbanden waarin God hem plaatst! (Prof. J.Waterink).
3.2. Uitgangspunten a. Samenvattend kunnen we zeggen, dat elk mens door God geschapen is. Het doel was dat hij God Zijn Schepper recht zou kennen, Hem van harte liefhebben en met Hem in de eeuwige zaligheid zou leven, om Hem te loven en te prijzen ‘(H.C. vr. en antw.6). De mens was beelddrager Gods. Door onze zonden echter, al begonnen in het Paradijs, voldoet niemand hier meer aan, tenzij hij/zij wederom geboren wordt door Woord en Geest. Als ouders en school behoren we de kinderen daarom, al jong te onderwijzen uit Gods Woord (zie ook Deuteronomium 6, Psalm 78 en Spreuken 22 : 6). Al ons onderwijs heeft als eerste doel om de kinderen te brengen tot de kennis van Jezus Christus en Die gekruisigd als de enige Zaligmaker der wereld. We dienen hen op te leiden tot de vreze des Heeren als beginsel van alle wijsheid. b. Elk kind heeft zijn eigen talenten en gaven gekregen. Dat betekent ook dat niet aan elk kind dezelfde eisen gesteld kunnen worden. Onze school heeft wel als taak voor alle kinderen om een bepaald minimum aan leerdoelen na te streven. Wij geven les in een gematigd leerstofjaarklassensysteem. Dat wil zeggen, binnen het systeem zijn er aanpassingen aan de talenten van de kinderen, indien nodig en voor zover mogelijk. c. Het bovenstaande krijgt gestalte door binnen de groepen bij de hoofdvakken te werken in drie niveaus.
3.3. pedagogisch klimaat van de school Dit zegt iets over omgangsstijlen, interactiepatronen, klassenmilieu en veiligheid op school. In de groep heeft de leerkracht het gezag waaraan de leerlingen behoren te gehoorzamen. Hij/zij stelt regels en let op de naleving ervan. De leerkracht ontleent zijn gezag aan het vijfde gebod. Dat betekent bijvoorbeeld ook dat hij niet gehoorzaamd kan worden, als hij iets zou eisen wat tegen Gods geboden ingaat. Deze heilzame geboden verhinderen dat in ons (godsdienst) onderwijs wordt aangezet tot b.v. discriminatie, haat of intolerantie. Immers, onze medemensen zijn net als wij door de rechtvaardige en barmhartige Schepper van hemel en aarde geschapen. De leerkracht is geroepen zijn gezag op een zodanige wijze vorm te geven dat de kinderen, elk met hun eigen gaven en talenten, hem kunnen vertrouwen, zich veilig voelen, indien nodig zich laten corrigeren enz. Kortom: de leerkracht moet liefde voor de hem toevertrouwde kinderen hebben.
Enerzijds zijn binnen het team afspraken gemaakt t.a.v. organisatie, leerstof en het gebruik van leer- en hulpmiddelen o.a. dia’s, DVD’s, digitaal schoolbord e.d. Anderzijds is niet alles over interactiepatronen te beschrijven, want elke leerkracht heeft zijn eigen stijl, karakter en manier van werken, waardoor er in elke groep een specifieke sfeer aanwezig is. Elke persoonlijkheid straalt iets uit naar zijn omgeving. Voor zowel de omgang tussen de leerkrachten en leerlingen geldt, zowel onder elkaar als met elkaar, dat een christelijke levensstijl zichtbaar en hoorbaar moet zijn. Dit houdt ook in dat we een veilige en een schone school willen zijn. Over deze begrippen zijn in de school afspraken gemaakt, zowel op school- als klassenniveau.
Tevens zijn wij van mening dat ook in deze zaak van het pedagogisch klimaat gezin, school en kerk elkaar dienen te helpen en te ondersteunen.
3.4 KERNWOORDEN
Vertrouwd: De ouders vertrouwen hun kinderen aan ons toe. Bij alle activiteiten in de school zijn er herkenbare elementen van thuis. Leerkrachten kennen de kinderen. In het bijzonder willen we de christelijke opvoeding ondersteunen. We onderwijzen de kinderen uit Gods Woord. Het Christelijk geloof wordt direct vertaald naar het dagelijkse leven. De herkenbaarheid van deze manier van leven is kenmerkend voor onze school.
Veilig: In onze school willen we dat alle kinderen weten dat ze welkom zijn. Ze kunnen in alle rust spelen en leren. We zorgen voor een veilige schoolomgeving en leren kinderen hoe ze voor elkaar kunnen zorgen. Deze veiligheid is de basis voor ons werk.
Verrijkend: Ons onderwijs vormt kinderen tot volwassenen die zelf verantwoordelijkheid kunnen dragen. Binnen de vertrouwde en veilige schoolomgeving reiken we de kinderen de vaardigheden aan waarmee ze een God en de naaste dienende persoon mogen worden, in overeenstemming met de hen toevertrouwde talenten. Ook streven we verrijking na door elke leerling onderwijs te bieden waardoor hij of zij groeit.
4. SCHOOLGEGEVENS
4.1. Namen en adressen: Bestuur:
Personeel:
Vertrouwenspersoon: Dhr. J. Verrips Middelkoop 68 4245 TV Leerbroek tel. 0345 599650.
4.2. Andere adressen Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) Postbus 31, 2840 AA Moordrecht. Tel. 0182-378222. Klachtencommissie (contactpersoon mr L.J. van de Heuvel) Zomerhuis 8, 2411 LH Bodegraven. GGD (Schoolarts Dhr. Van Eeden) Karel Lotsyweg 40, 3318 AL Dordrecht, tel 078 7708500, www.ggdzhz.nl Inspectie van het onderwijs E-mail: info@owinsp.nl / website: www.onderwijsinspectie.nl Vragen over onderwijs: 0800 - 8051 (gratis) Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt vertrouweninspecteurs 0900 - 111 3 111 (lokaal tarief)
4.3. Schoolgebouw Leerbroekseweg 7 Tel. 0345-599567 Fax. 0345-599874 E-mail: directie@pcbsleerbroek.nl Internet: www.pcbsleerbroek.nl
4.4. Vakantieregeling 2011-2012
De eerste dag van het nieuwe schooljaar is DV maandag 20 augustus Vakantie naast bovengenoemde vakantiedagen kan alleen in bijzondere gevallen!! We hebben de plicht de betreffende regels daarover strikt na te volgen. Dat geldt ook voor vrije dagen tussendoor.
5. DE ORGANISATIE VAN HET ONDERWIJS 5.1. Manier van onderwijs geven (werkwijze) In groep 1 en 2 wordt thematisch gewerkt. Het accent ligt op spelend leren. Er wordt nadrukkelijk aangesloten bij de belevingswereld van het jonge kind. Hoe ouder de leerlingen worden, hoe meer de rol van de leerkracht in het leerproces verandert, van sturend op de achtergrond naar nadrukkelijk leiding geven aan. Bij alle activiteiten proberen we niet alleen te letten op het onderwijsproces, maar ook op het onderwijsproduct. Bij oudere leerlingen staat de leerstof steeds meer centraal. Wel blijft er tot en met groep 8 ruimte voor zelfontdekkend leren, zoals bijvoorbeeld hoekenwerk, zelfstandige werkmomenten, documentatiecentrum e.d. Vanaf groep 3 wordt er gewerkt in een leerstofjaarklassensysteem (elk kind maakt in dezelfde groep op dezelfde tijd dezelfde lessen), doch dit systeem wordt flexibel gebruikt met het oog op differentiatie en onderwijs op maat, zodat er recht gedaan kan worden aan de eigen gaven en talenten van de kinderen.
Driestromenland Tijdens de vorige twee schooljaren is er een begin gemaakt aan het werken in drie niveaus. De materialen in de groepen 1 en 2 zijn onderverdeeld in ontwikkelingsgebieden. We bieden een rijke leeromgeving aan waarin kinderen uitdaging kunnen vinden en krijgen aangeboden op hun niveau. In de overige groepen wordt bij het vak rekenen en begrijpend lezen in drie niveaus gewerkt. 1) Het minimumniveau (blauw): deze kinderen maken niet alle opgaven en krijgen extra automatisering. 2) Het basisniveau (geel): deze kinderen maken alle opgaven. 3) Het plusniveau (rood): deze kinderen maken niet alle opgaven en krijgen extra verdieping. In het voorgaande schooljaar hebben we nagedacht over de gevolgen van deze manier van werken voor de becijfering en de rapportage. Tot nu toe volstaan we met een opmerking op het rapport. We denken na over een systeem binnen de rapportage zelf, maar weten niet wat daarin de mogelijkheden van ons computerprogramma zijn. Daarin gaan we ons dan ook verdiepen.
Zelfstandig werken. Eén van de voorwaarden voor het werken in drie niveaus is, het zelfstandig werken van de leerlingen. Daarbij zijn samenwerken en helpen van elkaar belangrijke aspecten. Zelfstandig werken vindt ook plaats bij andere vakgebieden.
ICT(Informatie Communicatie Techniek)-onderwijs. In ieder lokaal staan meerdere computers. In de lokalen 3 t/m 8 zijn netwerken aangelegd. Deze worden gebruikt bij zelfstandig werken en o.a. de vakken: rekenen, ned. taal en aardrijkskunde. In de onderbouw gebruikt men programma’s om ontwikkelingsgebieden te verkennen. Het huidige ICT-beleidsplan wordt gewijzigd, omdat we tot een betere aansluiting met het vervolgonderwijs willen komen.
Wetenschap en techniek. De aandacht voor wetenschap en techniek past binnen de visie van onze school, met name omdat het voor alle leerlingen verrijkend is. Psalm 8 :2: O HEERE, onze Heere, hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! Gij, Die Uw majesteit gesteld hebt boven de hemelen. Kennis over Gods schepping zal ons helpen om God te erkennen in Zijn majesteit. Door de technieklessen willen we bij kinderen belangstelling wekken voor een beroep in de techniek. Werken in de techniek en in de wetenschap is boeiend voor jongens en meisjes. Door hen er al jong mee in aanraking te brengen kunnen ze later een goede keuze maken. We besteden aandacht aan dit onderdeel door bijv. Ø Het werken met lego, dactylo en knex enz. Ø De aanschaf van leermiddelen met lesideeën die we voor dit onderdeel kunnen inzetten. Ø Het meedoen aan excursies van en naar bedrijven. Ø Het deelnemen aan techniektoernooien. Ø Het uitnodigen van gastdocenten (bijv. de techniekcoach) die technische lessen verzorgen. Ø Verder volgen we de ontwikkelingen in de regio op dit gebied. We hebben er voor gekozen om techniek een plekje te geven binnen het vak crea (tekenen en handvaardigheid) en natuur.
Cultuureducatie. In de onderbouw geven we dit gestalte door het aanbieden van muzieklessen vanuit stichting TOON. In de bovenbouw bezoeken we musea en monumenten. Ook het aandacht geven aan schilderijen (die een half jaar in de school hangen en dan vernieuwd worden) vormt hier een onderdeel van.
Natuureducatie. We vinden het belangrijk dat de kinderen natuurervaringen opdoen in de (directe) omgeving. Daarom maken we uitstapjes in het veld of bijv. naar het natuurcentrum “De Schaapskooi”. Er zijn gelden vrijgemaakt om materialen aan te schaffen voor onderzoek naar planten, bomen, beestjes, vogels enz.
Schone school. Al eerder hebben we samen met alle kinderen het predikaat Schone School 2007 behaald. Het bordje hangt naast de ingang van de school. En schoon willen we graag blijven, daarom vraagt dit steeds onze aandacht. Ook dit is een stukje (milieu)opvoeding.
5.2. Groepsverdeling Onze school is verdeeld in jaargroepen. Als het enigszins kan, willen we combinatiegroepen vermijden. Ook streven wij ernaar om de jongere groepen niet te groot te maken. De gemiddelde groepsgrootte is normaal gesproken circa 25 leerlingen. Daarnaast wordt er een zorgklas gevormd voor 5 ochtenden. Hierin worden leerlingen geplaatst die een eigen programma volgen. Tevens proberen we te bevorderen dat er niet meer dan twee leerkrachten per groep les geven. Groep 0/1A Juffrouw Mary en juffrouw Betty (dinsdagochtend en donderdagochtend) Groep 0/1B Juffrouw Hetty (dinsdag en donderdag) Juffrouw Pia (maandag en woensdagochtend) Juffrouw Hetty neemt ouderschapsverlof op. Daarom zal de ene donderdag door haar les gegeven worden en de andere donderdag door Juf Pia. Groep 2 Juffrouw Esther (maandag en dinsdag) en Juffrouw Lucy (woensdag, donderdag en vrijdagochtend) Groep 3 Juffrouw Bogerd en juffrouw Gerian (maandag). Juffrouw Gerdien zal vooral aan kinderen uit deze groep zorg verlenen. Groep 4 Juffrouw Annica. In deze groep worden vier ochtenden onderwijsondersteunende activiteiten verricht door juffrouw Annemieke. De kinderen van groep 1 t/m 4 hebben vrijdagmiddag vrij. Groep 5 Meester van den End en meester van der Plas (woensdagochtend) Groep 6 Juffrouw Sarieke en meester van der Plas (aantal maandaen) Groep 7 Meester Kramer, juffrouw van Laar (dinsdag) en juffrouw Marthéze (woensdag) Groep 8 Juffrouw Ingrid en Juffrouw Anja (dinsdag)
5.3. Nieuwe leerlingen in de school - Plaatsing van vierjarigen. Op de inschrijfmiddag, meestal in februari, kunt u uw kind aanmelden voor het volgende cursusjaar. Er liggen dan inschrijfformulieren klaar, die u mee naar huis krijgt. Als u een inschrijfformulier ondertekend hebt ingeleverd, met een kopie van het burgerservicenummer document van uw kind, krijgt u na verloop van tijd met uw kind een uitnodiging voor een kennismakingsochtend of –middag. Dit gebeurt twee keer per jaar. Met nieuwe ouders houdt de directeur een kennismakingsgesprek. Hij maakt daarvoor een afspraak.
De instroom is dit jaar als volgt geregeld. - Kinderen die tot 1 oktober 4 jaar worden, komen in groep 1 terecht. Deze kinderen mogen voor hun verjaardag naar school. Echter niet meer dan vijf keer. - Kinderen die na 30 september 4 jaar worden, mogen met ingang van hun vierde verjaardag naar school komen. Zij komen in groep 0/1A of groep 0/1B. De verdeling is aan de betreffende ouders bekend gemaakt. Kort voor de vierde verjaardag ontvangt uw kind een kaart met de noodzakelijke gegevens (datum, tijd, juf, lokaal e.d.) om naar school te komen.
- Plaatsing van kinderen die tussentijds bij ons op school komen. Als u door verhuizing of vanwege een andere oorzaak uw kinderen bij ons op school wilt aanmelden, kunt u contact opnemen met de directie. U ontvangt dan de benodigde informatie en u wordt uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek.
5.4. Taken van het team Wie werken er in de school? Directeur en adjunct. (meester van der Plas en meester Kramer) De directeur is belast met de dagelijkse leiding van de school en eindverantwoordelijk voor de totale gang van zaken. Hij is verantwoordelijk voor de uitvoering van het door het bestuur vastgestelde beleid. Op een aantal maandagen en woensdagochtend heeft de directeur lesgevende taken. De andere dagen is hij ambulant voor het uitvoeren van zijn directietaken. De adjunct-directeur staat de directeur ter zijde bij de uitvoering van de directietaken. Onderling is een taakverdeling afgesproken. Hij is iedere dinsdag ambulant. Groepsleerkrachten. Zij zijn verantwoordelijk voor het onderwijsleerproces in de groep. De groepsleerkracht geeft vorm aan het onderwijsprogramma, houdt de resultaten van de leervorderingen bij en rapporteert intern aan de directieleden en extern aan de ouders. Zij zijn het eerste aanspreekpunt als u vragen hebt over het onderwijs aan uw kind(eren). Intern begeleider. Aan onze school hebben drie leerkrachten deze taak: Juffrouw Talitha voor groep 1 en 2 Juffrouw Gerdien voor groep 3 t/m 6 Meester Kramer voor groep 6, 7 en 8 Zij zijn met de groepsleerkrachten betrokken bij de extra zorg voor leerlingen buiten en/of binnen de groep. ICT-coördinator (meester van den End) Hij coördineert in overleg met de directeur alle activiteiten die betrekking hebben op het gebruik van computers en wat ermee samenhangt. Leerkracht crea (juf de Groot) Zij geeft aan de kinderen van groep 5 t/m 8 crealessen. (Handvaardigheid, tekenen en textiele vaardigheden). Zie ook 5.1 onder wetenschap en techniek. SOVA-leerkracht (juf Marthéze) Zij geeft aan alle kinderen van groep 6 –in groepjes- les in sociale vaardigheden. Het is een training waarbij ook de ouders via voorlichting en huiswerk betrokken worden. Het is belangrijk, dat u uw kind hierbij ondersteunt.
5.5. Onderwijsactiviteiten Bijbels onderwijs wordt gegeven in de groepen 1 t/m 8. De school maakt gebruik van de Statenvertaling. De psalmen volgens de berijming van 1773 worden aangeleerd. Er is een psalmenrooster, waarbij de psalmen over de diverse leerjaren zijn verdeeld. In de groepen 7 en 8 wordt ook nog kerk- en zendingsgeschiedenis gegeven. En in groep 8 wordt uit de Heidelbergse Catechismus geleerd.
Algemeen Tijdens het schooljaar vinden er verscheidene groepsoverstijgende activiteiten plaats. Een aantal daarvan noemen we in deze gids. De anderen verneemt u via de nieuwsbrief. · Vieringen De kerstviering van de kleuters wordt gehouden met de ouders in de hal van de school. Kerst, Pasen en Pinksteren wordt in de groepen 3 t/m 8 als volgt gevierd. Volgens een driejarige cyclus wordt één van deze drie heilsfeiten(ieder jaar een ander) met de ouders gevierd in “De Schakel”. Het tweede wordt in de hal van de school gevierd met de kinderen gezamenlijk. Het derde wordt in de eigen groepen gevierd. In de nieuwsbrief delen we mee hoe het dit schooljaar precies is geregeld. · 5 december De kinderen van de laagste groepen krijgen een cadeautje. De kinderen van de hogere groepen maken een surprise voor elkaar. Voor kinderen die niet mee mogen doen is er een apart programma.
Onderbouw (groep 1 en 2) In de onderbouw wordt het onderwijs vorm gegeven vanuit ontwikkelingsgebieden, waaronder: zintuiglijke ontwikkeling, taalactiviteiten, werken met ontwikkelingsmateriaal, bewegings- en expressieactiviteiten en sociale ontwikkeling. De dagactiviteiten zijn in grote lijnen als volgt: ontvangstgesprek, vertelling uit de Bijbel, werkles, eten en drinken, bewegingsonder-wijs, arbeid naar keuze (spelen in de hoeken en met ontwikkelings-materiaal), afgewisseld me liedjes, taalspelletjes, enz. Deze vorm van onderwijs heeft een projectmatig karakter. Er wordt in deze gropeen gebruik gemaakt van een planbord. Daarop kunnen de kinderen zien wat ze gedurende de dag gaan doen.
Midden- en bovenbouw Basisvaardigheden. Nadat in groep 2 ‘gewerkt’ is aan de voorbereiding voor de basisvaardigheden, wordt in groep 3 begonnen met het leren lezen, schrijven, taal en rekenen (meer methodisch). Wereldoriëntatie. Vanaf groep 3 wordt apart aandacht besteed aan verkeer en biologie. We beginnen bij deze vakgebieden dicht bij het kind. Vanaf groep 5 besteden we ook aandacht aan vaderlandse geschiedenis en aardrijkskunde. Parate kennis aanbrengen neemt bij deze zaakvakken ook een belangrijke plaats in. Daarom wordt in de hogere groepen regelmatig huiswerk gegeven. Dit is ook een goede voorbereiding op het vervolgonderwijs. Verkeer. Om het verkeersonderwijs praktische invulling te geven doen we mee met School op Seef. Alle groepen krijgen per jaar een aantal praktische lessen. Bijvoorbeeld fietsvaardigheid, oversteken enz. Expressie activiteiten. Deze staan vanaf groep 3 ook als een apart vak op het activiteitenplan. Bewegingsonderwijs. Voor dit vak gelden kledingvoorschriften. Dat houdt in, dat kinderen een apart broekje en shirt of gympakje dragen. Ook het dragen van gymschoenen is verplicht. Extra Onder leiding van dhr. C. van den End is er een schoolorkest. Eén van de leerkrachten geeft blokfluitles. 5.6. Schoollogopedie Op onze school komt wekelijks een logopediste. Deze logopediste maakt, evenals de jeugdarts en de verpleegkundige, deel uit van de afdeling Jeugdgezondheidszorg van de G.G.D. De logopediste houdt zich bezig op school met kinderen, die problemen hebben met o.a.: - de taalontwikkeling (b.v. kleuters, die te lang blijven praten in te korte of verkeerd gevormde zinnen), - het spreken (b.v. kinderen, die moeite hebben met het uitspreken van klanken of klankverbindin-gen onder andere ten gevolge van duimzuigen), - de stem (schor, hees), - vloeiend spreken. De logopediste heeft tevens een preventieve taak bij het signaleren van slechtademende kinderen, van schadelijke mondgewoonten (o.a. mondademen, duimzuigen) e.d. Alle kinderen uit groep 2 worden aan het begin van het schooljaar gescreend. Verder kunnen de kinderen uit de andere groepen het gehele jaar worden aangemeld voor nader onderzoek, zowel door de ouders als door de leerkracht (in overleg met de ouders). De kosten van een eventuele behandeling zijn voor rekening van de ouders en kunnen bij hun eventuele ‘zorgverzekeraar’ worden gedeclareerd. Zonodig kunnen ouders de schoollogopediste bellen 0183-699799.
5.7. Jeugdgezondheidszorg GGD Om te bereiken dat alle kinderen in Nederland dezelfde zorg krijgen, heeft de GGD een zogenaamd basispakket ontwikkeld. Dit houdt in dat:
* alle kinderen in groep 2 en hun ouders een uitnodiging krijgen voor een onderzoek door de jeugdarts en de assistente * de kinderen in groep 4 worden gemeten en gewogen Naast dit basispakket voert de GGD ook extra taken uit. De gemeenten kijken waar extra zorg nodig is, vaak in overleg met de scholen en vragen de GGD en andere instellingen dat uit te voeren. Zo is op veel scholen een multidisciplinair team werkzaam. Ook voorlichting en opvoedcursussen vallen onder deze extra zorg.
De GGD denkt met deze zorg de kinderen en hun ouders goed van dienst te kunnen zijn. En natuurlijk kunt u altijd met uw vragen bij de jeugdarts of jeugdverpleegkundige terecht. De door de GGD aangeboden zorg valt niet onder verantwoordelijkheid van het bestuur of de school. Dat geldt uiteraard ook voor de informatie die u van de GGD aangereikt krijgt in de vorm van folders enz.
5.8. LOGOPEDIE Goed leren spreken en luisteren is voor een kind van groot belang. Het is noodzakelijk voor een goede ontwikkeling; verstandelijk, emotioneel en sociaal. Ook beïnvloedt het de leerprestaties, zoals het leren lezen en schrijven. In het dagelijks leven is het belangrijk om goed te kunnen communiceren. Het is dan ook van belang om problemen in de (mondelinge) communicatie te voorkomen. Zijn er (beginnende) problemen, dan is het belangrijk daar in een vroeg stadium en in nauwe samenwerking met ouders en leerkrachten iets aan te doen.
Ouders en leerkrachten kunnen kinderen van alle leeftijden het hele jaar door aanmelden bij de logopedist van de Logopedische Dienst Kring Sliedrecht voor advies of nader onderzoek. Bij alle kinderen in groep 2 neemt de logopedist na de zomervakantie de logopedische screening af. Hierbij wordt gekeken naar taal, spraak, mondfunctie, gehoor, luistervaardigheid en stem.
Na een logopedisch onderzoek of de logopedische screening kan het kind, in overleg met de ouders ingeschreven worden bij de logopedische dienst . Hierna is het volgende mogelijk: · jaarlijkse controle aan het eind van het schooljaar, om het juiste moment van eventuele behandeling te kunnen bepalen · advisering · logopedische behandeling van het kind · verwijzing naar bijvoorbeeld huisarts, KNO-arts, tandarts, stottertherapeut of fysiotherapeut Hebt u nog vragen, dan kunt u contact opnemen met Karin Scheffers, de logopedist die voor de school van uw kind werkzaam is. Tel: 0183-699799 / e-mail: k.scheffers@ldks.nl
5.9. Opvoedspreekuur Rivas Zorggroep Na de zomervakantie kunt u weer gebruik maken van het spreekuur in de Brede School in Lexmond. U kunt hier elke vrijdagochtend tussen 8.30 uur en 11.30 uur terecht met al uw vragen over de opvoeding van kinderen in de leeftijd van 0 t/m 18 jaar (m.u.v. de schoolvakanties).Tijdens het spreekuur wil ik samen met u zoeken naar een passende oplossing voor uw opvoedingsvragen. Meestal is een gesprek voldoende, maar soms zijn meerdere gesprekken nodig om een antwoord te vinden. Naast het opvoedspreekuur is het ook mogelijk om een afspraak te maken voor een telefonisch consult of voor een huisbezoek. Een bezoek aan school of kinderdagverblijf behoort ook tot de mogelijkheden. Op deze manier krijg ik een beter beeld van uw kind, zodat ik tot een beter advies aan u en/of de leerkracht of leidsters op het kinderdagverblijf kan komen. Als het nodig is, kan ik u ook ondersteunen bij het vinden van andere hulp. Er zijn geen kosten verbonden aan het opvoedspreekuur en u kunt zonder verwijzing een afspraak maken via de Zorglijn van Rivas. Het telefoonnummer is 0900-8440. Ook kunt u vrijdagochtend langslopen om te zien of mijn deur open staat. U kunt dan zo binnenlopen. Wie weet tot snel. N.B. Ellen Kanselaar is gestopt met dit werk. Op dit moment is niet bekend wie haar opvolger is. Het spreekuur zelf blijft wel bestaan en is dus op hetzelfde nummer bereikbaar.
5.10. MEDICIJNGEBRUIK Als uw kind structureel medicijnen gebruikt willen we dat graag weten. Vooral als het gebruik ervan gevolgen heeft voor bepaalde schoolsituaties is het belangrijk dat we daarvan op de hoogte zijn. We zullen deze gegevens uiteraard zorgvuldig behandelen. De -op dat moment- verantwoordelijke leerkracht van uw kind zal er een notitie van maken in het leerlingendossier. Het is dan de volgende jaren ook bekend bij de toekomstige leerkracht(en). Als uw kind op school medicijnen tot zich moet nemen meldt u het ook aan de leerkracht. Deze noteert ook dit gebruik in het leerlingendossier. Tevens maakt hij of zij afspraken met u over het opruimen en innemen van deze medicijnen. Normaliter wordt het in een afgesloten bakje in het betreffende lokaal of -zo nodig- in de koelkast bewaard. Maar als dat nodig is kunnen er ook andere afspraken gemaakt worden. De afspraken worden door de leerkracht genoteerd en in de groepsmap bewaard en weer doorgegeven aan de volgende leerkracht. Bij wijzigingen in het medicijngebruik van uw kind, moet u de verantwoordelijke leerkracht daarvan op de hoogte stellen. Het stoppen met of wijzigen van het medicijngebruik wordt weer door de leerkracht genoteerd in het leerlingendossier en -zo nodig- in de groepsmap bewaard. Ook meldingen van allergieën die op school bekend moeten zijn zullen we op de hierboven beschreven manier behandelen. 5.11. HOOFDLUIS Er is aan onze school een hoofdluizencommissie ingesteld, bestaande uit acht ouders. Contactpersoon van deze commissie is Mevr. R. van Asselt, Leerbroekseweg 17, tel. 0345 621471. De andere leden zijn: H. Kok, A. Griffioen, T. Koemans, M. den Besten, A. Boot, M. van Zessen en A. Blasse. Elk schooljaar vindt er vijf keer per jaar een controle plaats. Dat gebeurt elke maandagmorgen na de zomer-, herfst-, kerst-, voorjaar- en meivakantie. Voor de afwezige kinderen wordt er in die week op donderdagmorgen extra gecontroleerd. Wilt u er voor zorgen, dat de meisjes op deze controlemomenten een makkelijk kapsel en de jongens geen gel hebben? Bij een melding tussendoor (dat moet u dus wel blijven doen!) vindt er in de groep van het betreffende kind en de groepen van broertje(s) of zusje(s) zo snel mogelijk een controle plaats. Deze controle wordt niet vooraf aangekondigd. Als er bij uw kind hoofdluizen en/of neten worden gevonden krijgt u nog diezelfde dag een telefoontje van meester van der Plas. Het is de bedoeling, dat u het bezoek vervolgens “te lijf” gaat. De jassen (en evt. sjaals en wanten) van de kinderen in de betreffende groep worden in luizenzakken aan de kapstok gehangen. Dat gebeurt ook na een tussentijdse melding. Na een week wordt de betreffende groep nog een keer gecontroleerd. Ook dan krijgt u een telefoontje als er bezoek is. Kinderen waarbij hoofdluizen en/of neten gevonden worden mogen die dag overigens gewoon op school blijven. Alleen als u geen bestrijdingsmiddel in huis hebt en niet naar de winkel kunt gaan, kunt u dat bij Mevr. Van Asselt verkrijgen. De luizenzakken kunnen gewassen worden. Dat is overigens niet bedoeld om luizen en/of neten te doden, want die kunnen tegen de aangegeven wastemperatuur. We geven de zakken dus mee naar huis als ze vuil zijn. Bij vragen kunt u die stellen aan de contactpersoon of aan meester van der Plas.
6. DOELEN EN RESULTATEN VAN HET ONDERWIJS
De kerndoelen voor het basisonderwijs zijn wettelijk goedgekeurd. Deze kerndoelen zijn richtlijnen voor het bewaken van de kwaliteit van het onderwijs. Alle scholen voor basisonderwijs zijn verplicht aan de kerndoelen te voldoen. Ook willen we als schooldoel vermelden dat we ernaar streven ieder kind een ononderbroken ontwikkelingsproces aan te bieden, zodat in principe iedere leerling in acht jaar de school kan doorlopen. Soms geldt voor een leerling dat hij of zij meer dan acht jaar nodig heeft om het gehele traject van de basisschool te doorlopen. Is het dan noodzakelijk dat een jaar over gedaan moet worden, dan gebeurt zo’n belangrijke actie altijd in overleg met de ouders. Het behoort tot de competentie van de school dat zij in deze zaak de eindbeslissing neemt. In sommige gevallen wordt ook gedacht aan een jaar overslaan. Ook dat gebeurt in overleg met de ouders.
In de komende jaren zullen we nagaan welke onderwijskundige maatregelen genomen dienen te worden om ons onderwijs kwalitatief nog meer te verbeteren. In het schoolplan, dat gemaakt is voor de periode 2011-2015, is hiervoor een verbeterplan opgesteld. Van die plannen wordt u op de hoogte gehouden.
Voor de vakken rekenen&wiskunde, lezen, spelling, woordenschat en studievaardigheden maakt de school gebruik van de genormeerde toetsen van het Cito-leerling-volgsysteem. Hiervoor hanteren we een toetskalender. In mei van elk schooljaar maakt groep 7 de entreetoets. Met behulp van de uitslag van deze toets kunnen we zien wat we in groep 8 extra aandacht moeten geven voor de totale groep (begrijpend lezen en schema’s/tabellen/grafieken)) en voor de kinderen apart. Halverwege elk schooljaar maakt groep acht de Cito-Eindtoets Basisonderwijs. De uitslag daarvan wordt gebruikt voor het adviseren van de ouders bij de schoolkeuze van hun kind(eren) naar het vervolgonderwijs. Bij de laatstgehouden eindtoets is de score hoger dan het landelijk gemiddelde. U kunt dat zien in onderstaande tabel. Ook de voorgaande jaren staan afgedrukt.
We krijgen als school door de eindtoets ook een beeld van de zwakke en sterke onderdelen. We nemen die punten mee in onze kwaliteitszorg.
Het percentage leerlingen dat naar de diverse vormen van vervolgonderwijs gaat, wisselt van jaar tot jaar. Het is afhankelijk van de samenstelling van groep 8. De schoolkeuze voortgezet onderwijs is afhankelijk van 3 elementen: de capaciteiten van een kind, de kwaliteit van de basisschool en de thuissituatie. Wij stellen ons ten doel het maximale uit elk kind te halen en er zodoende voor te zorgen dat het kind in de meest geschikte vorm van voortgezet onderwijs terecht komt en op die school goed kan meekomen. In de achterliggende jaren hebben onze leerlingen de volgende adviezen meegekregen voor het vervolgonderwijs: 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011
VMBO BK 40% 35% 28% 44% 20% 56% 23% VMBO GT 42% 20% 28% 24% 18% HAVO/VWO 60% 65% 30% 36% 52% 20% 59%
Dit schooljaar is er één leerling terug verwezen naar het speciaal onderwijs.
7. DE ZORG VOOR KINDEREN
De zorg voor de kinderen is natuurlijk in eerste instantie de zorg die elke groepsleerkracht dagelijks in de groep aan de kinderen besteedt. Maar daarnaast zijn er leerlingen die extra zorg nodig hebben. Hulp aan de kinderen die extra zorg nodig hebben vindt vooral in de groep plaats. Daarnaast is er ook zorg die buiten de groep gegeven wordt. We hebben daar in de school een aparte ruimte voor. Sommige leerlingen kunnen daarnaast in een aparte zorggroep geplaatst worden voor rekenen&wiskunde, taal en lezen. Deze zorggroep werkt 4 ochtenden per week in een eigen lokaaltje met een eigen leerkracht. Over de organisatie van deze leerlingenzorg gaat het in dit hoofdstuk.
7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften Individuele begeleiding: Signalering. De school neemt regelmatig, twee à drie keer per jaar bij alle leerlingen toetsen af. Deze staan vermeld op de toetskalender, die door de IB-er (Intern begeleider, dat is een leerkracht die zich extra bezig houdt met de onderwijszorg voor kinderen in de gehele school) wordt gemaakt in overleg met het team. Uitvallende leerlingen worden besproken met de interne begeleider. Naar aanleiding van deze bespreking kan een hulpplan worden opgesteld. Zo nodig met hulp van de SBD (Schoolbegeleidings-dienst). Na verloop van tijd wordt er geëvalueerd. Naar aanleiding van deze evaluatie vindt bijstelling/aanpassing van bedoeld plan plaats. Voor de duidelijkheid willen we benadrukken dat de genoemde toetsen niet alleszeggend zijn. Het kind presteert immers in de lessen ook. De (sociaal/emotionele) ontwikkeling wordt door observatie gevolgd. Dat is niet toetsbaar. De toetsen hebben mede een functie in het meten van de kwaliteit van ons onderwijsaanbod door de schooljaren heen. Daarom nemen we toetsen af in groep 1 t/m 8.
Soms zal het gebeuren dat een medewerker van het Team Toegang van Bureau Jeugdzorg bij het Zorg Advies Team zal aansluiten. Binnen Bureau Jeugdzorg zijn er verschillende afdelingen, die allemaal onder dezelfde Stichting vallen. Het Team Toegang werkt vanuit de vrijwillige jeugdhulpverlening. Wij vragen een medewerker van Bureau Jeugdzorg aan te sluiten, wanneer er voor uw kind en school meer ondersteuning nodig is op het gebied van zijn of haar ontwikkeling, gedrag of aanpak. De medewerker zal aansluiten met uw toestemming. Het Team Toegang denkt mee om de problemen in kaart te brengen en te zoeken naar mogelijke oplossingen. Zij bieden zelf geen hulp, maar gaan met de school en u op zoek naar de hulpverlening die het beste bij u als ouders en het kind past. Natuurlijk kunt u zelf ook hulp vragen bij Bureau Jeugdzorg. Als school vinden we het wel fijn om hiervan op de hoogte te zijn. Een gesprek om te kijken naar de mogelijkheden van hulpverlening kan op school, bij u thuis of op het kantoor van Bureau Jeugdzorg plaatsvinden. Het Bureau Jeugdzorg, afdeling de Toegang is gevestigd op de Touwbaan 11, 4205 AB te Gorinchem. Zij zijn bereikbaar in de ochtenden van 08.30 tot 12.30 uur. U kunt vragen naar de bureaudienst.
7.2. Informatie aan de ouders Indien zich met een betreffende leerling opvallende resultaten voordoen, wordt door de groepsleerkracht vroegtijdig contact met de ouders opgenomen en de waargenomen problematiek doorgesproken. Indien zich afwijkingen van het reguliere onderwijsprogramma voordoen, worden ouders hierbij betrokken en geïnformeerd bij het opstellen van de afwijkende leerroute. Ouders worden ook betrokken bij de evaluatie van de extra gegeven hulp. We werken hierbij volgens het onderstaand protocol: · Leerkracht heeft een gesprek met de intern begeleider. · Lk bezoekt de ouders / I.B- er belt de ouders. · Weer contact met de leerkracht en IB-er · Bespreking van de noodzaak voor aanmelding voor een onderzoek bij de SBD. · Zo ja; IB-er belt/ bezoekt de ouders voor hun goedkeuring. · De school en de ouders vullen de aanvraagformulieren in. · De ouders en de directeur ondertekenen een toestemmingsverklaring. · De toestemmingsverklaring blijft alle schooljaren geldig voor het betreffende kind. · Een samengestelde commissie vanuit schoolbegeleidingsdienst (SBD) en de Preventieve Ambulante Begeleiding ( PAB ) beslissen of een onderzoek echt nodig is. · Een psycholoog of orthopedagoog van de SBD heeft een gesprek met de ouders op school. · Het onderzoek wordt door de SBD afgenomen. · Uitslag wordt eerst met de leerkracht/IB-er besproken, daarna met de ouders erbij. · Er worden door de psycholoog / orthopedagoog richtlijnen gegeven voor leerkrachten en ouders met of zonder doorverwijzing naar een ( kinder)arts, fysiotherapeute of dergelijke. · Als er een diagnose nodig is voor het kind, worden de ouders altijd doorverwezen naar een hulpverleningsinstantie, die de bevoegdheid daarvoor heeft. Verdere stappen moeten vanaf nu door de ouders zelf worden ondernomen. Als een kind al een jaar ouder is dan zijn klasgenoten en er een onderzoek gedaan is naar zijn verstandelijke en / of sociale vermogens wordt hij of zij meestal in de zorggroep geplaatst. Bij hoge uitzondering wordt naar een andere school doorverwezen.
7.3. Leerlingendossier Opvallende gegevens van leerlingen worden vastgelegd in een leerlingendossier ten einde het onderwijs optimaal te doen aansluiten bij de mogelijkheden van deze leerlingen. In dit dossier zijn onder andere opgenomen: persoonlijke gegevens, het wel of niet doubleren en specifiek genomen pedagogisch didactische maatregelen. Het overgrote deel van de gegevens zijn digitaal opgeslagen. Ouders hebben inzagerecht in dit leerlingendossier.
7.4. Zorgplan Onze school is aangesloten bij het samenwerkingsverband WSNS (Weer Samen Naar School) ‘Alblasserwaard-West’, waarbij een school voor speciaal onderwijs deel uitmaakt van dit verband. Binnen dit verband geldt een gemeenschappelijk aangenomen Zorgplan. Indien kinderen niet meer via de reguliere hulpverlening op onze basisschool verantwoord opgevangen kunnen worden, kan na toestemming van de ouders hun kind geplaatst worden op een school voor speciaal onderwijs. Voor het zover is, heeft de school al heel wat stappen gezet, zoals omschreven in het documentje: Hulpverleningsprocedure “Alblasserwaard-West.” Binnen het samenwerkingsverband is een hulpvoorziening in het leven geroepen om verwijzing naar een speciale school voor basisonderwijs te voorkomen. Deze hulp (sbo-groepen) wordt gegeven aan de Christelijke school te Bleskensgraaf. Zowel voor plaatsing op de basisschool met de hulpklas voorziening als voor plaatsing op een speciale school voor basisonderwijs dienen ouders hun kind formeel aan te melden bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg. Aanmeldingsformulieren zijn op school verkrijgbaar.
7.5. Procedure Overleg tussen school en ouders over de aanmelding. Ouders vullen het aanvraagformulier van de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg) in en dragen zorg voor verzending. De PCL beoordeelt de toelaatbaarheid van een leerling tot de school voor speciaal basisonderwijs. Binnen acht weken dient het besluit van de PCL aan de ouders bekend gemaakt te zijn. Binnen zes weken na deze beschikking kan door de ouders een bezwaarschrift worden ingediend. Binnen zes weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient een besluit genomen te worden. Binnen zes weken na dit laatst vermelde besluit kan een beroepsschrift worden ingediend bij de rechtbank.
7.6. Kinderen met een handicap Op onze school zijn binnen het toelatingsbeleid in principe alle kinderen welkom die behoren tot het normale voedingsgebied van de school. Wel wordt bij aanmelding bekeken, of verwacht mag worden dat het team dit kind kan begeleiden zonder dat het kind of de andere kinderen daardoor te kort komen. Plaatsing van kinderen met extra zorg en aandacht is immers alleen goed als dit echt verantwoord is en hangt dus wel af van de mogelijkheden die er op school zijn.
Dit houdt in, dat wij accepteren dat leerlingen niet op dezelfde manier en in hetzelfde tempo leren. We gaan uit van verschillen tussen leerlingen bij het kiezen van onze leerinhouden en doelen, waarbij verschillen in differentiecapaciteiten van leraren ook een rol spelen. Wanneer tot plaatsing wordt besloten, moet duidelijk zijn dat: * de leraar waarbij het kind wordt geplaatst extra tijd beschikbaar krijgt voor zaken als bijscholing en contacten met ouders en andere instanties; * er ambulante begeleiding vanuit een REC geboden wordt; * de leraar extra steun krijgt van de teamgenoten; * de extra formatie die wordt ontvangen voor dit kind goed benut wordt; * de ouders en de leraar elkaar van goede informatie voorzien; * de ouders gevraagd zal worden om bij te springen indien nodig; * de Intern Begeleiders regelmatig bij het overleg over de leerling betrokken zijn. Steeds opnieuw zal bekeken worden of er voor dit kind nog voldoende mogelijkheden op school zijn. Is dit niet meer of onvoldoende het geval dan zal in overleg met de ouders verwijzing naar een school voor speciaal basisonderwijs overwogen worden.
7.7. Dyslexieprotocol Onze ouders kunnen weleens de vraag stellen: ‘Heeft mijn kind soms dyslexie?’. Met het oog hierop is er door de schoolbegeleidingsdienst een protocol opgezet voor de groepen 1 t/m 4. Dit is als handboek uitgegeven en wordt ook door onze school als leidraad gebruikt, om leeszwakte zo vroeg mogelijk op te sporen. Een sluitend dyslexie-onderzoek is er niet, maar men is wel bezig om met behulp van bepaalde toetsen de leeszwakke kinderen volgens een dyslexieprotocol in kaart te brengen. Dit programma staat op een cd-rom en kan zo de hele schoolperiode gebruikt worden. Afgelopen jaar hebben we als school de vereiste toetsen aangeschaft, nl.: - Pl dictee. Dit is een dictee, wat eenmaal in de 5 maanden wordt afgenomen. - De Klepel. Dit is een test voor leesvaardigheid, bestaande uit pseudo-woorden. Andere toetsen, die voor we voor het leesonderzoek nodig hebben, gebruiken we al verschillende jaren. Het meest bekend zijn de zgn. Drie-minuten-toets en de Spellingsvaardigheids toets. Beide zijn Cito-toetsen.
Als blijkt dat een kind echt een achterstand in lezen heeft, dan nog kunnen we op zo’n moment niet zeggen, of dit dyslexie is. Meestal is deze constatering pas rond tienjarige leeftijd duidelijk.
Voor leeszwakke kinderen, of ze nu dyslexieverschijnselen vertonen of niet, geldt altijd dat ze veel moeten oefenen. Juist deze kinderen houden meestal niet zo van lezen, dus moeten ze extra gestimuleerd worden door hen b.v. veel voor te lezen (ook al zijn ze al wat ouder) en tevens is het nuttig om met hen naar een bibliotheek te gaan.
7.8 bovengemiddelde leerlingen Vanaf januari 2009 is het deelzorgplan “Adaptief onderwijs voor leerlingen die boven gemiddeld (kunnen) presteren” in gebruik genomen binnen onze school. In dit plan is beschreven hoe de bovengemiddelde leerlingen gesignaleerd worden (wie zijn het?), hoe we tot een diagnose komen (wat houdt het precies in?) en op welke wijze we deze leerlingen –voor zover in ons vermogen ligt – passend onderwijs aanbieden. Eigenlijk dus dezelfde handelwijze als voor leerlingen die de stof erg moeilijk vinden, maar deels met andere middelen. In iedere groep is een map aanwezig met aanwijzingen voor de praktijk van signaleren en diagnosticeren. Daarin staan ook schoolbrede afspraken o.a. over het schrappen van herhalingsstof (compacten) met behulp van het “Routeboekje”. Ook is er een map met verrijkingsmateriaal aanwezig met extra (verdiepings-)stof. We hopen hiermee ook deze leerlingen de uitdaging te geven, die ze nodig hebben. We noemen ook dit verrijkend onderwijs.
8. ONDERWIJSTIJD EN LESVERZUIM
We streven ernaar om maximaal twee leerkrachten voor één groep te hebben om te voorkomen dat onze leerlingen met teveel leerkrachten te maken krijgen, waardoor het pedagogisch-didactische klimaat schade lijdt. Bij ziekte van een leerkracht maakt onze school gebruik van de parttime leerkrachten die aan de school verbonden zijn. In uiterste gevallen vervallen de lessen.
In de onderbouw (gr. 1 t/m 4) bieden wij aan 3524 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 3.520 uren. We hebben een marge van 4 uren. Dat is 1 uur per groep. We bieden in de bovenbouw (gr. 5 t/m 8) aan 4.026 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 4.000 uren. We hebben een marge van 26 uren. Dat is 6,5 uur per groep. In de klas wordt elke dag bijgehouden welke kinderen afwezig c.q. ziek zijn. Ouders melden schriftelijk, mondeling of telefonisch dat hun kind ziek is. Het verlenen van specialistische hulp door derden b.v. tandarts, dient zoveel mogelijk buiten schooltijd te geschieden. In geval van niet gemeld verzuim neemt de school (primair de groepsleerkracht) contact met thuis op. Wanneer de ouders een verzoek bij de school indienen voor verzuimverlof, dan dient dit vooraf schriftelijk, gemotiveerd en ondertekend bij de directeur te worden ingediend. We wijzen u er op, dat we de regels strikt moeten handhaven. Vooral wat betreft een (half)dagje langer vakantie is daar in de wet geen ruimte voor. Minstens één week voorafgaande aan de ingangsdatum van het gevraagde verlof dient het verzoek op school te zijn, tenzij sprake is van overmacht. De ouders krijgen van de school antwoord op hun verzoek. In verband met ongeoorloofd schoolverzuim is elke school, dus ook onze school, verplicht dit binnen twee dagen door te geven. Dat gebeurt digitaal naar “Het onderwijsloket”.
9. OUDERBIJDRAGE
Het bestuur vraagt van ouders een vrijwillige bijdrage. Deze invoering is noodzakelijk om kosten te bestrijden die van overheidswege niet (meer) vergoed worden. Te denken valt hierbij aan het onderhouden van de bibliotheek, excursies, enz. Daarnaast kunnen hierdoor de tekorten aangevuld worden die, ondanks de bijdragen van ouders, ten aanzien van het kerstgeschenk en het schoolreisje jaarlijks ten laste van de vereniging komen.
De ouderbijdrage zal in een afzonderlijk te administreren fonds worden ondergebracht waarbij de ouders jaarlijks via de schoolkrant ingelicht zullen worden hoe de middelen zijn besteed. Omtrent deze besteding zal het bestuur in ieder geval overleg plegen met de medezeggenschapsraad.
10. RECHTEN EN PLICHTEN VAN OUDERS/VERZORGERS, BEvOEGD GEZAG EN LEERLINGEN
10.1. Klachtenprocedure De school hanteert de klachtenprocedure, zoals aangegeven in het model van de VGS. Deze regeling is op school aanwezig en ouders kunnen deze regeling op school ter inzage krijgen. Vertrouwenspersoon is dhr. J. Verrips (zie adressenlijst). De aanmeldingsprocedure is als volgt: a. Een klacht wordt schriftelijk ingediend bij de directeur of bij de ver trouwenspersoon of het bevoegd gezag (secr.). b. De klacht omvat tenminste naam en adres van de klager, de dag tekening en de omschrijving van de klacht. c. Er wordt gekeken of er bemiddeling c.q. een oplossing mogelijk is, die voor de klager bevredigend is. Zo niet, dan dient de klacht aangemeld te worden bij de klachtencommissie. Om misverstanden in deze procedure te voorkomen, willen wij nadrukkelijk stellen, dat de klacht alleen door tussenkomst van de directeur, de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bij de klachtencommissie kan worden ingediend. Binnen twee weken na ontvangst van de schriftelijke klacht, dient men aan de klager te laten weten of de klacht wordt doorgezonden naar de klachtencommissie. De directeur c.q. vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bericht aan de klager dat doorzending heeft plaatsgevonden. De klachtencommissie beslist binnen één week na ontvangst van de klacht of deze wel of niet ontvankelijk wordt ver-klaard. De klager wordt schriftelijk meegedeeld wat de beslissing is geworden. Binnen twee weken kan de klager na een niet-ontvankelijk verklaring van zijn klacht, schriftelijk en met redenen omkleed, bezwaar aantekenen bij de klachtencommissie. De klachtencommissie beslist binnen twee weken over de gegrondheid van de klacht en deelt haar besluitvorming daarover schriftelijk aan de klager mee. Bij ontvankelijk verklaring van de klacht wordt de klacht nader door de commissie onderzocht, waarbij een hoorzitting kan plaatsvinden. Binnen twee weken na de hoorzitting brengt de klachtencommissie verslag uit aan de klager, de aangeklaagde, directie, het bevoegd gezag en de vertrouwenspersoon. Het oordeel van de klachtencommissie gaat vergezeld van aanbevelingen van eventueel te treffen maatregelen.
Bij het signaleren van een (onderwijskundig) probleem bevelen wij de volgende route aan. Bespreek wat u wilt met het direct betrokken personeelslid. Leidt dit gesprek niet tot het gewenste resultaat, wendt u zich dan tot de directie. Is na dit contact geen bevredigende oplossing gevonden, dan vraagt u een gesprek aan met het bevoegd gezag van onze school. Eventueel kunt u met de vertrouwenspersoon van de school overleg voeren.
10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering De aanmeldingsprocedure gaat als volgt in zijn werk: Ouders melden hun kind schriftelijk aan bij de school. Op dit inschrijfformulier geeft u aan of u de grondslag en de doelstelling van de school respecteert, dan wel onderschrijft. U geeft daarmee aan u er van bewust te zijn uw kind(eren) aan te melden op een school die werkt vanuit Christelijke levensovertuiging. Deze christelijke overtuiging is met het gehele onderwijs verweven. Het bestuur heeft het recht een leerling(e) niet toe te laten op school. Dit behoort schriftelijk en met redenen omkleed aan de ouders te worden meegedeeld. Ouders hebben het recht een bezwaarschrift tegen dit besluit bij het bevoegd gezag in te dienen. Binnen vier weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient besluitvorming door het bevoegd gezag plaats te vinden. Tegen deze eindbeslis-sing bestaat geen beroepsmogelijkheid. Het bevoegd gezag kan een leerling(e) van de school verwijderen, indien er sprake is van wangedrag van een leerling(e). Met dit wangedrag wordt een gedrag bedoeld dat de rust of de veiligheid op de school ernstig verstoord. Ook kan een leerling(e) worden verwijderd, indien sprake is van het systematisch overtreden door de leerling(e) en/of diens ouders van de in de school geldende èn aan de ou-ders en leerlingen kenbaar gemaakte gedragregels.
Hieronder volgt de procedure bij verwijdering van leerlingen naar aanleiding van bovengenoemde problematiek: a. Een gesprek tussen de betrokken leerkracht met de ouders van de leerling(e) gericht op een oplossing van de problematiek. b. In dit gesprek wordt de ouders meegedeeld, dat indien er geen overeenstemming kan worden bereikt over een oplossing van de problemen, de directeur en het bevoegd gezag over de desbetreffende problematiek zullen worden ingelicht. c. De directeur informeert het bevoegd gezag over de problematiek. d. Het bevoegd gezag hoort de groepsleerkracht, de directeur en de ouders. e. Het bestuur besluit tot definitieve verwijdering van de leerling(e), nadat het bevoegd gezag ervoor heeft zorg gedragen dat het bevoegd gezag van een andere school voor primair onderwijs bereid is om de betrokken leerling(e) toe te laten. f. Voor punt e in werking treedt; hoort het bevoegd gezag nogmaals de ouders en de betrokken groepsleerkracht. Het besluit tot definitieve verwijdering wordt aan de ouder(s) schriftelijk en met reden omkleed bij aangetekend schrijven bekend gemaakt. Schorsing Onder schorsing verstaan wij de bevoegdheid tot tijdelijke verwijdering van een leerling(e) voor ten hoogste 3 schooldagen. De directeur dient hierover vooraf de betrokken groepsleerkracht te horen en is verplicht om de ouders van de betrokken leerling(e) schriftelijk hiervan mededeling te doen en tevens moet hij het bevoegd gezag inlichten (op school ligt ter inzage het uitgewerkte stappenplan over hoe te handelen bij verwijdering van leerlingen). 10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen Er zijn drie soorten onderwijskundige rapporten: a. bij het vertrek van een leerling naar het vervolgonderwijs; b. bij verhuizing van leerlingen; c. bij plaatsing van leerlingen op een school voor speciaal onderwijs. Ouders kunnen op verzoek informatie over deze rapportage verkrijgen.
10.4. Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aansprakelijkheid Onze school biedt mogelijkheden tot overblijven. Ook de organisatie ervan is in handen van de school. Ieder gezin met kinderen op onze school uit de Weverwijk, de Kanaaldijk, Middelkoop en verder alles wat buiten Leerbroek woont heeft de mogelijkheid om kosteloos hun kinderen te laten overblijven. Voor andere gezinnen gelden de volgende afspraken. U kunt een jaarabonnement afsluiten als u uw kind iedere dag wilt laten overblijven. Dit kost € 25,-- per kind. Bij meerdere kinderen uit één gezin kost het € 50,--. U kunt ook een 10 strippenkaart kopen voor €5,--. Uw kind(eren) kunnen hiermee 10 keer op school eten. U kunt zelf kiezen wanneer ze gebruikt worden en ze blijven onbeperkt geldig. Abonnementen en strippenkaarten kunnen bij de directie worden aangeschaft.Het geld wordt gebruikt om de kosten van het overblijven te betalen en er kunnen spelletjes worden gekocht voor de keren dat het regent. Er is op onze school een groep overblijfouders actief tijdens de middagpauze van 12.25 tot 13.00 uur. Zij houden toezicht op de overblijvende schooljeugd. Namens de leerkrachten coördineert juf Anja het overblijven samen met juf Betty en juf Ingrid.
Regels voor het overblijven. 1. De groepsleerkracht zorgt ervoor dat de kinderen niet voor 12.25 uur naar buiten gaan. 2. De overblijfouders zijn van 5 voor half één tot één uur op het plein aanwezig. 3. De overblijfouders worden met u aangesproken. 4. De beide hekken blijven tot 13.00 uur gesloten. 5. De kinderen uit groep7 (di. en vr.) en groep 8 (ma. en don.) mogen als de leerkracht toestemming heeft gegeven om 12.25 uur naar het veld en/of de kooi om te voetballen. Ze moeten er wel op letten, dat het hek van het plein weer dicht gaat. 6. Dit voetballen gebeurt zonder toezicht en alleen als de ouders van deze overblijvende kinderen het goed vinden. Als ouders vinden dat hun kind niet van het plein mag om te voetballen, moeten zij dit met hun eigen kind afspreken en laten weten aan het personeel. 7. Kinderen die thuis eten, mogen pas om 13.00 uur weer op het plein, zodra de overblijfouder toestemming geeft. Bij regen kunnen deze kinderen beter later komen, omdat zij niet om half negen of één uur naar binnen mogen. 8. Er mogen geen ballen op het plein, alleen als er een spel wordt gespeeld onder leiding of toezicht van de overblijfouder. (Bijvoorbeeld de basket of tafeltennistafel). Voetballen op het plein is altijd verboden. Om 13.00 uur moet de bal binnengebracht worden. 9. De kinderen van groep 1 en 2 moeten altijd achter de witte streep spelen. Kinderen van groep 3 mogen daar ook spelen. 10. Als de overblijfouder toestemming geeft, mogen grote kinderen met kleinere spelen. Dit gebeurt dan op het grote plein. Niet achter de witte streep. 11. De kinderen van groep 4-8 mogen nooit achter de witte streep spelen, ook niet op vrijdag. 12. Alleen de kleuters mogen door de achteringang naar binnen/buiten. Bij ongelukjes en wc-bezoek is de achteringang altijd open. 13. Kinderen mogen niet zomaar naar binnen. 14. Bij kleine ongelukjes gaat de overblijfouder zelf even met het kind naar binnen, of stuurt een ouder kind mee. 15. Er staat een verbandkist (EHBO) in de grijze kast in de gemeenschapsruimte. 16. Bij grotere ongevallen waarschuwt de ouder een leerkracht. Zij beslissen samen of er een arts moet worden gebeld. De betreffende ouder van het kind wordt z.s.m. gebeld. 17. De overblijfouder beslist of de kinderen met regenachtig weer naar binnen mogen of niet. Alle kinderen luisteren hiernaar. Dus: òf iedereen binnen òf iedereen buiten. 18. De kinderen van groep 1-5 gaan bij regenachtig weer in hun lokaal spelen. De groteren mogen in de gemeenschapsruimte spelletjes doen onder verantwoordelijkheid van de overblijfouder. Als zij in het eigen lokaal mogen van de leerkracht houdt die in het lokaal toezicht. Als het tijdens het buiten spelen gaat regenen, beslist de oppasouder of de kinderen naar binnen gaan of niet. Het is wel zo, dat ze allemaal naar binnen gaan of allemaal buiten blijven. De één wel en de ander niet is dus niet mogelijk! 19. Regels die komen of gaan (bijv. waveboarden enz.) plakken we op het raam van het keukentje, zodat ze buiten te lezen zijn.
Belangrijk! Overblijvende kinderen die brutaal gedrag vertonen richting de overblijfouder of eventuele leerkrachten, krijgen een waarschuwingskaart mee naar huis. Dit regelt de betreffende groepsleerkracht. Op de kaart wordt door de groepsleerkracht vermeld welke gebeurtenis aanleiding heeft gegeven tot de waarschuwing. De kaart wordt thuis door de ouders ondertekend en weer mee gegeven naar school. De coördinerende leerkrachten bewaren deze waarschuwingen.
Bij een derde keer volgt direct uitsluiting van overblijven voor 2 weken. Een eventuele vierde waarschuwing vinden wij zo ernstig, dat de directie een passende straf op zal leggen. Willen de ouders van overblijvende kinderen hun kinderen thuis op deze regels wijzen? Voorkomen is beter dan genezen.
Het is erg belangrijk dat alle overblijfouders bovenstaande regels consequent handhaven. Zij kunnen bij problemen altijd de hulp inroepen van het personeel en wangedrag melden bij de leerkracht die om 13.00 uur de pleinwacht overneemt. Die kan dan alsnog maatregelen nemen. Zij houden zich daarbij aan bovenstaande regels. Hebt u vragen over bepaalde situaties, dan kunt u het altijd even vragen.
Wettelijke aansprakelijkheid Onze school heeft een aansprakelijkheidsverzekering, omdat zij aansprakelijk is voor schade aan derden die ontstaat door onrechtmatige daden en toerekenbare tekortkomingen van iedereen die in schoolverband onder gezag of verantwoordelijkheid van het schoolbestuur optreedt. Een bestuur is in het algemeen niet aansprakelijk voor de schade die in schoolverband door een leerling is veroorzaakt. Een schoolongevallenverzekering dekt de kosten van ongevallen die leerlingen, leerkrachten etc. tijdens, voor, en vlak na schoolactiviteiten overkomen. Denk hierbij aan schoolreis, excursies, lopen naar De Schakel e.d. Deze verzekering is gedeeltelijk een aanvulling op Ziekenfonds en Particuliere verzekeringen. Rekeningen moeten daarom eerst bij deze verzekeraars ingediend worden. Bij geen of slechts gedeeltelijke vergoeding is beroep op deze schoolongevallenverzekering mogelijk. Nog een voorbeeld: als bij het knikkeren op school een ruit sneuvelt, dienen ouders zelf deze schade te vergoeden (W.A.). Kortom: de W.A.-verzekering die onze school heeft afgesloten betekent dat alleen schade aan derden wordt vergoed. De schade die men aan de school (het gebouw b.v.) maakt, is voor eigen rekening.
10.5. ONDERSTEUNENDE WERKZAAMHEDEN Het bevoegd gezag stelt de ouders in de gelegenheid ondersteunende werkzaamheden te verrichten ten bate van het onderwijs. Het betreft de volgende activiteiten: - bibliotheek uitleen - schoolreisjes - evt. leeshulp - verkeershulp - voorkomen en bestrijden van hoofdluis - begeleiden van excursies e.d.
Bij deze en andere activiteiten dienen de ouders de aanwijzingen van de directeur en het overige onderwijzende personeel op te volgen. We verwachten van helpende ouders, dat zij zich aan de kledingregels houden, die voor de leerkrachten gelden. Als u wilt rijden bij excursies is een inzittendenverzekering verplicht.
10.6. Contacten met de ouders Aan het begin van het schooljaar worden de ouders uitgenodigd voor een informatieavond. Tijdens die avond krijgt u in het lokaal van uw kind(eren) uitleg over de gang van zaken in die betreffende groep. In verband met de uitreiking van het kerst- en paasrapport zijn er twee contactavonden per jaar vanaf groep 3. In deze zogenoemde tien-minuten-gesprekken wordt dan met elkaar gesproken. Na het kerstrapport worden alle ouders verwacht. Bij het paasrapport niet. Als er geen bijzondere dingen zijn, hoeft u dan niet te komen. Ook wordt er in de verschillende leerjaren huisbezoek bij onze leerlingen afgelegd. De leerlingen uit groep 1 en 2 krijgen jaarlijks huisbezoek. Ook de ouders van nieuwe leerlingen uit de groepen 3 t/m 8 krijgen bezoek. Voor de overige leerlingen wordt huisbezoek afgesproken, als de leerkracht of de ouder(s) dat nodig vinden.
Iedere eerste week van de maand ontvangt u een nieuwsbrief waarin we u bijpraten over de actuele nieuwtjes van de school. Twee keer per jaar (winter en zomer) ontvangt u een schoolkrant met veel leerlingenwerk en andere wetenswaardigheden.
Helaas hebben we op onze school ook te maken met leerlingen uit gescheiden gezinnen. Wij houden ons wat betreft de informatievoorziening aan onderstaande regels. De school heeft ook een zelfstandige informatieplicht tegenover de ouder die het kind niet verzorgt, het ouderlijk gezag niet heeft of zelfs geen omgangsregeling. Alleen als de rechter dat in een specifiek geval bepaalt, zal de school in principe afwijken van die plicht. Het gaat erom ‘een beeld te geven van hoe het kind op school functioneert’. Doet het kind zijn best? Voelt hij zich prettig in de klas? Kan hij meekomen met de anderen? De niet-verzorgende ouder mag, zodra die zelf om informatie heeft gevraagd, verwachten dat de school nieuwsbrieven en de rapporten opstuurt, hem of haar uitnodigt voor een ouderavond en een schoolgids toestuurt. Maar bij de dagelijkse zorg is het in principe voldoende om de verzorger in te lichten, dat kan ook een oma of een oppas zijn. Bijvoorbeeld dat het kind ziek is geworden op school, dat er hoofdluis heerst of waar de groep heengaat met het schoolreisje.
Aan onze school is een medezeggenschapsraad verbonden. Deze bestaat uit twee geledingen, namelijk ouders en leerkrachten. Deze medezeggenschapsraad (mr) geeft adviezen over onderwerpen die met het beleid van de school te maken hebben. Voor deze schoolgids hebben ook zij hun instemming moeten geven. Ook door middel van onze schoolkrant is een goede communicatie tussen ouders en school mogelijk, naast het van tijd tot tijd verschijnen van zogenaamde nieuwsbrieven of mededelingen.
10.7. BUITENSCHOOLSE OPVANG Met ingang van dit schooljaar is het bestuur verplicht buitenschoolse opvang aan te (laten) bieden. Tot nu toe hebben alle ouders aangegeven hier geen gebruik van te willen maken. Mocht u wel gebruik van deze opvang willen maken, moet u dat tijdig melden aan de secretaris van het schoolbestuur of (tijdens het kennismakingsgesprek) met de directeur.
Tenslotte
In het schoolgebouw vinden nog enkele activiteiten plaats die niet onder verantwoordelijkheid van het schoolteam en het bestuur plaatsvinden. Er is een schoolkoor genaamd “Klein Vogelijn” actief. Voorts kunnen lessen in typen gevolgd worden en verzorgt een muziekschool muzikaal onderwijs. Vereniging de SpeelBank is een uitleen van spelletjes voor alle leeftijden. Deze uitleen vindt plaats tijdens schoolweken op donderdagavond van 18.30 uur tot 20.00 uur in de hal van de school. Lidmaatschap kost u € 10,-. U kunt ook met een knipkaart 5 spellen lenen voor €3,-
Informatie:Speelbank@gmail.com Deelname aan deze activiteiten is geheel van vrijwillige aard. Ook de keuze van de instelling waardoor u uw kind typeles laat geven valt onder uw verantwoordelijkheid. De school geeft van verscheidene instituten informatie door.
Deze schoolgids wordt jaarlijks na vaststelling aan alle ouders of verzorgers uitgereikt of bij inschrijving van nieuwe leerlingen.
Colofon
Protestants Christelijk Basisschool “Eben-Haëzer” Leerbroekseweg 7 4245 KR Leerbroek Tel/fax: 0345 599567/599874 e-mail: directie@pcbsleerbroek.nl internet: www.pcbsleerbroek.nl
Directie:
W. van der Plas Leerbroekseweg 5a 4245 KR Leerbroek Tel: 0345 599242 C. Kramer Wederiklaan 26 4143 CV Leerdam Tel. 0345 619684
Schooltijden: Groep 0 (t/m februari): drie ochtenden (0.845 – 12.00 uur), ma, wo en vr. (wo. tot 12.15 uur) Groep 0 (vanaf maart): twee ochtenden(0.845 – 12.00 uur), di en do. Groep 1: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (dinsdag en donderdag) Groep 2 t/m 4: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (vrijdagmiddag vrij) Groep 5 t/m 8 : 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur. (vrijdag van 13.15 tot 15.30) Tijdens het ophalen van de kinderen is het nogal druk aan de weg. Daarom is één van de leerkrachten “wegenwacht”. We vragen ook aan u goed op de veiligheid van elkaar te letten. Tot op heden is dat gelukkig altijd goed gegaan. Laten we daar met elkaar ons best voor blijven doen. Er wordt pleinwacht gelopen door een leerkracht om 8.30 uur en 13.00 uur. De kinderen worden geacht niet eerder dan deze tijden op school aanwezig te zijn. We wijzen er op, dat kinderen niet voor de schooltijden aan de weg mogen staan. Door gebrek aan ruimte in de fietsenstalling mogen alleen kinderen van buiten de kern Leerbroek op de fiets naar school komen.
Contactpersoon bestuur: C. Huissen Hoogeind 23 4143LW Leerdam 0345 599115 Contactpersoon Medezeggenschapsraad: T.J. de With Dorpsweg 27 4245 KN Leerbroek Tel: 0345 631317
Gymzaal: Dorpshuis “De Schakel” Raadhuisplein Tel: 0345 599356
Zwembad: Cariba Bad
Gorinchem
We krijgen als school door de eindtoets ook een beeld van de zwakke en sterke onderdelen. We nemen die punten mee in onze kwalitietszorg.
Het percentage leerlingen dat naar de diverse vormen van vervolgonderwijs gaat, wisselt van jaar tot jaar. Het is afhankelijk van de samenstelling van groep 8. De schoolkeuze voortgezet onderwijs is afhankelijk van 3 elementen: de capaciteiten van een kind, de kwaliteit van de basisschool en de thuissituatie. Wij stellen ons ten doel het maximale uit elk kind te halen en er zodoende voor te zorgen dat het kind in de meest geschikte vorm van voortgezet onderwijs terecht komt en op die school goed kan meekomen. In de achterliggende jaren hebben onze leerlingen de volgende adviezen meegekregen voor het vervolgonderwijs: 2005 2006 2007 2008 2009 2010
VMBO BK 40% 35% 28% 44% 20% 56% VMBO GT 42% 20% 28% 24% HAVO/VWO 60% 65% 30% 36% 52% 20%
Dit schooljaar is er geen leerling verwezen naar het speciaal onderwijs. 7. DE ZORG VOOR KINDEREN
De zorg voor de kinderen is natuurlijk in eerste instantie de zorg die elke groepsleerkracht dagelijks in de groep aan de kinderen besteedt. Maar daarnaast zijn er leerlingen die extra zorg nodig hebben. Hulp aan de kinderen die extra zorg nodig hebben vindt vooral in de groep plaats. Daarnaast is er ook zorg die buiten de groep gegeven wordt. We hebben daar in de school een aparte ruimte voor. Sommige leerlingen kunnen daarnaast in een aparte zorggroep geplaatst worden voor rekenen&wiskunde, taal en lezen. Deze zorggroep werkt 4 ochtenden per week in een eigen lokaaltje met een eigen leerkracht. Over de organisatie van deze leerlingenzorg gaat het in dit hoofdstuk.
7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften Individuele begeleiding: Signalering. De school neemt regelmatig, twee à drie keer per jaar bij alle leerlingen toetsen af. Deze staan vermeld op de toetskalender, die door de IB-er (Intern begeleider, dat is een leerkracht die zich extra bezig houdt met de onderwijszorg voor kinderen in de gehele school) wordt gemaakt in overleg met het team. Uitvallende leerlingen worden besproken met de interne begeleider. Naar aanleiding van deze bespreking kan een hulpplan worden opgesteld. Zo nodig met hulp van de SBD (Schoolbegeleidings-dienst). Na verloop van tijd wordt er geëvalueerd. Naar aanleiding van deze evaluatie vindt bijstelling/aanpassing van bedoeld plan plaats. Voor de duidelijkheid willen we benadrukken dat de genoemde toetsen niet alleszeggend zijn. Het kind presteert immers in de lessen ook. De (sociaal/emotionele) ontwikkeling wordt door observatie gevolgd. Dat is niet toetsbaar. De toetsen hebben mede een functie in het meten van de kwaliteit van ons onderwijsaanbod door de schooljaren heen. Daarom nemen we toetsen af in groep 1 t/m 8.
7.2. Informatie aan de ouders Indien zich met een betreffende leerling opvallende resultaten voordoen, wordt door de groepsleerkracht vroegtijdig contact met de ouders opgenomen en de waargenomen problematiek doorgesproken. Indien zich afwijkingen van het reguliere onderwijsprogramma voordoen, worden ouders hierbij betrokken en geïnformeerd bij het opstellen van de afwijkende leerroute. Ouders worden ook betrokken bij de evaluatie van de extra gegeven hulp. We werken hierbij volgens het onderstaand protocol: · Leerkracht heeft een gesprek met de intern begeleider. · Lk bezoekt de ouders / I.B- er belt de ouders. · Weer contact met de leerkracht en IB-er · Bespreking van de noodzaak voor aanmelding voor een onderzoek bij de SBD. · Zo ja; IB-er belt/ bezoekt de ouders voor hun goedkeuring. · De school en de ouders vullen de aanvraagformulieren in. · De ouders en de directeur ondertekenen een toestemmingsverklaring. · De toestemmingsverklaring blijft alle schooljaren geldig voor het betreffende kind. · Een samengestelde commissie vanuit schoolbegeleidingsdienst (SBD) en de Preventieve Ambulante Begeleiding ( PAB ) beslissen of een onderzoek echt nodig is. · Een psycholoog of orthopedagoog van de SBD heeft een gesprek met de ouders op school. · Het onderzoek wordt door de SBD afgenomen. · Uitslag wordt eerst met de leerkracht/IB-er besproken, daarna met de ouders erbij. · Er worden door de psycholoog / orthopedagoog richtlijnen gegeven voor leerkrachten en ouders met of zonder doorverwijzing naar een ( kinder)arts, fysiotherapeute of dergelijke. · Als er een diagnose nodig is voor het kind, worden de ouders altijd doorverwezen naar een hulpverleningsinstantie, die de bevoegdheid daarvoor heeft. Verdere stappen moeten vanaf nu door de ouders zelf worden ondernomen. Als een kind al een jaar ouder is dan zijn klasgenoten en er een onderzoek gedaan is naar zijn verstandelijke en / of sociale vermogens wordt hij of zij meestal in de zorggroep geplaatst. Bij hoge uitzondering wordt naar een andere school doorverwezen.
7.3. Leerlingendossier Opvallende gegevens van leerlingen worden vastgelegd in een leerlingendossier ten einde het onderwijs optimaal te doen aansluiten bij de mogelijkheden van deze leerlingen. In dit dossier zijn onder andere opgenomen: persoonlijke gegevens, het wel of niet doubleren en specifiek genomen pedagogisch didactische maatregelen. Het overgrote deel van de gegevens zijn digitaal opgeslagen. Ouders hebben inzagerecht in dit leerlingendossier.
7.4. Zorgplan Onze school is aangesloten bij het samenwerkingsverband WSNS (Weer Samen Naar School) ‘Alblasserwaard-West’, waarbij een school voor speciaal onderwijs deel uitmaakt van dit verband. Binnen dit verband geldt een gemeenschappelijk aangenomen Zorgplan. Indien kinderen niet meer via de reguliere hulpverlening op onze basisschool verantwoord opgevangen kunnen worden, kan na toestemming van de ouders hun kind geplaatst worden op een school voor speciaal onderwijs. Voor het zover is, heeft de school al heel wat stappen gezet, zoals omschreven in het documentje: Hulpverleningsprocedure “Alblasserwaard-West.” Binnen het samenwerkingsverband is een hulpvoorziening in het leven geroepen om verwijzing naar een speciale school voor basisonderwijs te voorkomen. Deze hulp (sbo-groepen) wordt gegeven aan de Christelijke school te Bleskensgraaf. Zowel voor plaatsing op de basisschool met de hulpklas voorziening als voor plaatsing op een speciale school voor basisonderwijs dienen ouders hun kind formeel aan te melden bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg. Aanmeldingsformulieren zijn op school verkrijgbaar.
7.5. Procedure Overleg tussen school en ouders over de aanmelding. Ouders vullen het aanvraagformulier van de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg) in en dragen zorg voor verzending. De PCL beoordeelt de toelaatbaarheid van een leerling tot de school voor speciaal basisonderwijs. Binnen acht weken dient het besluit van de PCL aan de ouders bekend gemaakt te zijn. Binnen zes weken na deze beschikking kan door de ouders een bezwaarschrift worden ingediend. Binnen zes weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient een besluit genomen te worden. Binnen zes weken na dit laatst vermelde besluit kan een beroepsschrift worden ingediend bij de rechtbank.
7.6. Kinderen met een handicap Op onze school zijn binnen het toelatingsbeleid in principe alle kinderen welkom die behoren tot het normale voedingsgebied van de school. Wel wordt bij aanmelding bekeken, of verwacht mag worden dat het team dit kind kan begeleiden zonder dat het kind of de andere kinderen daardoor te kort komen. Plaatsing van kinderen met extra zorg en aandacht is immers alleen goed als dit echt verantwoord is en hangt dus wel af van de mogelijkheden die er op school zijn.
Dit houdt in, dat wij accepteren dat leerlingen niet op dezelfde manier en in hetzelfde tempo leren. We gaan uit van verschillen tussen leerlingen bij het kiezen van onze leerinhouden en doelen, waarbij verschillen in differentiecapaciteiten van leraren ook een rol spelen. Wanneer tot plaatsing wordt besloten, moet duidelijk zijn dat: * de leraar waarbij het kind wordt geplaatst extra tijd beschikbaar krijgt voor zaken als bijscholing en contacten met ouders en andere instanties; * er ambulante begeleiding vanuit een REC geboden wordt; * de leraar extra steun krijgt van de teamgenoten; * de extra formatie die wordt ontvangen voor dit kind goed benut wordt; * de ouders en de leraar elkaar van goede informatie voorzien; * de ouders gevraagd zal worden om bij te springen indien nodig; * de Intern Begeleiders regelmatig bij het overleg over de leerling betrokken zijn. Steeds opnieuw zal bekeken worden of er voor dit kind nog voldoende mogelijkheden op school zijn. Is dit niet meer of onvoldoende het geval dan zal in overleg met de ouders verwijzing naar een school voor speciaal basisonderwijs overwogen worden.
7.7. Dyslexieprotocol Onze ouders kunnen weleens de vraag stellen: ‘Heeft mijn kind soms dyslexie?’. Met het oog hierop is er door de schoolbegeleidingsdienst een protocol opgezet voor de groepen 1 t/m 4. Dit is als handboek uitgegeven en wordt ook door onze school als leidraad gebruikt, om leeszwakte zo vroeg mogelijk op te sporen. Een sluitend dyslexie-onderzoek is er niet, maar men is wel bezig om met behulp van bepaalde toetsen de leeszwakke kinderen volgens een dyslexieprotocol in kaart te brengen. Dit programma staat op een cd-rom en kan zo de hele schoolperiode gebruikt worden. Afgelopen jaar hebben we als school de vereiste toetsen aangeschaft, nl.: - Pl dictee. Dit is een dictee, wat eenmaal in de 5 maanden wordt afgenomen. - De Klepel. Dit is een test voor leesvaardigheid, bestaande uit pseudo-woorden. Andere toetsen, die voor we voor het leesonderzoek nodig hebben, gebruiken we al verschillende jaren. Het meest bekend zijn de zgn. Drie-minuten-toets en de Spellingsvaardigheids toets. Beide zijn Cito-toetsen.
Als blijkt dat een kind echt een achterstand in lezen heeft, dan nog kunnen we op zo’n moment niet zeggen, of dit dyslexie is. Meestal is deze constatering pas rond tienjarige leeftijd duidelijk.
Voor leeszwakke kinderen, of ze nu dyslexieverschijnselen vertonen of niet, geldt altijd dat ze veel moeten oefenen. Juist deze kinderen houden meestal niet zo van lezen, dus moeten ze extra gestimuleerd worden door hen b.v. veel voor te lezen (ook al zijn ze al wat ouder) en tevens is het nuttig om met hen naar een bibliotheek te gaan.
7.8 bovengemiddelde leerlingen Vanaf januari 2009 is het deelzorgplan “Adaptief onderwijs voor leerlingen die boven gemiddeld (kunnen) presteren” in gebruik genomen binnen onze school. In dit plan is beschreven hoe de bovengemiddelde leerlingen gesignaleerd worden (wie zijn het?), hoe we tot een diagnose komen (wat houdt het precies in?) en op welke wijze we deze leerlingen –voor zover in ons vermogen ligt – passend onderwijs aan (willen) bieden. Eigenlijk dus dezelfde handelwijze als voor leerlingen die de stof erg moeilijk vinden, maar deels met andere middelen. In iedere groep is een map aanwezig met aanwijzingen voor de praktijk van signaleren en diagnosticeren. Daarin staan ook schoolbrede afspraken o.a. over het schrappen van herhalingsstof (compacten) met behulp van het “Routeboekje”. Ook is er een map met verrijkingsmateriaal aanwezig met extra (verdiepings-)stof. We hopen hiermee ook deze leerlingen de uitdaging te geven, die ze nodig hebben. We noemen ook dit verrijkend onderwijs.
8. ONDERWIJSTIJD EN LESVERZUIM
We streven ernaar om maximaal twee leerkrachten voor één groep te hebben om te voorkomen dat onze leerlingen met teveel leerkrachten te maken krijgen, waardoor het pedagogisch-didactische klimaat schade lijdt. Bij ziekte van een leerkracht maakt onze school gebruik van de parttime leerkrachten die aan de school verbonden zijn. In uiterste gevallen vervallen de lessen.
In de onderbouw (gr. 1 t/m 4) bieden wij aan 3596 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 3.520 uren. We hebben een marge van 76 uren. Dat is 19 uur per groep. We bieden in de bovenbouw (gr. 5 t/m 8) aan 4.026 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 4.000 uren. We hebben een marge van 26 uren. Dat is 6,5 uur per groep. In de klas wordt elke dag bijgehouden welke kinderen afwezig c.q. ziek zijn. Ouders melden schriftelijk, mondeling of telefonisch dat hun kind ziek is. Het verlenen van specialistische hulp door derden b.v. tandarts, dient zoveel mogelijk buiten schooltijd te geschieden. In geval van niet gemeld verzuim neemt de school (primair de groepsleerkracht) contact met thuis op. Wanneer de ouders een verzoek bij de school indienen voor verzuimverlof, dan dient dit vooraf schriftelijk, gemotiveerd en ondertekend bij de directeur te worden ingediend. We wijzen u er op, dat we de regels strikt moeten handhaven. Vooral wat betreft een (half)dagje langer vakantie is daar in de wet geen ruimte voor. Minstens één week voorafgaande aan de ingangsdatum van het gevraagde verlof dient het verzoek op school te zijn, tenzij sprake is van overmacht. De ouders krijgen van de school antwoord op hun verzoek. In verband met ongeoorloofd schoolverzuim is elke school, dus ook onze school, verplicht dit binnen twee dagen door te geven. Dat gebeurt digitaal naar “Het onderwijsloket”.
9. OUDERBIJDRAGE
Het bestuur vraagt van ouders een vrijwillige bijdrage. Deze invoering is noodzakelijk om kosten te bestrijden die van overheidswege niet (meer) vergoed worden. Te denken valt hierbij aan het onderhouden van de bibliotheek, excursies, enz. Daarnaast kunnen hierdoor de tekorten aangevuld worden die, ondanks de bijdragen van ouders, ten aanzien van het kerstgeschenk en het schoolreisje jaarlijks ten laste van de vereniging komen.
De ouderbijdrage zal in een afzonderlijk te administreren fonds worden ondergebracht waarbij de ouders jaarlijks via de schoolkrant ingelicht zullen worden hoe de middelen zijn besteed. Omtrent deze besteding zal het bestuur in ieder geval overleg plegen met de medezeggenschapsraad.
10. RECHTEN EN PLICHTEN VAN OUDERS/VERZORGERS, BEvOEGD GEZAG EN LEERLINGEN
10.1. Klachtenprocedure De school hanteert de klachtenprocedure, zoals aangegeven in het model van de VGS. Deze regeling is op school aanwezig en ouders kunnen deze regeling op school ter inzage krijgen. Vertrouwenspersoon is dhr. J. Verrips (zie adressenlijst). De aanmeldingsprocedure is als volgt: a. Een klacht wordt schriftelijk ingediend bij de directeur of bij de ver trouwenspersoon of het bevoegd gezag (secr.). b. De klacht omvat tenminste naam en adres van de klager, de dag tekening en de omschrijving van de klacht. c. Er wordt gekeken of er bemiddeling c.q. een oplossing mogelijk is, die voor de klager bevredigend is. Zo niet, dan dient de klacht aangemeld te worden bij de klachtencommissie. Om misverstanden in deze procedure te voorkomen, willen wij nadrukkelijk stellen, dat de klacht alleen door tussenkomst van de directeur, de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bij de klachtencommissie kan worden ingediend. Binnen twee weken na ontvangst van de schriftelijke klacht, dient men aan de klager te laten weten of de klacht wordt doorgezonden naar de klachtencommissie. De directeur c.q. vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bericht aan de klager dat doorzending heeft plaatsgevonden. De klachtencommissie beslist binnen één week na ontvangst van de klacht of deze wel of niet ontvankelijk wordt ver-klaard. De klager wordt schriftelijk meegedeeld wat de beslissing is geworden. Binnen twee weken kan de klager na een niet-ontvankelijk verklaring van zijn klacht, schriftelijk en met redenen omkleed, bezwaar aantekenen bij de klachtencommissie. De klachtencommissie beslist binnen twee weken over de gegrondheid van de klacht en deelt haar besluitvorming daarover schriftelijk aan de klager mee. Bij ontvankelijk verklaring van de klacht wordt de klacht nader door de commissie onderzocht, waarbij een hoorzitting kan plaatsvinden. Binnen twee weken na de hoorzitting brengt de klachtencommissie verslag uit aan de klager, de aangeklaagde, directie, het bevoegd gezag en de vertrouwenspersoon. Het oordeel van de klachtencommissie gaat vergezeld van aanbevelingen van eventueel te treffen maatregelen.
Bij het signaleren van een (onderwijskundig) probleem bevelen wij de volgende route aan. Bespreek wat u wilt met het direct betrokken personeelslid. Leidt dit gesprek niet tot het gewenste resultaat, wendt u zich dan tot de directie. Is na dit contact geen bevredigende oplossing gevonden, dan vraagt u een gesprek aan met het bevoegd gezag van onze school. Eventueel kunt u met de vertrouwenspersoon van de school overleg voeren.
10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering De aanmeldingsprocedure gaat als volgt in zijn werk: Ouders melden hun kind schriftelijk aan bij de school. Op dit inschrijfformulier geeft u aan of u de grondslag en de doelstelling van de school respecteert, dan wel onderschrijft. U geeft daarmee aan u er van bewust te zijn uw kind(eren) aan te melden op een school die werkt vanuit Christelijke levensovertuiging. Deze christelijke overtuiging is met het gehele onderwijs verweven. Het bestuur heeft het recht een leerling(e) niet toe te laten op school. Dit behoort schriftelijk en met redenen omkleed aan de ouders te worden meegedeeld. Ouders hebben het recht een bezwaarschrift tegen dit besluit bij het bevoegd gezag in te dienen. Binnen vier weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient besluitvorming door het bevoegd gezag plaats te vinden. Tegen deze eindbeslis-sing bestaat geen beroepsmogelijkheid. Het bevoegd gezag kan een leerling(e) van de school verwijderen, indien er sprake is van wangedrag van een leerling(e). Met dit wangedrag wordt een gedrag bedoeld dat de rust of de veiligheid op de school ernstig verstoord. Ook kan een leerling(e) worden verwijderd, indien sprake is van het systematisch overtreden door de leerling(e) en/of diens ouders van de in de school geldende èn aan de ou-ders en leerlingen kenbaar gemaakte gedragregels.
Hieronder volgt de procedure bij verwijdering van leerlingen naar aanleiding van bovengenoemde problematiek: a. Een gesprek tussen de betrokken leerkracht met de ouders van de leerling(e) gericht op een oplossing van de problematiek. b. In dit gesprek wordt de ouders meegedeeld, dat indien er geen overeenstemming kan worden bereikt over een oplossing van de problemen, de directeur en het bevoegd gezag over de desbetreffende problematiek zullen worden ingelicht. c. De directeur informeert het bevoegd gezag over de problematiek. d. Het bevoegd gezag hoort de groepsleerkracht, de directeur en de ouders. e. Het bestuur besluit tot definitieve verwijdering van de leerling(e), nadat het bevoegd gezag ervoor heeft zorg gedragen dat het bevoegd gezag van een andere school voor primair onderwijs bereid is om de betrokken leerling(e) toe te laten. f. Voor punt e in werking treedt; hoort het bevoegd gezag nogmaals de ouders en de betrokken groepsleerkracht. Het besluit tot definitieve verwijdering wordt aan de ouder(s) schriftelijk en met reden omkleed bij aangetekend schrijven bekend gemaakt. Schorsing Onder schorsing verstaan wij de bevoegdheid tot tijdelijke verwijdering van een leerling(e) voor ten hoogste 3 schooldagen. De directeur dient hierover vooraf de betrokken groepsleerkracht te horen en is verplicht om de ouders van de betrokken leerling(e) schriftelijk hiervan mededeling te doen en tevens moet hij het bevoegd gezag inlichten (op school ligt ter inzage het uitgewerkte stappenplan over hoe te handelen bij verwijdering van leerlingen).
10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen Er zijn drie soorten onderwijskundige rapporten: a. bij het vertrek van een leerling naar het vervolgonderwijs; b. bij verhuizing van leerlingen; c. bij plaatsing van leerlingen op een school voor speciaal onderwijs. Ouders kunnen op verzoek informatie over deze rapportage verkrijgen.
10.4. Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aansprakelijkheid Onze school biedt mogelijkheden tot overblijven. Ook de organisatie ervan is in handen van de school. Ieder gezin met kinderen op onze school uit de Weverwijk, de Kanaaldijk, Middelkoop en verder alles wat buiten Leerbroek woont heeft de mogelijkheid om kosteloos hun kinderen te laten overblijven. Voor andere gezinnen gelden de volgende afspraken. U kunt een jaarabonnement afsluiten als u uw kind iedere dag wilt laten overblijven. Dit kost € 25,-- per kind. Bij meerdere kinderen uit één gezin kost het € 50,--. U kunt ook een 10 strippenkaart kopen voor €5,--. Uw kind(eren) kunnen hiermee 10 keer op school eten. U kunt zelf kiezen wanneer ze gebruikt worden en ze blijven onbeperkt geldig. Abonnementen en strippenkaarten kunnen bij de directie worden aangeschaft.Het geld wordt gebruikt om de kosten van het overblijven te betalen en er kunnen spelletjes worden gekocht voor de keren dat het regent. Er is op onze school een groep overblijfouders actief tijdens de middagpauze van 12.25 tot 13.00 uur. Zij houden toezicht op de overblijvende schooljeugd. Namens de leerkrachten coördineert juf Anja het overblijven samen met juf Betty en juf Ingrid.
Regels voor het overblijven. 1. De groepsleerkracht zorgt ervoor dat de kinderen niet voor 12.25 uur naar buiten gaan. 2. De overblijfouders zijn van 5 voor half één tot één uur op het plein aanwezig. 3. De overblijfouders worden met u aangesproken. 4. De beide hekken blijven tot 13.00 uur gesloten. 5. De kinderen uit groep7 (di. en vr.) en groep 8 (ma. en don.) mogen als de leerkracht toestemming heeft gegeven om 12.25 uur naar het veld en/of de kooi om te voetballen. Ze moeten er wel op letten, dat het hek van het plein weer dicht gaat. 6. Dit voetballen gebeurt zonder toezicht en alleen als de ouders van deze overblijvende kinderen het goed vinden. Als ouders vinden dat hun kind niet van het plein mag om te voetballen, moeten zij dit met hun eigen kind afspreken en laten weten aan het personeel. 7. Kinderen die thuis eten, mogen pas om 13.00 uur weer op het plein, zodra de overblijfouder toestemming geeft. Bij regen kunnen deze kinderen beter later komen, omdat zij niet om half negen of één uur naar binnen mogen. 8. Er mogen geen ballen op het plein, alleen als er een spel wordt gespeeld onder leiding of toezicht van de overblijfouder. (Bijvoorbeeld de basket of tafeltennistafel). Voetballen op het plein is altijd verboden. Om 13.00 uur moet de bal binnengebracht worden. 9. De kinderen van groep 1 en 2 moeten altijd achter de witte streep spelen. Kinderen van groep 3 mogen daar ook spelen. 10. Als de overblijfouder toestemming geeft, mogen grote kinderen met kleinere spelen. Dit gebeurt dan op het grote plein. Niet achter de witte streep. 11. De kinderen van groep 4-8 mogen nooit achter de witte streep spelen, ook niet op vrijdag. 12. Alleen de kleuters mogen door de achteringang naar binnen/buiten. Bij ongelukjes en wc-bezoek is de achteringang altijd open. 13. Kinderen mogen niet zomaar naar binnen. 14. Bij kleine ongelukjes gaat de overblijfouder zelf even met het kind naar binnen, of stuurt een ouder kind mee. 15. Er staat een verbandkist (EHBO) in de grijze kast in de gemeenschapsruimte. 16. Bij grotere ongevallen waarschuwt de ouder een leerkracht. Zij beslissen samen of er een arts moet worden gebeld. De betreffende ouder van het kind wordt z.s.m. gebeld. 17. De overblijfouder beslist of de kinderen met regenachtig weer naar binnen mogen of niet. Alle kinderen luisteren hiernaar. Dus: òf iedereen binnen òf iedereen buiten. 18. De kinderen van groep 1-5 gaan bij regenachtig weer in hun lokaal spelen. De groteren mogen in de gemeenschapsruimte spelletjes doen onder verantwoordelijkheid van de overblijfouder. Als zij in het eigen lokaal mogen van de leerkracht houdt die in het lokaal toezicht. 19. Regels die komen of gaan (bijv. waveboarden enz.) plakken we op het raam van het keukentje, zodat ze buiten te lezen zijn.
Belangrijk! Overblijvende kinderen die brutaal gedrag vertonen richting de overblijfouder of eventuele leerkrachten, krijgen een waarschuwingskaart mee naar huis. Dit regelt de betreffende groepsleerkracht. Op de kaart wordt door de groepsleerkracht vermeld welke gebeurtenis aanleiding heeft gegeven tot de waarschuwing. De kaart wordt thuis door de ouders ondertekend en weer mee gegeven naar school. De coördinerende leerkrachten bewaren deze waarschuwingen. Komt het na de waarschuwingskaart nog een keer voor dat er onacceptabel gedrag wordt vertoond, dan krijgen deze kinderen een tweede kaart mee naar huis en mogen zij met onmiddellijke ingang twee weken niet op school eten. Ook deze kaart wordt weer ondertekend door de ouders en terugbezorgd op school. Bij een derde keer volgt direct uitsluiting van overblijven voor 2 weken. Een eventuele vierde waarschuwing vinden wij zo ernstig, dat de directie een passende straf op zal leggen. Willen de ouders van overblijvende kinderen hun kinderen thuis op deze regels wijzen? Voorkomen is beter dan genezen.
Het is erg belangrijk dat alle overblijfouders bovenstaande regels consequent handhaven. Zij kunnen bij problemen altijd de hulp inroepen van het personeel en wangedrag melden bij de leerkracht die om 13.00 uur de pleinwacht overneemt. Die kan dan alsnog maatregelen nemen. Zij houden zich daarbij aan bovenstaande regels. Hebt u vragen over bepaalde situaties, dan kunt u het altijd even vragen.
Wettelijke aansprakelijkheid Onze school heeft een aansprakelijkheidsverzekering, omdat zij aansprakelijk is voor schade aan derden die ontstaat door onrechtmatige daden en toerekenbare tekortkomingen van iedereen die in schoolverband onder gezag of verantwoordelijkheid van het schoolbestuur optreedt. Een bestuur is in het algemeen niet aansprakelijk voor de schade die in schoolverband door een leerling is veroorzaakt. Een schoolongevallenverzekering dekt de kosten van ongevallen die leerlingen, leerkrachten etc. tijdens, voor, en vlak na schoolactiviteiten overkomen. Denk hierbij aan schoolreis, schoolzwemmen e.d. Deze verzekering is gedeeltelijk een aanvulling op Ziekenfonds en Particuliere verzekeringen. Rekeningen moeten daarom eerst bij deze verzekeraars ingediend worden. Bij geen of slechts gedeeltelijke vergoeding is beroep op deze schoolongevallenverzekering mogelijk. Nog een voorbeeld: als bij het knikkeren op school een ruit sneuvelt, dienen ouders zelf deze schade te vergoeden (W.A.). Kortom: de W.A.-verzekering die onze school heeft afgesloten betekent dat alleen schade aan derden wordt vergoed. De schade die men aan de school (het gebouw b.v.) maakt, is voor eigen rekening.
10.5. ONDERSTEUNENDE WERKZAAMHEDEN Het bevoegd gezag stelt de ouders in de gelegenheid ondersteunende werkzaamheden te verrichten ten bate van het onderwijs. Het betreft de volgende activiteiten: - bibliotheek uitleen - schoolreisjes - evt. leeshulp - verkeershulp - voorkomen en bestrijden van hoofdluis - begeleiden van excursies e.d.
Bij deze en andere activiteiten dienen de ouders de aanwijzingen van de directeur en het overige onderwijzende personeel op te volgen. We verwachten van helpende ouders, dat zij zich aan de kledingregels houden, die voor de leerkrachten gelden.
10.6. Contacten met de ouders In verband met de uitreiking van het kerst- en paasrapport zijn er twee contactavonden per jaar vanaf groep 3. In deze zogenoemde tien-minuten-gesprekken wordt dan met elkaar gesproken. Ook wordt er in de verschillende leerjaren huisbezoek bij onze leerlingen afgelegd. De leerlingen uit groep 1 en 2 krijgen jaarlijks huisbezoek. Ook de ouders van nieuwe leerlingen uit de groepen 3 t/m 8 krijgen bezoek. Voor de overige leerlingen wordt huisbezoek afgesproken, als de leerkracht of de ouder(s) dat nodig vinden.
Iedere eerste week van de maand ontvangt u een nieuwsbrief waarin we u bijpraten over de actuele nieuwtjes van de school. Twee keer per jaar (winter en zomer) ontvangt u een schoolkrant met veel leerlingenwerk en andere wetenswaardigheden.
Helaas hebben we op onze school ook te maken met leerlingen uit gescheiden gezinnen. Wij houden ons wat betreft de informatievoorziening aan onderstaande regels. De school heeft ook een zelfstandige informatieplicht tegenover de ouder die het kind niet verzorgt, het ouderlijk gezag niet heeft of zelfs geen omgangsregeling. Alleen als de rechter dat in een specifiek geval bepaalt, zal de school in principe afwijken van die plicht. Het gaat erom ‘een beeld te geven van hoe het kind op school functioneert’. Doet het kind zijn best? Voelt hij zich prettig in de klas? Kan hij meekomen met de anderen? De niet-verzorgende ouder mag, zodra die zelf om informatie heeft gevraagd, verwachten dat de school nieuwsbrieven en de rapporten opstuurt, hem of haar uitnodigt voor een ouderavond en een schoolgids toestuurt. Maar bij de dagelijkse zorg is het in principe voldoende om de verzorger in te lichten, dat kan ook een oma of een oppas zijn. Bijvoorbeeld dat het kind ziek is geworden op school, dat er hoofdluis heerst of waar de groep heengaat met het schoolreisje.
Aan onze school is een medezeggenschapsraad verbonden. Deze bestaat uit twee geledingen, namelijk ouders en leerkrachten. Deze medezeggenschapsraad (mr) geeft adviezen over onderwerpen die met het beleid van de school te maken hebben. Voor deze schoolgids hebben ook zij hun instemming moeten geven. Ook door middel van onze schoolkrant is een goede communicatie tussen ouders en school mogelijk, naast het van tijd tot tijd verschijnen van zogenaamde nieuwsbrieven of mededelingen.
10.7. BUITENSCHOOLSE OPVANG Met ingang van dit schooljaar is het bestuur verplicht buitenschoolse opvang aan te (laten) bieden. Tot nu toe hebben alle ouders aangegeven hier geen gebruik van te willen maken. Mocht u wel gebruik van deze opvang willen maken, moet u dat tijdig melden aan de secretaris van het schoolbestuur of tijdens het aanmeldingsgesprek.
Tenslotte
In het schoolgebouw vinden nog enkele activiteiten plaats die niet onder verantwoordelijkheid van het schoolteam en het bestuur plaatsvinden. Er is een schoolkoor genaamd “Klein Vogelijn” actief. Voorts kunnen lessen in typen gevolgd worden en verzorgt een muziekschool muzikaal onderwijs. Vereniging de SpeelBank is een uitleen van spelletjes voor alle leeftijden. Deze uitleen vindt plaats tijdens schoolweken op donderdagavond van 18.30 uur tot 20.00 uur in de hal van de school. Lidmaatschap kost u € 10,-. U kunt ook met een knipkaart 5 spellen lenen voor €3,-
Informatie:Speelbank@gmail.com Deelname aan deze activiteiten is geheel van vrijwillige aard. Ook de keuze van de instelling waardoor u uw kind typeles laat geven valt onder uw verantwoordelijkheid. De school geeft van verscheidene instituten informatie door.
Deze schoolgids wordt jaarlijks na vaststelling aan alle ouders of verzorgers uitgereikt of bij inschrijving van nieuwe leerlingen.
SCHOOLGIDS 2009 - 2010 EBEN-HAËZERSCHOOL Prot. Chr. Basisonderwijs Leerbroekseweg 7 4245 KR Leerbroek Colofon Protestants Christelijk Basisschool “Eben-Haëzer” Leerbroekseweg 7 4245 KR Leerbroek Tel/fax: 0345-599567/599874 e-mail: directie@pcbsleerbroek.nl internet: www.pcbsleerbroek.nl Directie: W. van der Plas Leerbroekseweg 5a 4245 KR Leerbroek Tel: 0345-599242 C. Kramer Wederiklaan 26 4143 CV Leerdam Tel: 0345-619684 Schooltijden: Groep 0: ma,di, en wo. (wo. tot 12.15 uur) Groep 1: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (dinsdag en donderdag) Groep 2 t/m 4: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (vrijdagmiddag vrij) Groep 5 t/m 8 : 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur. (vrijdag van 13.15 tot 15.30) Tijdens het ophalen van de kinderen is het nogal druk aan de weg. Daarom is één van de leerkrachten “wegenwacht”. We vragen ook aan u goed op de veiligheid van elkaar te letten. Tot op heden is dat gelukkig altijd goed gegaan. Laten we daar met elkaar ons best voor blijven doen. Er wordt pleinwacht gelopen door een leerkracht om 8.30 uur en 13.00 uur. De kinderen worden geacht niet eerder dan deze tijden op school te arriveren. We wijzen er op, dat kinderen niet voor de schooltijden aan de weg mogen staan. Gymzaal: Dorpshuis “De Schakel” Raadhuisplein Tel: 0345 599356 Zwembad: Sportcentrum “Helsdingen” Het Slijk, Vianen. Tel: 0347 374545 Contactpersoon bestuur: C. Huissen Hoogeind 23 4143LW Leerdam 0345 599115 Medezeggenschapsraad: T.J. de With Dorpsweg 27 4245 KN Leerbroek Tel: 0345 631317
1. EEN WOORD VOORAF Deze schoolgids is bestemd voor alle ouder(s)/verzorger(s) van de leerlingen van de Eben-Haëzerschool. Deze gids heeft ook een functie naar alle ouder(s)/verzorger(s) van onze toekomstige leerlingen. Voor hen geeft deze schoolgids een beschrijving van wat zij van onze school mogen verwachten. Mede op grond hiervan kunnen zij een beslissing nemen of hun kind bij ons op school past. We beschrijven onze school zonder in details te treden. We houden ons aan de grote lijnen. Bovendien is een zo levendig instituut als een school nooit precies te beschrijven. Een school moet je ervaren of beleven. Naast het beschrijven van de identiteit van de school komen ook praktische zaken aan de orde. Voor de verschillende onderwerpen verwijzen we u naar de inhoudsopgave. Heeft u opmerkingen of aanvullingen? Geeft u ze gerust aan ons door. We spreken de wens uit dat deze gids mag bijdragen aan een goede communicatie tussen (toekomstige) ouders en onze school. DV oktober 2009 hopen we te herdenken, dat de schoolvereniging 125 jaar bestaat. Daarom zijn in deze schoolgids ook foto’s uit de oude doos afgedrukt.
Leerbroek, augustus 2009 Namens bestuur en personeel: W. van der Plas(dir) Inhoud 1. Een woord vooraf.................................................................4 2. De school..............................................................................7 2.1. Naam en richting...................................................................7 2.2. Identiteit .............................................................................7 2.3. Lidmaatschap schoolvereniging...........................................7 2.4. Situering van onze school ...................................................8 3. Waar de school voor staat....................................................8 3.1. Doel ......................................................................................8 3.2. Uitgangspunten ...................................................................8 3.3. Klimaat (pedagogisch) van de school......................................9 4. Schoolgegevens ...................................................................10 4.1. Namen en adressen..............................................................10 4.2. Andere adressen ...................................................................12 4.3. Schoolgebouw .....................................................................12 4.4. Vakantieregeling 2009-2010................................................12 5. De organisatie van het onderwijs.........................................13 5.1. Manier van onderwijs geven (werkwijze)..............................13 5.2. Groepering en groepsgrootte...............................................14 5.3. Nieuwe leerlingen in de school.............................................14 5.4. Taken van het team...................................... ........................15 5.5. Onderwijsactiviteiten ...........................................................16 5.6. School-logopedie..................................................................17 5.7. Jeugdgezondheidszorg................................... ....................18 6. Doelen en resultaten van het onderwijs.............................18 7. De zorg voor kinderen.........................................................21 7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften.....21 7.2. Informatie aan de ouders....................................................21 7.3. Leerlingdossier ...................................................................21 7.4. Zorgplan .............................................................................22 7.5. Procedure ...........................................................................22 7.6. Kinderen met een handicap.................................................23 7.7. Zorg voor het jonge kind.....................................................23 7.8. Dyslexieprotocol..................................................................24 8. Onderwijstijd en lesverzuim.................................................25 9. Ouderbijdrage......................................................................26 10. Rechten en plichten van ouders/verzorgers, bevoegd gezag en leerlingen ..................................................27 10.1. Klachtenprocedure .................................................................27 10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering..................28
10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen ..............................................................................30 10.4. Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aansprakelijkheid .....................................................................30 10.5. Contacten met de ouders .................................................31 Tenslotte ....................................................................................31
2. DE SCHOOL 2.1. Naam en richting De Eben-Haëzerschool te Leerbroek gaat uit van de Vereniging Eben-Haëzer voor Christelijk Schoolonderwijs te Leerbroek.
De grondslag voor alle facetten van het onderwijs op onze school is Gods onveranderlijke Woord. Aan dat Woord worden de beginselen voor onderwijs en opvoeding ontleend, overeenkomstig de uitleg in de “Drie formulieren van Enigheid”.
2.2. Identiteit De identiteitsdefinitie van onze school is o.a. ontleend aan de statuten van de schoolvereniging en luidt als volgt: De vereniging heeft als grondslag de Heilige Schrift als het onfeilbare Woord van God, zoals daarvan belijdenis wordt gedaan in de art. 2 tot en met 7 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Daarbij onderschrijft de vereniging geheel en onvoorwaardelijk de Drie Formulieren van Enigheid zoals deze zijn vastgesteld door de Nationale Synode, gehouden te Dordrecht in de jaren 1618/1619. De Vereniging maakt gebruik van de getrouwe overzetting van de Heilige Schrift uit de oorspronkelijke talen in de Nederlandse taal volgens het besluit van voornoemde Synode.
De opdracht met betrekking tot onze identiteit vinden we vooral verwoord in Psalm 78:1-7 onberijmd. Als kern vermelden we hier vers 4: Wij zullen het niet verbergen voor hunne kinderen, voor het navolgende geslacht, vertellende de loffelijkheden des HEEREN en Zijne sterkheid en Zijne wonderen, die Hij gedaan heeft. De Bijbel opgevat naar de drie Formulieren van Enigheid vormt de grondslag van al ons handelen. We zullen maatschappelijke eisen daarom altijd toetsen aan deze grondslag en zien het als onze taak de Christelijke identiteit vast te houden. De Heere Jezus vat de Wet (de tien geboden) samen door te benadrukken, dat het daarin gaat om de liefde tot God en de naaste. Dit behoort ook in onze school voor iedereen het uitgangspunt te zijn. Het voorleven door de leerkrachten neemt daarbij een belangrijke plaats in. We hopen op deze wijze de kinderen te brengen tot de Heere Jezus.
Bij het onderwijs wordt gebruik gemaakt van de Statenvertaling en de psalmberijming van 1773. Het gebruik maken van het onderwijs op onze school voor eigen of toevertrouwde kinderen staat een ieder in de kern Leerbroek en omstreken vrij. Het bestuur heeft een wettelijk recht om de toelating tot de school te weigeren of geplaatste kinderen niet meer toe te laten, wanneer daarvoor naar het oordeel van het bestuur redenen aanwezig zijn. Door het bestuur is een stappenplan vastgesteld dat wordt toegepast bij eventuele verwijdering van leerlingen.
2.3. Lidmaatschap schoolvereniging Onze school gaat uit van een vereniging. Ouders (en anderen die de school een warm hart toedragen) vormen, mits zij de identiteit van de school onderschrijven, de leden van deze vereniging. Lid kan men worden door zich aan te melden bij het secretariaat van het schoolbestuur of door dit aan te geven op het aanmeldingsformulier van uw kind(eren). Het bestuur beslist vervolgens in haar eerstvolgende vergadering over toelating. De leden van de vereniging worden uitgenodigd om minimaal éénmaal per jaar bijeen te komen in een vergadering. Daar kunnen zij ook blijk geven van hun betrokkenheid bij de schoolvereniging. Op de ledenvergadering wordt een contributiebedrag voorgesteld. Uit die contributie worden zaken betaald die niet door het rijk vergoed worden en toch nodig zijn op school.
2.4. Situering van onze school Onze leerlingen komen voornamelijk uit de woonkern Leerbroek (Gem. Zederik). Een enkele leerling komt uit een naburige woonkern. Op de teldatum 1 oktober 2008 waren er 223 leerlingen ingeschreven, waaronder ook enkele leerlingen uit een ander land van herkomst dan Nederland. Onze school is gelegen in een landelijke omgeving en is de enige school te Leerbroek.
3.1. Doel Onze school wil de kinderen: - naar ons vermogen ‘helpen te onderwijzen in de voorzeide leer’ (zie formulier om de Heilige Doop te bedienen). - met elk hun eigen talenten en ontwikkelingsvoortgang toerusten tot voorbereiding op een taak in de maatschappij.
Anders gezegd, als doel van de opvoeding zien wij: De vorming van de mens tot een zelfstandige, God naar Zijn Woord dienende persoonlijkheid, geschikt en bereid al de gaven, die hij van God ontving, te besteden tot Gods eer en tot heil van het schepsel, in alle levensverbanden waarin God hem plaatst! (Prof. J.Waterink).
3.2. Uitgangspunten a. Samenvattend kunnen we zeggen, dat elk mens door God geschapen is. Het doel was dat hij God Zijn Schepper recht zou kennen, Hem van harte liefhebben en met Hem in de eeuwige zaligheid zou leven, om Hem te loven en te prijzen ‘(H.C. vr. en antw.6). De mens was beelddrager Gods. Door onze zonden echter, al begonnen in het Paradijs, voldoet niemand hier meer aan, tenzij hij/zij wederom geboren wordt door Woord en Geest. Als ouders en school behoren we de kinderen daarom, al jong te onderwijzen uit Gods Woord (zie ook Deuteronomium 6, Psalm 78 en Spreuken 22 : 6). Al ons onderwijs heeft als eerste doel om de kinderen te brengen tot de kennis van Jezus Christus en Dien gekruisigd als de enige Zaligmaker der wereld. We dienen hen op te leiden tot de vreze des Heeren als beginsel van alle wijsheid. b. Elk kind heeft zijn eigen talenten en gaven gekregen. Dat betekent ook dat niet aan elk kind dezelfde eisen gesteld kunnen worden. Onze school heeft wel als taak voor alle kinderen om een bepaald minimum aan leerdoelen na te streven. Wij geven les in een gematigd leerstofjaarklassensysteem. Dat wil zeggen, binnen het systeem zijn er aanpassingen aan de talenten van de kinderen, indien nodig en voor zover mogelijk. c. Het bovenstaande zal de komende jaren gestalte krijgen door binnen de groepen te werken in drie niveau’s.
3.3. pedagogisch klimaat van de school Dit zegt iets over omgangsstijlen, interactiepatronen, klassenmilieu en veiligheid op school. In de groep heeft de leerkracht het gezag waaraan de leerlingen behoren te gehoorzamen. Hij/zij stelt regels en let op de naleving ervan. De leerkracht ontleent zijn gezag aan het vijfde gebod. Dat betekent bijvoorbeeld ook dat hij niet gehoorzaamd kan worden, als hij iets zou eisen wat tegen Gods geboden ingaat. Deze heilzame geboden verhinderen dat in ons (godsdienst) onderwijs wordt aangezet tot b.v. discriminatie, haat of intolerantie. Immers, onze medemensen zijn net als wij door de rechtvaardige en barmhartige Schepper van hemel en aarde geschapen. De leerkracht is geroepen zijn gezag op een zodanige wijze vorm te geven dat de kinderen, elk met hun eigen gaven en talenten, hem kunnen vertrouwen, zich veilig voelen, indien nodig zich laten corrigeren enz. Kortom: de leerkracht moet liefde voor de hem toevertrouwde kinderen hebben.
Enerzijds zijn binnen het team afspraken gemaakt t.a.v. organisatie, leerstof en het gebruik van leer- en hulpmiddelen o.a. dia’s, DVD’s, digitaal schoolbord e.d. Anderzijds is niet alles over interactiepatronen te beschrijven, want elke leerkracht heeft zijn eigen stijl, karakter en manier van werken, waardoor er in elke groep een specifieke sfeer aanwezig is. Elke persoonlijkheid straalt iets uit naar zijn omgeving. Voor zowel de omgang tussen de leerkrachten en leerlingen geldt, zowel onder elkaar als met elkaar, dat een christelijke levensstijl zichtbaar en hoorbaar moet zijn. Dit houdt ook in dat we een veilige en een schone school willen zijn. Over deze begrippen zijn in de school afspraken gemaakt, zowel op school- als klassenniveau.
Tevens zijn wij van mening dat ook in deze zaak van het pedagogisch klimaat: gezin, school en kerk elkaar dienen te helpen en te ondersteunen.
3.4 KERNWOORDEN
Vertrouwd: De ouders vertrouwen hun kinderen aan ons toe. Bij alle activiteiten in de school zijn er herkenbare elementen van thuis. Leerkrachten kennen de kinderen. In het bijzonder willen we de christelijke opvoeding ondersteunen. We onderwijzen de kinderen uit Gods Woord. Het Christelijk geloof wordt direct vertaald naar het dagelijkse leven. De herkenbaarheid van deze manier van leven is kenmerkend voor onze school.
Veilig: In onze school willen we dat alle kinderen weten dat ze welkom zijn. Ze kunnen in alle rust spelen en leren. We zorgen voor een veilige schoolomgeving en leren kinderen hoe ze voor elkaar kunnen zorgen. Deze veiligheid is de basis voor ons werk.
Verrijkend: Ons onderwijs vormt kinderen tot volwassenen die zelf verantwoordelijkheid kunnen dragen. Binnen de vertrouwde en veilige schoolomgeving reiken we de kinderen de vaardigheden aan waarmee ze een God en de naaste dienende persoon mogen worden, in overeenstemming met de hen toevertrouwde talenten. Ook streven we verrijking na door elke leerling onderwijs te bieden waardoor hij of zij groeit.
4. SCHOOLGEGEVENS
4.1. Namen en adressen Bestuur: Bestuurslid Functie Adres Telefoon Dhr. E. van Asselt 1e voorzitter Leerbroeksew. 17 0345 621471 Dhr. W. Uittenboogaard 2e voorzitter Dr. A. Booystr. 31 0345 599892 Dhr. C. Huissen 1e secretaris Hoogeind 23 0345 599115 Dhr. E. Geluk 2e secretaris Raadhuisstraat 67 0345 599548 Dhr. F. A. de Stigter 1e pen.meester Middelkoop 32 0345 599880 Dhr. A. Benschop 2e pen.meester Dr. A. Booystr. 41 0345 599161 Dhr. J.C. de Jong alg. adjunct Leerbroekseweg 33a 0345 599630
Personeel: Meester van der Plas (dir.) - Leerbroekseweg 5a- 4245KR Leerbroek tel. 0345-599242. Meester Kramer (adj.dir.) – Wederiklaan 26 - 4143 CV Leerdam tel.0345-619684. Meester van den End – Bronkruidhof 1- 3417 RL Montfoort tel. 0348 - 473740. Juffrouw Bogerd - Pr. Irenelaan 29 - 4141 ER Leerdam tel. 0345 - 619005. Juffrouw Lucy - Achterdijk 17 - 4243 TM Nieuwland tel. 0345 - 599783. Juffrouw Marthézel - Zwaanswal 18 - 4201 MJ -Gorinchem tel. 0183 - 352000. Juffrouw Anja - Nieuweweg 201- 3371 CN Hardinxveld-Giessendam - tel. 0184 - 622383. Juffrouw de Groot (vakl.crea) Leerbroekseweg 36 - 4245 KV Leerbroek - tel. 0345 - 599668. Juffrouw Hetty - Magnoliastr.18 - 4131 BB Vianen tel. 0347 - 372757. Juffrouw Mary - Meidoornlaan 71 - 4233 CR Ameide tel. 0183 - 601692. Juffrouw Betty- Overheicop9a - 4143 KW Leerdam tel. 0345 - 642380. Juffrouw Gerdien - Kerkweg 20 - 4245 TR Leerbroek tel. 0345 - 621382. Juffrouw Gerian– Dr. H.B. Wiardi Beckmanplein 4 4207 NB Gorinchem / tel. 0183 - 625935. Juffrouw Talitha– Tonneband 21 - 3371JG Hardinxveld-Giessendam - tel. 0184 - 613903. Juffrouw van Laar - Lingedijk 8 - 4163 LK Oosterwijk tel. 0345 - 616899. Juffrouw Ingrid – Middelkoop 30 – 4245 TT Leerbroek tel. 06-10093069 Juffrouw Esther- Kerkstraat 2 – 4243 JC Nieuwland - Tel. 0183 785209 Juffrouw Sarieke – Verdistraat 14 – 4207 DE Gorinchem – Tel. 0183 627577 Juffrouw Annica- Rijshaak 7 – 3371KC Hardinxveld Giessendam - tel. 0184 613235
Vertrouwenspersoon: Dhr. J. Verrips, Middelkoop 68, 4245 TV Leerbroek. Tel.0345-599650.
4.2. Andere adressen Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL), Postbus 31, 2840 AA Moordrecht. Tel. 0182-378222. Klachtencommissie (contactpersoon mr L.J. van de Heuvel), Zomerhuis 8, 2411 LH Bodegraven. GGD (Schoolarts), W. de Vries Robbéweg 8a, 4206 AC Gorinchem. Tel.0183-621577. Inspectie van het onderwijs E-mail: info@owinsp.nl / website: www.onderwijsinspectie.nl Vragen over onderwijs: 0800 - 8051 (gratis) Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt vertrouweninspecteurs 0900 - 111 3 111 (lokaal tarief)
4.3. Schoolgebouw Leerbroekseweg 7 Tel. 0345-599567 Fax. 0345-599874 E-mail: directie@pcbsleerbroek.nl Internet: www.pcbsleerbroek.nl
4.4. Vakantieregeling 2009-2010 D.V.
De eerste dag van het nieuwe schooljaar: maandag 16 augustus 2010.
5. DE ORGANISATIE VAN HET ONDERWIJS 5.1. Manier van onderwijs geven (werkwijze) In groep 1 en 2 wordt thematisch gewerkt. Het accent ligt op spelend leren. Er wordt nadrukkelijk aangesloten bij de belevingswereld van het jonge kind. Hoe ouder de leerlingen worden, hoe meer de rol van de leerkracht in het leerproces verandert, van sturend op de achtergrond naar nadrukkelijk leiding geven aan. Bij alle activiteiten proberen we niet alleen te letten op het onderwijsproces, maar ook op het onderwijsproduct. Bij oudere leerlingen staat de leerstof steeds meer centraal. Wel blijft er tot en met groep 8 ruimte voor zelfontdekkend leren, zoals bijvoorbeeld hoekenwerk, zelfstandige werkmomenten, documentatiecentrum e.d. Vanaf groep 3 wordt er gewerkt in een leerstofjaarklassensysteem (elk kind maakt in dezelfde groep op dezelfde tijd dezelfde lessen), doch dit systeem wordt flexibel gebruikt met het oog op differentiatie en onderwijs op maat, zodat er recht gedaan kan worden aan de eigen gaven en talenten van de kinderen. Driestromenland Tijdens de vorige twee schooljaren is er een begin gemaakt aan het werken in drie niveaus. De ontwikkelingsmaterialen in de groepen 1 en 2 zijn onderverdeeld in drie niveaus, zodat de leerkrachten en de leerlingen de moeilijkheidsgraad weten. In de overige groepen wordt bij het vak rekenen in drie niveaus gewerkt. 1) Het minimumniveau: deze kinderen maken niet alle opgaven en krijgen extra automatisering. 2) Het basisniveau: deze kinderen maken alle opgaven. 3) Het plusniveau: deze kinderen maken niet alle opgaven en krijgen extra verdieping. In dit schooljaar breiden we het uit met het vakgebied Begrijpend lezen.
Zelfstandig werken. Eén van de voorwaarden voor het werken in drie niveau’s is, het zelfstandig werken van de leerlingen. Daarbij zijn samenwerken en helpen van elkaar belangrijke aspecten. Zelfstandig werken vindt ook plaats bij andere vakgebieden.
ICT(Informatie Communicatie Techniek)-onderwijs. In ieder lokaal staan meerdere computers. In de lokalen 3 t/m 8 zijn netwerken aangelegd. Deze worden gebruikt bij zelfstandig werken en o.a. de vakken: rekenen, ned. taal en aardrijkskunde. In de onderbouw gebruikt men programma’s om ontwikkelingsgebieden te verkennen. Het huidige ICT-beleidsplan wordt gewijzigd, omdat we tot een betere aansluiting met het vervolgonderwijs willen komen.
Techniek. Een nieuw onderdeel van het onderwijs is de vaardigheid techniek. We besteden aandacht aan dit onderdeel door bijv. Ø Het werken met lego, dactylo en knex enz. Ø De aanschaf van leermiddelen met lesideeën die we voor dit onderdeel kunnen inzetten. Ø Het meedoen aan excursies van bedrijven. Ø Het uitnodigen van gastdocenten die technische lessen verzorgen. Ø Verder volgen we de ontwikkelingen in de regio op dit gebied. We hebben er voor gekozen om techniek een plekje te geven binnen het vak handvaardigheid. Ook handwerken valt daaronder. En natuurlijk krijgt het ook aandacht in de natuurlessen.
Cultuureducatie. De overheid heeft de laatste jaren extra geld beschikbaar gesteld voor cultuureducatie op basisscholen. Wij willen ons daarbij vooral richten op bezoek aan musea en monumenten. Ook het aandacht geven aan schilderijen (die een half jaar in de school hangen en dan vernieuwd worden) vormt hier een onderdeel van.
Natuureducatie. We vinden het belangrijk dat de kinderen natuurervaringen opdoen in de omgeving. Daarom maken we uitstapjes in het veld of bijv. naar het natuurcentrum “De Schaapskooi”. Ook willen we dit cursusjaar alle kinderen van onze school actief betrekken bij de natuur direct rond de school. Er zijn gelden vrijgemaakt om materialen aan te schaffen voor onderzoek naar planten, bomen, beestjes, vogels enz.
Schone school. Al eerder hebben we samen met alle kinderen het predikaat Schone School 2007 behaald. Het bordje hangt naast de ingang van de school. En schoon willen we graag blijven, daarom vraagt dit steeds onze aandacht. Ook dit is een stukje (milieu)opvoeding.
5.2. Groepsverdeling Onze school is verdeeld in jaargroepen. Als het enigszins kan, willen we combinatiegroepen vermijden. Ook streven wij ernaar om de jongere groepen niet te groot te maken. De gemiddelde groepsgrootte is normaal gesproken circa 25 leerlingen. Daarnaast wordt er een zorgklas gevormd voor 5 ochtenden. Hierin worden leerlingen geplaatst die een eigen programma volgen. Tevens proberen we te bevorderen dat er niet meer dan twee leerkrachten per groep les geven. Groep 0/1 Juffrouw Mary en juffrouw Betty (dinsdagochtend en donderdagochtend) Deze kinderen hebben maandagmiddag en vrijdagmiddag vrij. Groep 1/2 Juffrouw Hetty (dinsdag en donderdag) Juffrouw Talitha (maandag en woensdagochtend) De kinderen van deze groep 1 hebben maandag de hele dag school en vrijdag de hele dag vrij! De kinderen van deze groep 2 krijgen vrijdagochtend les van juffrouw Annica. Ze zijn dan met alle kinderen van groep 2 bij elkaar. Die ochtend heeft deze groep een onderwijsassistente (stagiaire). Groep 2 Juffrouw Annica Groep 3 Juffrouw Bogerd en juffrouw Marthéze (maandagmiddag en dinsdagmiddag). Als Juffrouw Gerian terug komt geeft zij les aan groep 3. Juffrouw Marthéze geeft dan IRT aan -vooral leeszwakke- kinderen. Groep 4 Juffrouw Lucy (maandag en dinsdag) Juffrouw van der Ham (woensdag, donderdag en vrijdagochtend). Zij vervangt juf Esther. Groep 5 Meester van den End en meester van der Plas (woensdagochtend) Groep 6 Juffrouw Sarieke en juffrouw Anja (maandag) Groep 7 Meester Kramer, juffrouw van Laar (dinsdag) en juffrouw Marthéze (woensdag) Groep 8 Juffrouw Ingrid en meester van der Plas (dinsdagmiddag)
5.3. Nieuwe leerlingen in de school - Plaatsing van vierjarigen. Op de inschrijfmiddag, meestal in februari, kunt u uw kind aanmelden voor het volgende cursusjaar. Er liggen dan inschrijfformulieren klaar, die u mee naar huis krijgt. Als u een inschrijfformulier ondertekend hebt ingeleverd, met een kopie van het burgerservicenummer document van uw kind, krijgt u na verloop van tijd met uw kind een uitnodiging voor een kennismakingsochtend of –middag. Met nieuwe ouders houdt de directeur een kennismakingsgesprek. Hij maakt daarvoor een afspraak.
De instroom is dit jaar als volgt geregeld. - Kinderen die tot 1 oktober 4 jaar worden, komen in groep 1 terecht. Deze kinderen mogen voor hun verjaardag naar school. Echter niet meer dan vijf dagen. - Kinderen die na 30 september 4 jaar worden, mogen met ingang van hun vierde verjaardag naar school komen. Zij komen dan in de 0/1 groep. Deze kinderen komen dus niet van te voren. - Kort voor de vierde verjaardag ontvangt uw kind een kaart met de noodzakelijke gegevens (datum, tijd, juf, lokaal e.d.) om naar school te komen.
- Plaatsing van kinderen die tussentijds bij ons op school komen. Als u door verhuizing of vanwege een andere oorzaak uw kinderen bij ons op school wilt aanmelden, kunt u contact opnemen met de directie. U ontvangt dan de benodigde informatie en u wordt uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek.
5.4. Taken van het team Wie werken er in de school? Directeur en adjunct. (meester van der Plas en meester Kramer) De directeur is belast met de dagelijkse leiding van de school en eindverantwoordelijk voor de totale gang van zaken. Hij is verantwoordelijk voor de uitvoering van het door het bestuur vastgestelde beleid. Op dinsdagmiddag en woensdagochtend heeft de directeur lesgevende taken. De andere dagen is hij ambulant voor het uitvoeren van zijn directietaken. De adjunct-directeur staat de directeur ter zijde bij de uitvoering van de directietaken. Onderling is een taakverdeling afgesproken. Hij is iedere dinsdag ambulant.
Groepsleerkrachten. Zij zijn verantwoordelijk voor het onderwijsleerproces in de groep. De groepsleerkracht geeft vorm aan het onderwijsprogramma, houdt de resultaten van de leervorderingen bij en rapporteert intern aan de directieleden en extern aan de ouders. Zij zijn het eerste aanspreekpunt als u vragen hebt over het onderwijs aan uw kind(eren). Intern begeleider. (juf Gerdien en meester Kramer) Zij zijn met de groepsleerkrachten betrokken bij de extra zorg voor leerlingen buiten en/of binnen de groep. ICT-coördinator (meester van den End) Hij coördineert in overleg met de directeur alle activiteiten die betrekking hebben op het gebruik van computers en wat ermee samenhangt. Leerkracht crea (juf de Groot) Zij geeft aan de kinderen van groep 5 t/m 8 crealessen. (Handvaardigheid, tekenen en textiele vaardigheden). Zie ook 5.1 onder techniek. SOVA-leerkracht (juf Marthéze) Zij geeft aan alle kinderen van groep 6 –in groepjes- les in sociale vaardigheden. Het is een training waarbij ook de ouders via voorlichting en huiswerk betrokken worden.
5.5. Onderwijsactiviteiten Bijbels onderwijs wordt gegeven in de groepen 1 t/m 8. De school maakt gebruik van de Statenvertaling. De psalmen volgens de berijming van 1773 worden aangeleerd. Er is een psalmenrooster, waarbij de psalmen over de diverse leerjaren zijn verdeeld. In de groepen 7 en 8 wordt ook nog kerk- en zendingsgeschiedenis gegeven. En in groep 8 wordt uit de Heidelbergse Catechismus geleerd. Onderbouw (groep 1 en 2). In de onderbouw wordt het onderwijs vorm gegeven vanuit ontwikkelingsgebieden, waaronder: zintuiglijke ontwikkeling, taalactiviteiten, werken met ontwikkelingsmateriaal, bewegings- en expressieactiviteiten en sociale ontwikkeling. De dagactiviteiten zijn in grote lijnen als volgt: ontvangstgesprek, vertelling uit de Bijbel, werkles, eten en drinken, bewegingsonder-wijs, arbeid naar keuze (spelen in de hoeken en met ontwikkelings-materiaal), afgewisseld me liedjes, taalspelletjes, enz. Deze vorm van onderwijs heeft een projectmatig karakter. Midden- en bovenbouw. Basisvaardigheden. Nadat in groep 2 ‘gewerkt’ is aan de voorbereiding voor de basisvaardigheden, wordt in groep 3 begonnen met het leren lezen, schrijven, taal en rekenen (meer methodisch). Wereldoriëntatie. Vanaf groep 3 wordt apart aandacht besteed aan verkeer en biologie. We beginnen bij deze vakgebieden dicht bij het kind. Vanaf groep 5 besteden we ook aandacht aan vaderlandse geschiedenis en aardrijkskunde. Parate kennis aanbrengen neemt bij deze zaakvakken ook een belangrijke plaats in. Daarom wordt in de hogere groepen regelmatig huiswerk gegeven. Dit is ook een goede voorbereiding op het vervolgonderwijs. Verkeer. Om het verkeersonderwijs praktisdche invulling te geven doen we mee met School op Seef. Alle groepen krijgen per jaar een aantal praktische lessen. Bijvoorbeeld fietsvaardigheid, oversteken enz. Expressie activiteiten. Deze staan vanaf groep 3 ook als een apart vak op het activiteitenplan. Bewegingsonderwijs. Voor dit vak gelden kledingvoorschriften. Dat houdt in, dat kinderen een apart broekje en shirt of gympakje dragen. Ook het dragen van gymschoenen is verplicht. In groep 4 wordt zwemles gegeven. Extra Onder leiding van dhr. C. van den End is er een schoolorkest. Eén van de leerkrachten geeft blokfluitles.
5.6. Schoollogopedie Op onze school komt wekelijks een logopediste. Deze logopediste maakt, evenals de jeugdarts en de verpleegkundige, deel uit van de afdeling Jeugdgezondheidszorg van de G.G.D. De logopediste houdt zich bezig op school met kinderen, die problemen hebben met o.a.: - de taalontwikkeling (b.v. kleuters, die te lang blijven praten in te korte of verkeerd gevormde zinnen), - het spreken (b.v. kinderen, die moeite hebben met het uitspreken van klanken of klankverbindingen onder andere ten gevolge van duimzuigen), - de stem (schor, hees), - vloeiend spreken. De logopediste heeft tevens een preventieve taak bij het signaleren van slechtademende kinderen, van schadelijke mondgewoonten (o.a. mondademen, duimzuigen) e.d. Alle kinderen uit groep 2 worden aan het begin van het schooljaar gescreend. Verder kunnen de kinderen uit de andere groepen het gehele jaar worden aangemeld voor nader onderzoek, zowel door de ouders als door de leerkracht (in overleg met de ouders). De kosten van een eventuele behandeling zijn voor rekening van de ouders en kunnen bij hun eventuele ‘zorgverzekeraar’ worden gedeclareerd. Zonodig kunnen ouders de schoollogopediste bellen 0183-699799.
5.7. Jeugdgezondheidszorg GGD Om te bereiken dat alle kinderen in Nederland dezelfde zorg krijgen, heeft de GGD een zogenaamd basispakket ontwikkeld. Dit houdt in dat:
* alle kinderen in groep 2 en hun ouders een uitnodiging krijgen voor een onderzoek door de jeugdarts en de assistente * de kinderen in groep 4 worden gemeten en gewogen * alle kinderen in groep 7 en hun ouders uitgenodigd worden voor een verpleegkundig onderzoek Naast dit basispakket voert de GGD ook extra taken uit. De gemeenten kijken waar extra zorg nodig is, vaak in overleg met de scholen en vragen de GGD en andere instellingen dat uit te voeren. Zo is op veel scholen een multidisciplinair team werkzaam. Ook voorlichting en opvoedcursussen vallen onder deze extra zorg.
De GGD denkt met deze zorg de kinderen en hun ouders goed van dienst te kunnen zijn. En natuurlijk kunt u altijd met uw vragen bij de jeugdarts of jeugdverpleegkundige terecht. De door de GGD aangeboden zorg valt niet onder verantwoordelijkheid van het bestuur of de school. Dat geldt uiteraard ook voor de informatie die u van de GGD aangereikt krijgt in de vorm van folders enz.
5.8. MEDICIJNGEBRUIK Als uw kind structureel medicijnen gebruikt willen we dat graag weten. Vooral als het gebruik ervan gevolgen heeft voor bepaalde schoolsituaties is het belangrijk dat we daarvan op de hoogte zijn. We zullen deze gegevens uiteraard zorgvuldig behandelen. De -op dat moment- verantwoordelijke leerkracht van uw kind zal er een notitie van maken in het leerlingendossier. Het is dan de volgende jaren ook bekend bij de toekomstige leerkracht(en). Als uw kind op school medicijnen tot zich moet nemen meldt u het ook aan de leerkracht. Deze noteert ook dit gebruik in het leerlingendossier. Tevens maakt hij of zij afspraken met u over het opruimen en innemen van deze medicijnen. Normaliter wordt het in een afgesloten bakje in het betreffende lokaal of -zo nodig- in de koelkast bewaard. Maar als dat nodig is kunnen er ook andere afspraken gemaakt worden. De afspraken worden door de leerkracht genoteerd en in de groepsmap bewaard en weer doorgegeven aan de volgende leerkracht. Bij wijzigingen in het medicijngebruik van uw kind, moet u de verantwoordelijke leerkracht daarvan op de hoogte stellen. Het stoppen met of wijzigen van het medicijngebruik wordt weer door de leerkracht genoteerd in het leerlingendossier en -zo nodig- in de groepsmap bewaard. Ook meldingen van allergieën die op school bekend moeten zijn zullen we op de hierboven beschreven manier behandelen.
6. DOELEN EN RESULTATEN VAN HET ONDERWIJS De kerndoelen voor het basisonderwijs zijn wettelijk goedgekeurd. Deze kerndoelen zijn richtlijnen voor het bewaken van de kwaliteit van het onderwijs. Alle scholen voor basisonderwijs zijn verplicht aan de kerndoelen te voldoen. Voorbeelden van kerndoelen zijn: leerlingen kunnen uit het hoofd optellen en kennen vermenigvuldigingstafels tot 10 (rekenen); leerlingen kennen de maatregelen die in Nederland genomen worden (werden) om bewoning van door water bedreigde gebieden mogelijk te maken. Ook willen we als schooldoel vermelden dat we ernaar streven ieder kind een ononderbroken ontwikkelingsproces aan te bieden, zodat in principe iedere leerling in acht jaar de school kan doorlopen. Soms geldt voor een leerling dat hij of zij meer dan acht jaar nodig heeft om het gehele traject van de basisschool te doorlopen. Is het dan noodzakelijk dat een jaar over gedaan moet worden, dan gebeurt zo’n belangrijke actie altijd in overleg met de ouders. Het behoort tot de competentie van de school dat zij in deze zaak de eindbeslissing neemt. In sommige gevallen wordt ook gedacht aan een jaar overslaan. Ook dat gebeurt in overleg met de ouders.
In de komende jaren zullen we nagaan welke onderwijskundige maatregelen genomen dienen te worden om ons onderwijs kwalitatief nog meer te verbeteren. In het schoolplan, dat gemaakt is voor de periode 2007-2011, is hiervoor een verbeterplan opgesteld. Van die plannen wordt u op de hoogte gehouden. In het verslag van het laatstgehouden inspectiebezoek kwam vooral naar voren dat we verder moeten werken aan de kwaliteitszorg en het structureren van de leerlingenzorg. Die zorg is wel in orde, maar niet inzichtelijk op papier.
Voor de vakken lezen, rekenen-wis-kunde en het taalonderdeel spelling maakt de school gebruik van de genormeerde toetsen van het Cito-leerling-volgsysteem. Hiervoor hanteren we een toetskalender. In mei van elk schooljaar maakt groep 7 de entreetoets. Met behulp van de uitslag van deze toets kunnen we zien wat we in groep 8 extra aandacht moeten geven voor de totale groep (schrijven van teksten, verhoudingen/breuken/procenten en studieteksten en informatiebronnen) en voor de kinderen apart. Halverwege elk schooljaar maakt groep acht de Cito-Eindtoets Basisonderwijs. De uitslag daarvan wordt gebruikt voor het adviseren van de ouders bij de schoolkeuze van hun kind(eren) naar het vervolgonderwijs. De resultaten van deze toetsen liggen tot nu toe op of boven het landelijk gemiddelde. Het percentage leerlingen dat naar de diverse vormen van vervolgonderwijs gaat, wisselt van jaar tot jaar. Het is afhankelijk van de samenstelling van groep 8. De schoolkeuze voortgezet onderwijs is afhankelijk van 3 elementen: de capaciteiten van een kind, de kwaliteit van de basisschool en de thuissituatie. Wij stellen ons ten doel het maximale uit elk kind te halen en er zodoende voor te zorgen dat het kind in de meest geschikte vorm van voortgezet onderwijs terecht komt en op die school goed kan meekomen.
De uitslag van de CITO-eindtoets leverde de volgende schoolresultaten op. We vergelijken ze met het landelijk schoolgroepgemiddelde op de getoetste onderdelen:
Taal Rekenen Studie vaardigheden School: 77% School: 71% School: 79% Landelijk: 76% Landelijk: 72% Landelijk: 76%
Wereldoriëntatie School: 75% Landelijk: 72%
Uit de laatstgehouden uitslag bleek, dat onze leerlingen ten opzichte van hun eigen gemiddelde zwak scoorden op de onderdelen: begrijpend lezen, lezen van schema´s tabellen en grafieken en geschiedenis. We zullen nagaan wat daarvan de oorzaak is en het vervolgens aanpakken.
In de achterliggende twee jaar hebben onze leerlingen de volgende adviezen meegekregen voor het vervolgonderwijs: 2005 2006 2007 2008 2009
VMBO BK 40% 35% 28% 44% 20% VMBO GT 42% 20% 28% HAVO/VWO 60% 65% 30% 36% 52%
Dit schooljaar zijn twee leerlingen verwezen naar het speciaal onderwijs.
7. DE ZORG VOOR KINDEREN De zorg voor de kinderen is natuurlijk in eerste instantie de zorg die elke groepsleerkracht dagelijks in de groep aan de kinderen besteedt. Maar daarnaast zijn er leerlingen die extra zorg nodig hebben. Hulp aan de kinderen die extra zorg nodig hebben vindt vooral in de groep plaats. Daarnaast is er ook zorg die buiten de groep gegeven wordt. We hebben daar in de school een aparte ruimte voor. Sommige leerlingen kunnen daarnaast in een aparte zorggroep geplaatst worden voor rekenen-wiskunde, taal en lezen. Deze zorggroep werkt 5 ochtenden per week in een eigen lokaaltje met een eigen leerkracht. Over de organisatie van deze leerlingenzorg gaat het in dit hoofdstuk.
7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften Individuele begeleiding: Signalering. De school neemt regelmatig, twee à drie keer per jaar bij alle leerlingen toetsen af. Deze staan vermeld op de toetskalender, die door de IB-er (Intern begeleider, dat is een leerkracht die zich extra bezig houdt met de onderwijszorg voor kinderen in de gehele school) wordt gemaakt in overleg met het team. Uitvallende leerlingen worden besproken met de interne begeleider. Naar aanleiding van deze bespreking kan een hulpplan worden opgesteld. Zo nodig met hulp van de SBD (Schoolbegeleidings-dienst). Na verloop van tijd wordt er geëvalueerd. Naar aanleiding van deze evaluatie vindt bijstelling/aanpassing van bedoeld plan plaats. Voor de duidelijkheid willen we benadrukken dat de genoemde toetsen niet alleszeggend zijn. Het kind presteert immers in de lessen ook. De (sociaal/emotionele) ontwikkeling wordt door observatie gevolgd. Dat is niet toetsbaar. De toetsen hebben mede een functie in het meten van de kwaliteit van ons onderwijsaanbod door de schooljaren heen. Daarom nemen we toetsen af in groep 1 t/m 8.
7.2. Informatie aan de ouders Indien zich met een betreffende leerling opvallende resultaten voordoen, wordt door de groepsleerkracht vroegtijdig contact met de ouders opgenomen en de waargenomen problematiek doorgesproken. Indien zich afwijkingen van het reguliere onderwijsprogramma voordoen, worden ouders hierbij betrokken en geïnformeerd bij het opstellen van de afwijkende leerroute. Ouders worden ook betrokken bij de evaluatie van de extra gegeven hulp. We werken hierbij volgens het onderstaand protocol: · Leerkracht heeft een gesprek met de intern begeleider. · Lk bezoekt de ouders / I.B- er belt de ouders. · Weer contact met de leerkracht en IB-er · Bespreking van de noodzaak voor aanmelding voor een onderzoek bij de SBD. · Zo ja; IB-er belt/ bezoekt de ouders voor hun goedkeuring. · De school en de ouders vullen de aanvraagformulieren in. · De ouders en de directeur ondertekenen een toestemmingsverklaring. · De toestemmingsverklaring blijft alle schooljaren geldig voor het betreffende kind. · Een samengestelde commissie vanuit schoolbegeleidingsdienst (SBD) en de Preventieve Ambulante Begeleiding ( PAB ) beslissen of een onderzoek echt nodig is. · Een psycholoog of orthopedagoog van de SBD heeft een gesprek met de ouders op school. · Het onderzoek wordt door de SBD afgenomen. · Uitslag wordt eerst met de leerkracht/IB-er besproken, daarna met de ouders erbij. · Er worden door de psycholoog / orthopedagoog richtlijnen gegeven voor leerkrachten en ouders met of zonder doorverwijzing naar een ( kinder)arts, fysiotherapeute of dergelijke. · Als er een diagnose nodig is voor het kind, worden de ouders altijd doorverwezen naar een hulpverleningsinstantie, die de bevoegdheid daarvoor heeft. Verdere stappen moeten vanaf nu door de ouders zelf worden ondernomen. Als een kind al een jaar ouder is dan zijn klasgenoten en er een onderzoek gedaan is naar zijn verstandelijke en / of sociale vermogens wordt hij of zij meestal in de zorggroep geplaatst. Bij hoge uitzondering wordt naar een andere school doorverwezen.
7.3. Leerling-dossier Opvallende gegevens van leerlingen worden vastgelegd in een leerling-dossier ten einde het onderwijs optimaal te doen aansluiten bij de mogelijkheden van deze leerlingen. De voortgangregistratie kan in een map worden bijgehouden. Het resultaat hiervan wordt ook vermeld in het leerling-dossier. Om misverstanden te voorkomen vermelden wij hier dat van elke leerling een leerling-dossier aanwezig is. In dit dossier zijn opgenomen: persoonlijke gegevens: te weten leeftijd, sekse, adres; het wel of niet doubleren en specifiek genomen pedagogisch-didactische maatregelen. Ouders hebben inzagerecht in dit leerling-dossier. Een deel van de gegevens zijn digitaal opgeslagen.
7.4. Zorgplan Onze school is aangesloten bij het samenwerkingsverband WSNS (WeerSamenNaarSchool) ‘Alblasserwaard-West’, waarbij een school voor speciaal onderwijs deel uitmaakt van dit verband. Binnen dit verband geldt een gemeenschappelijk aangenomen Zorgplan. Indien kinderen niet meer via de reguliere hulpverlening op onze basisschool verantwoord opgevangen kunnen worden, kan na toestemming van de ouders hun kind geplaatst worden op een school voor speciaal onderwijs. Voor het zover is, heeft de school al heel wat stappen gezet, zoals omschreven in het documentje: Hulpverleningsprocedure “Alblasserwaard-West.” Binnen het samenwerkingsverband is een hulpvoorziening in het leven geroepen om verwijzing naar een speciale school voor basisonderwijs te voorkomen. Deze hulp (sbo-groepen) wordt gegeven aan de Christelijke school te Bleskensgraaf. Voor iedere belangstellende in deze zaak ligt op school een heldere folder klaar. Zowel voor plaatsing op de basisschool met de hulpklas voorziening als voor plaatsing op een speciale school voor basisonderwijs dienen ouders hun kind formeel aan te melden bij de Permanente Com-missie Leerlingenzorg. Aanmeldingsformulieren zijn op school verkrijgbaar.
7.5. Procedure Overleg tussen school en ouders over de aanmelding. Ouders vullen het aanvraagformulier van de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg) in en dragen zorg voor verzending. De PCL beoordeelt de toelaatbaarheid van een leerling tot de school voor speciaal basisonderwijs. Binnen acht weken dient het besluit van de PCL aan de ouders bekend gemaakt te zijn. Binnen zes weken na deze beschikking kan door de ouders een bezwaarschrift worden ingediend. Binnen zes weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient een besluit genomen te worden. Binnen zes weken na dit laatst vermelde besluit kan een beroepsschrift worden ingediend bij de rechtbank.
7.6. Kinderen met een handicap Op onze school zijn binnen het toelatingsbeleid in principe alle kinderen welkom die behoren tot het normale voedingsgebied van de school. Wel wordt bij aanmelding bekeken, of verwacht mag worden dat het team dit kind kan begeleiden zonder dat het kind of de andere kinderen daardoor te kort komen. Plaatsing van kinderen met extra zorg en aandacht is immers alleen goed als dit echt verantwoord is en hangt dus wel af van de mogelijkheden die er op school zijn. Leerlingen met extra zorg en aandacht vallen onder speciale leerlingbegeleiding.
Dit houdt in, dat wij accepteren dat leerlingen niet op dezelfde manier en in hetzelfde tempo leren. We gaan uit van verschillen tussen leerlingen bij het kiezen van onze leerinhouden en doelen, waarbij verschillen in differentiecapaciteiten van leraren ook een rol spelen. Wanneer tot plaatsing wordt besloten, moet duidelijk zijn dat: de leraar waarbij het kind wordt geplaatst extra tijd beschikbaar krijgt voor zaken als bijscholing en contacten met ouders en andere instanties; * er ambulante begeleiding vanuit een REC geboden wordt; * de leraar extra steun krijgt van de teamgenoten; * de extra formatie die wordt ontvangen voor dit kind goed benut wordt; * de ouders en de leraar elkaar van goede informatie voorzien; * de ouders gevraagd zal worden om bij te springen indien nodig; * de Intern Begeleiders regelmatig bij het overleg over de leerling betrokken zijn. Steeds opnieuw zal bekeken worden of er voor dit kind nog voldoende mogelijkheden op school zijn. Is dit niet meer of onvoldoende het geval dan zal in overleg met de ouders verwijzing naar een school voor speciaal basisonderwijs overwogen worden.
7.7. Dyslexieprotocol Onze ouders kunnen weleens de vraag stellen: ‘Heeft mijn kind soms dyslexie?’. Met het oog hierop is er door de schoolbegeleidingsdienst een protocol opgezet voor de groepen 1 t/m 4. Dit is als handboek uitgegeven en wordt ook door onze school als leidraad gebruikt, om leeszwakte zo vroeg mogelijk op te sporen. Een sluitend dyslexie-onderzoek is er niet, maar men is wel bezig om met behulp van bepaalde toetsen de leeszwakke kinderen volgens een dyslexieprotocol in kaart te brengen. Dit programma staat op een cd-rom en kan zo de hele schoolperiode gebruikt worden. Afgelopen jaar hebben we als school de vereiste toetsen aangeschaft, nl.: - Pl dictee. Dit is een dictee, wat eenmaal in de 5 maanden wordt afgenomen. - De Klepel. Dit is een test voor leesvaardigheid, bestaande uit pseudo-woorden. Andere toetsen, die voor we voor het leesonderzoek nodig hebben, gebruiken we al verschillende jaren. Het meest bekend zijn de zgn. Drie-minuten-toets en de Spellingsvaardigheids toets. Beide zijn Cito-toetsen.
Als blijkt dat een kind echt een achterstand in lezen heeft, dan nog kunnen we op zo’n moment niet zeggen, of dit dyslexie is. Meestal is deze constatering pas rond tienjarige leeftijd duidelijk.
Voor leeszwakke kinderen, of ze nu dyslexieverschijnselen vertonen of niet, geldt altijd dat ze veel moeten oefenen. Juist deze kinderen houden meestal niet zo van lezen, dus moeten ze extra gestimuleerd worden door hen b.v. veel voor te lezen (ook al zijn ze al wat ouder) en tevens is het nuttig om met hen naar een bibliotheek te gaan.
7.8 bovengemiddelde leerlingen Vanaf januari 2009 is het deelzorgplan “Adaptief onderwijs voor leerlingen die boven gemiddeld (kunnen) presteren” in gebruik genomen binnen onze school. In dit plan is beschreven hoe de bovengemiddelde leerlingen gesignaleerd worden (wie zijn het?), hoe we tot een diagnose komen (wat houdt het precies in?) en op welke wijze we deze leerlingen –voor zover in ons vermogen ligt – passend onderwijs aan (willen) bieden. Eigenlijk dus dezelfde handelwijze als voor leerlingen die de stof erg moeilijk vinden, maar deels met andere middelen. In iedere groep is een map aanwezig met aanwijzingen voor de praktijk van signaleren en diagnosticeren. Daarin staan ook schoolbrede afspraken o.a. over het schrappen van herhalingsstof voor rekenen (compacten) met behulp van het “Routeboekje”. Ook is er een map met verrijkingsmateriaal aanwezig met extra (verdiepings-)stof. We hopen hiermee ook deze leerlingen de uitdaging te geven, die ze nodig hebben. We noemen ook dit verrijkend onderwijs.
8. ONDERWIJSTIJD EN LESVERZUIM
We streven ernaar om maximaal twee leerkrachten voor één groep te hebben om te voorkomen dat onze leerlingen met teveel leerkrachten te maken krijgen, waardoor het pedagogisch-didactische klimaat schade lijdt. Bij ziekte van een leerkracht maakt onze school gebruik van de parttime leerkrachten die aan de school verbonden zijn. In uiterste gevallen vervallen de lessen.
In de onderbouw (gr. 1 t/m 4) bieden wij aan 3533 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 3.520 uren. We hebben een marge van 13 uren. Dat is ongeveer 3 uur per groep. We bieden in de bovenbouw (gr. 5 t/m 8) aan 4.048 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 4.000 uren. We hebben een marge van 48 uren. Dat is 12 uur per groep. In de klas wordt elke dag bijgehouden welke kinderen afwezig c.q. ziek zijn. Ouders melden schriftelijk, mondeling of telefonisch dat hun kind ziek is. Het verlenen van specialistische hulp door derden b.v. tandarts, dient zoveel mogelijk buiten schooltijd te geschieden. In geval van verzuim van dit melden door de ouders neemt de school (primair de groepsleerkracht) contact met thuis op. Wanneer de ouders een verzoek bij de school indienen voor verzuimverlof, dan dient dit vooraf schriftelijk, gemotiveerd en ondertekend bij de directeur te worden ingediend. We wijzen u er op, dat we de regels strikt moeten handhaven. Vooral wat betreft een (half)dagje langer vakantie is daar in de wet geen ruimte voor. Minstens één week voorafgaande aan de ingangsdatum van het gevraagde verlof dient het verzoek op school te zijn, tenzij sprake is van overmacht. De ouders krijgen van de school antwoord op hun verzoek. In verband met ongeoorloofd schoolverzuim is elke school, dus ook onze school, verplicht dit binnen twee dagen aan de leerplicht-ambtenaar van de gemeente Zederik door te geven. Deze leerplichtambtenaar is mw. M. Timmerman. Zij werkt ook voor de gem. Giessenlanden en is te bereiken op tel. 0183 - 583880. 9. OUDERBIJDRAGE Het bestuur vraagt van ouders een vrijwillige bijdrage. Deze invoering is noodzakelijk om kosten te bestrijden die van overheidswege niet (meer) vergoed worden. Te denken valt hierbij aan het opzetten van een documentatiecentrum, excursies, enz. Daarnaast kunnen hierdoor de tekorten aangevuld worden die, ondanks de bijdragen van ouders, ten aanzien van het kerstgeschenk en het schoolreisje jaarlijks ten laste van de vereniging komen.
De ouderbijdrage zal in een afzonderlijk te administreren fonds worden ondergebracht waarbij de ouders jaarlijks via de schoolkrant ingelicht zullen worden hoe de middelen zijn besteed. Omtrent deze besteding zal het bestuur in ieder geval overleg plegen met de medezeggenschapsraad.
10. RECHTEN EN PLICHTEN VAN OUDERS/VERZORGERS, BEvOEGD GEZAG EN LEERLINGEN
10.1. Klachtenprocedure De school hanteert de klachtenprocedure, zoals aangegeven in het model van de VGS. Deze regeling is op school aanwezig en ouders kunnen deze regeling op school ter inzage krijgen. Vertrouwenspersoon is dhr. J. Verrips (zie adressenlijst). De aanmeldingsprocedure is als volgt: a. Een klacht wordt schriftelijk ingediend bij de directeur of bij de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag (secr.). b. De klacht omvat tenminste naam en adres van de klager, de dag tekening en de omschrijving van de klacht. c. Er wordt gekeken of er bemiddeling c.q. een oplossing mogelijk is, die voor de klager bevredigend is. Zo niet, dan dient de klacht aangemeld te worden bij de klachtencommissie. Om misverstanden in deze procedure te voorkomen, willen wij nadrukkelijk stellen, dat de klacht alleen door tussenkomst van de directeur, de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bij de klachtencommissie kan worden ingediend. Binnen twee weken na ontvangst van de schriftelijke klacht, dient men aan de klager te laten weten of de klacht wordt doorgezonden naar de klachtencommissie. De directeur c.q. vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bericht aan de klager dat doorzending heeft plaatsgevonden. De klachtencommissie beslist binnen één week na ontvangst van de klacht of deze wel of niet ontvankelijk wordt verklaard. De klager wordt schriftelijk meegedeeld wat de beslissing is geworden. Binnen twee weken kan de klager na een niet-ontvankelijk verklaring van zijn klacht, schriftelijk en met redenen omkleed, bezwaar aantekenen bij de klachtencommissie. De klachtencommissie beslist binnen twee weken over de gegrondheid van de klacht en deelt haar besluitvorming daarover schriftelijk aan de klager mee. Bij ontvankelijk verklaring van de klacht wordt de klacht nader door de commissie onderzocht, waarbij een hoorzitting kan plaatsvinden. Binnen twee weken na de hoorzitting brengt de klachtencommissie verslag uit aan de klager, de aangeklaagde, directie, het bevoegd gezag en de vertrouwenspersoon. Het oordeel van de klachtencommissie gaat vergezeld van aanbevelingen van eventueel te treffen maatregelen.
Bij het signaleren van een (onderwijskundig) probleem bevelen wij de volgende route aan. Bespreek wat u wilt met het direct betrokken personeelslid. Leidt dit gesprek niet tot het gewenste resultaat, wendt u zich dan tot de directie. Is na dit contact geen bevredigende oplossing gevonden, dan vraagt u een gesprek aan met het bevoegd gezag van onze school. Eventueel kunt u met de vertrouwenspersoon van de school overleg voeren.
10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering De aanmeldingsprocedure gaat als volgt in zijn werk: Ouders melden hun kind schriftelijk aan bij de school. Op dit inschrijfformulier geeft u aan of u de grondslag en de doelstelling van de school respecteert, dan wel onderschrijft. U geeft daarmee aan u er van bewust te zijn uw kind(eren) aan te melden op een school die werkt vanuit Christelijke levensovertuiging. Deze christelijke overtuiging is met het gehele onderwijs verweven. Het bestuur heeft het recht een leerling(e) niet toe te laten op school. Dit behoort schriftelijk en met redenen omkleed aan de ouders te worden meegedeeld. Ouders hebben het recht een bezwaarschrift tegen dit besluit bij het bevoegd gezag in te dienen. Binnen vier weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient besluitvorming door het bevoegd gezag plaats te vinden. Tegen deze eindbeslissing bestaat geen beroepsmogelijkheid. Het bevoegd gezag kan een leerling(e) van de school verwijderen, indien er sprake is van wangedrag van een leerling(e). Met dit wangedrag wordt een gedrag bedoeld dat de rust of de veiligheid op de school ernstig verstoord. Ook kan een leerling(e) worden verwijderd, indien sprake is van het systematisch overtreden door de leerling(e) en/of diens ouders van de in de school geldende èn aan de ouders en leerlingen kenbaar gemaakte gedragregels.
Hieronder volgt de procedure bij verwijdering van leerlingen naar aanleiding van bovengenoemde problematiek: a. Een gesprek tussen de betrokken leerkracht met de ouders van de leerling(e) gericht op een oplossing van de problematiek. b. In dit gesprek wordt de ouders meegedeeld, dat indien er geen overeenstemming kan worden bereikt over een oplossing van de problemen, de directeur en het bevoegd gezag over de desbetreffende problematiek zullen worden ingelicht. c. De directeur informeert het bevoegd gezag over de problematiek. d. Het bevoegd gezag hoort de groepsleerkracht, de directeur en de ouders. e. Het bestuur besluit tot definitieve verwijdering van de leerling(e), nadat het bevoegd gezag ervoor heeft zorg gedragen dat het bevoegd gezag van een andere school voor primair onderwijs bereid is om de betrokken leerling(e) toe te laten. f. Voor punt e in werking treedt; hoort het bevoegd gezag nogmaals de ouders en de betrokken groepsleerkracht. Het besluit tot definitieve verwijdering wordt de ouder(s) schriftelijk en met reden omkleed bij aangetekend schrijven bekend gemaakt. Schorsing Onder schorsing verstaan wij de bevoegdheid tot tijdelijke verwijdering van een leerling(e) voor ten hoogste 3 schooldagen. De directeur dient hierover vooraf de betrokken groepsleerkracht te horen en is verplicht om de ouders van de betrokken leerling(e) schriftelijk hiervan mededeling te doen en tevens moet hij het bevoegd gezag inlichten (op school ligt ter inzage het uitgewerkte stappenplan over hoe te handelen bij verwijdering van leerlingen).
10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen Er zijn drie soorten onderwijskundige rapporten: a. bij het vertrek van een leerling naar het vervolgonderwijs; b. bij verhuizing van leerlingen; c. bij plaatsing van leerlingen op een school voor speciaal onderwijs. Ouders kunnen op verzoek informatie over deze rapportage verkrijgen.
10.4.Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aansprakelijkheid Onze school biedt mogelijkheden tot overblijven. Ook de organisatie ervan is in handen van de school. Ieder gezin met kinderen op onze school uit de Weverwijk, de Kanaaldijk, Middelkoop en verder alles wat buiten Leerbroek woont heeft de mogelijkheid om kosteloos hun kinderen te laten overblijven. Voor andere gezinnen gelden de volgende afspraken. U kunt een jaarabonnement afsluiten als u uw kind iedere dag wilt laten overblijven. Dit kost € 25,-- per kind. Bij meerdere kinderen uit één gezin kost het € 50,--. U kunt ook een 10 strippenkaart kopen voor €5,--. Uw kind(eren) kunnen hiermee 10 keer op school eten. U kunt zelf kiezen wanneer ze gebruikt worden en ze blijven onbeperkt geldig. Abonnementen en strippenkaarten kunnen bij de directie worden aangeschaft. Het geld wordt gebruikt om de kosten van het overblijven te betalen en er kunnen spelletjes worden gekocht voor de keren dat het regent. Er is op onze school een groep overblijfouders actief tijdens de middagpauze van 12.25 tot 13.00 uur. Zij houden toezicht op de overblijvende schooljeugd. Namens de leerkrachten coördineert juf Anja het overblijven samen met juf Ingrid.
Regels voor het overblijven. 1. De groepsleerkracht zorgt ervoor dat de kinderen niet voor 12.25 uur naar buiten gaan. 2. De overblijfouders worden met u aangesproken. 3. De hekken blijven tot 13.00 uur gesloten. 4. De kinderen uit groep7 (di. en vr.) en groep 8 (ma. en don.) mogen als de leerkracht toestemming heeft gegeven om 12.25 uur naar het veld en-of de kooi om te voetballen. Ze moeten er wel op letten, dat het hek van het plein weer dicht gaat. 5. Dit voetballen gebeurt zonder toezicht en alleen als de ouders van deze overblijvende kinderen het goed vinden. Als ouders vinden dat hun kind niet van het plein mag om te voetballen, moeten zij dit met hun eigen kind afspreken en laten weten aan het personeel. 6. Kinderen die thuis eten, mogen pas om 13.00 uur weer op het plein, zodra de overblijfouder toestemming geeft. Bij regen kunnen deze kinderen beter later komen, omdat zij niet om half negen of één uur naar binnen mogen. 7. Er mogen geen ballen op het plein, alleen als er een spel wordt gespeeld onder leiding of toezicht van de overblijfouder. Voetballen op het plein is altijd verboden. Om 13.00 uur moet de bal binnengebracht worden. 8. De kinderen van groep 1 en 2 moeten altijd achter de witte streep spelen. Kinderen van groep 3 mogen daar ook spelen. 9. De kinderen van groep 4-8 mogen nooit achter de witte streep spelen, ook niet op vrijdag. 10. Alleen de kleuters mogen door de achteringang naar binnen/buiten. 11. Bij kleine ongelukjes gaat de overblijfouder zelf even met het kind naar binnen, of stuurt een ouder kind mee. 12. Er staat een verbandkist (EHBO) in de grijze kast bij de wasbakken in de gemeenschapsruimte. Op de kast hangt ook het telnr. van de arts en HAP Gorinchem. 13. Bij grotere ongevallen waarschuwt de ouder een leerkracht. Zij beslissen samen of er een arts moet worden gebeld. De betreffende ouder van het kind wordt z.s.m. gebeld. 14. De overblijfouder beslist of de kinderen met regenachtig weer naar binnen mogen of niet. Alle kinderen luisteren hiernaar. Dus: òf iedereen binnen òf iedereen buiten. 15. De kinderen van groep 1-5 gaan bij regenachtig weer in hun lokaal spelen, de kinderen van groep 6-8 blijven in de gemeenschapsruimte spelletjes doen onder verantwoordelijkheid van de overblijfouder.
Belangrijk! Overblijvende kinderen die brutaal gedrag vertonen richting de overblijfouder of eventuele leerkrachten, krijgen een waarschuwingskaart mee naar huis. Dit regelt de betreffende groepsleerkracht. Op de kaart wordt door de groepsleerkracht vermeld welke gebeurtenis aanleiding heeft gegeven tot de waarschuwing. De kaart wordt thuis door de ouders ondertekend en weer mee gegeven naar school. De coördinerende leerkrachten bewaren deze waarschuwingen. Komt het na de waarschuwingskaart nog een keer voor dat er onacceptabel gedrag wordt vertoond, dan krijgen deze kinderen een tweede kaart mee naar huis en mogen zij met onmiddellijke ingang twee weken niet op school eten. Ook deze kaart wordt weer ondertekend door de ouders en terugbezorgd op school. Bij een derde keer volgt direct uitsluiting van overblijven voor 2 weken. Een eventuele vierde waarschuwing vinden wij zo ernstig, dat de directie een passende straf op zal leggen. Willen de ouders van overblijvende kinderen hun kinderen thuis op deze regels wijzen? Voorkomen is beter dan genezen.
Het is erg belangrijk dat alle overblijfouders bovenstaande regels consequent handhaven. Zij kunnen bij problemen altijd de hulp inroepen van het personeel en wangedrag melden bij de leerkracht die om 13.00 uur de pleinwacht overneemt. Die kan dan alsnog maatregelen nemen. Zij houden zich daarbij aan bovenstaande regels. Hebt u vragen over bepaalde situaties, dan kunt u het altijd even vragen.
Wettelijke aansprakelijkheid Onze school heeft een aansprakelijkheidsverzekering, omdat zij aansprakelijk is voor schade aan derden die ontstaat door onrechtmatige daden en toerekenbare tekortkomingen van iedereen die in schoolverband onder gezag of verantwoordelijkheid van het schoolbestuur optreedt. Een bestuur is in het algemeen niet aansprakelijk voor de schade die in schoolverband door een leerling is veroorzaakt. Een schoolongevallenverzekering dekt de kosten van ongevallen die leerlingen, leerkrachten etc. tijdens, voor, en vlak na schoolactiviteiten overkomen. Denk hierbij aan schoolreis, schoolzwemmen e.d. Deze verzekering is gedeeltelijk een aanvulling op Ziekenfonds en Particuliere verzekeringen. Rekeningen moeten daarom eerst bij deze verzekeraars ingediend worden. Bij geen of slechts gedeeltelijke vergoeding is beroep op deze schoolongevallenverzekering mogelijk. Nog een voorbeeld: als bij het knikkeren op school een ruit sneuvelt, dienen ouders zelf deze schade te vergoeden (W.A.). Kortom: de W.A.-verzekering die onze school heeft afgesloten betekent dat alleen schade aan derden wordt vergoed. De schade die men aan de school (het gebouw b.v.) maakt, is voor eigen rekening.
10.5. ONDERSTEUNENDE WERKZAAMHEDEN- Het bevoegd gezag stelt de ouders in de gelegenheid ondersteunende werkzaamheden te verrichten ten bate van het onderwijs. Het betreft de volgende activiteiten: - bibliotheek uitleen - schoolreisjes - leeshulp - begeleiden van excursies e.d.
Bij deze en andere activiteiten dienen de ouders de aanwijzingen van de directeur en het overige onderwijzende personeel op te volgen. We verwachten van helpende ouders, dat zij zich aan de kledingregels houden, die voor de leerkrachten gelden.
10.6. Contacten met de ouders In verband met de uitreiking van het kerst- en paasrapport zijn er twee contactavonden per jaar vanaf groep 3. In deze zogenoemde tien-minuten-gesprekken wordt dan met elkaar gesproken. Ook wordt er in de verschillende leerjaren huisbezoek bij onze leerlingen afgelegd. De leerlingen uit groep 1 en 2 krijgen jaarlijks huisbezoek. Ook de ouders van nieuwe leerlingen uit de groepen 3 t/m 8 krijgen bezoek. Voor de overige leerlingen wordt huisbezoek afgesproken, als de leerkracht of de ouder(s) dat nodig vinden.
Iedere eerste week van de maand ontvangt u een nieuwsbrief waarin we u bijpraten over de actuele nieuwtjes van de school. Twee keer per jaar (winter en zomer) ontvangt u een schoolkrant met veel leerlingenwerk en andere wetenswaardigheden.
Helaas hebben we op onze school ook te maken met leerlingen uit gescheiden gezinnen. Wij houden ons wat betreft de informatievoorziening aan onderstaande regels. De school heeft ook een zelfstandige informatieplicht tegenover de ouder die het kind niet verzorgt, het ouderlijk gezag niet heeft of zelfs geen omgangsregeling. Alleen als de rechter dat in een specifiek geval bepaalt, zal de school in principe afwijken van die plicht. Het gaat erom ‘een beeld te geven van hoe het kind op school functioneert’. Doet het kind zijn best? Voelt hij zich prettig in de klas? Kan hij meekomen met de anderen? De niet-verzorgende ouder mag, zodra die zelf om informatie heeft gevraagd, verwachten dat de school nieuwsbrieven en de rapporten opstuurt, hem of haar uitnodigt voor een ouderavond en een schoolgids toestuurt. Maar bij de dagelijkse zorg is het in principe voldoende om de verzorger in te lichten, dat kan ook een oma of een oppas zijn. Bijvoorbeeld dat het kind ziek is geworden op school, dat er hoofdluis heerst of waar de groep heengaat met het schoolreisje.
Aan onze school is een medezeggenschapsraad verbonden. Deze bestaat uit twee geledingen, namelijk ouders en leerkrachten. Deze medezeggenschapsraad (mr) geeft adviezen over onderwerpen die met het beleid van de school te maken hebben. Voor deze schoolgids hebben ook zij hun instemming moeten geven. Ook door middel van onze schoolkrant is een goede communicatie tussen ouders en school mogelijk, naast het van tijd tot tijd verschijnen van zogenaamde nieuwsbrieven of mededelingen.
10.7. BUITENSCHOOLSE OPVANG Met ingang van dit schooljaar is het bestuur verplicht buitenschoolse opvang aan te (laten) bieden. Tot nu toe hebben alle ouders aangegeven hier geen gebruik van te willen maken. Mocht u wel gebruik van deze opvang willen maken, moet u dat tijdig melden aan de secretaris van het schoolbestuur of tijdens het aanmeldingsgesprek.
Tenslotte
In het schoolgebouw vinden nog enkele activiteiten plaats die niet onder verantwoordelijkheid van het schoolteam en het bestuur plaatsvinden. Er is een schoolkoor genaamd “Klein Vogelijn” actief. Voorts kunnen lessen in typen gevolgd worden en verzorgt een muziekschool muzikaal onderwijs. Vereniging de SpeelBank is een uitleen van spelletjes voor alle leeftijden. Deze uitleen vindt plaats tijdens schoolweken op donderdagavond van 18.30 uur tot 20.00 uur in de hal van de school. Lidmaatschap kost u € 10,-. U kunt ook met een knipkaart 5 spellen lenen voor €3,-
Informatie:Speelbank@gmail.com
Deelname aan al deze activiteiten is geheel van vrijwillige aard. Ook de keuze van de instelling waardoor u uw kind typeles laat geven valt onder uw verantwoordelijkheid. De school geeft van verscheidene instituten informatie door.
Deze schoolgids wordt jaarlijks na vaststelling aan alle ouders of verzorgers uitgereikt of bij inschrijving van nieuwe leerlingen.
SCHOOLGIDS 2008 - 2009 EBEN-HAËZERSCHOOL Prot. Chr. Basisonderwijs Leerbroekseweg 7 4245 KR Leerbroek
Colofon Protestants Christelijk Basisschool “Eben-Haëzer” Leerbroekseweg 7 4245 KR Leerbroek Tel/fax: 0345-599567/599874 e-mail: directie@pcbsleerbroek.nl internet: www.pcbsleerbroek.nl Directie: W. van der Plas Leerbroekseweg 5a 4245 KR Leerbroek Tel: 0345-599242 C. Kramer Wederiklaan 26 4143 CV Leerdam Tel: 0345-619684 Schooltijden: Groep 0: ma,di, en wo. (wo. tot 12.15 uur) Groep 1: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (dinsdag en donderdag) Groep 2 t/m 4: 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur (vrijdagmiddag vrij) Groep 5 t/m 8 : 08.45-12.00 uur (woe 12.15 uur) 13.15-15.30 uur. (vrijdag van 13.00 tot 15.30) Tijdens het ophalen van de kinderen is het nogal druk aan de weg. Daarom is één van de leerkrachten “wegwacht”. We vragen ook aan u goed op de veiligheid van elkaar te letten. Tot op heden is dat gelukkig altijd goed gegaan. Laten we daar met elkaar ons best voor blijven doen. Er is pleinwacht (een leerkracht) vanaf 8.30 uur en 13.00 uur. Vrijdag is dat uiteraard om 12.45 uur. De kinderen worden geacht niet eerder dan deze tijden op school te arriveren. We wijzen er op, dat kinderen niet voor de schooltijden aan de weg mogen staan.
Gymzaal: Dorpshuis “De Schakel” Raadhuisplein Tel: 0345-599356 Zwembad: Sportcentrum “Helsdingen” Het Slijk, Vianen. Tel: 0347-374545 Contactpersoon bestuur: E. Geluk Raadhuisstraat 67 4245 KG Leerbroek Tel: 0345-599548 Medezeggenschapsraad: T.J. de With Dorpsweg 27 4245 KN Leerbroek Tel: 0345-631317
1. EEN WOORD VOORAF Deze schoolgids is bestemd voor alle ouder(s)/verzorger(s) van de leerlingen van de Eben-Haëzerschool. Tevens heeft deze gids een functie naar alle ouder(s)/verzorger(s) van onze toekomstige leerlingen. Voor hen geeft deze schoolgids een beschrijving van wat zij van onze school mogen verwachten. Mede op grond hiervan kunnen zij een beslissing nemen of hun kind bij ons op school past. We beschrijven onze school zonder in details te treden. We houden ons aan de grote lijnen. Bovendien is een zo levendig instituut als een school nooit precies te beschrijven. Een school moet je ervaren of beleven. Naast het beschrijven van de identiteit van de school komen ook praktische zaken aan de orde. Voor de verschillende onderwerpen verwijzen we u naar de inhoudsopgave. Heeft u opmerkingen of aanvullingen? Geeft u ze gerust aan ons door. We spreken de wens uit dat deze gids mag bijdragen aan het zo goed mogelijk functioneren van onze school. Leerbroek, augustus 2008 Namens bestuur en personeel: W. van der Plas(dir)
Inhoud 1. Een woord vooraf.........................................................................4 2. De school.......................................................................................7 2.1. Naam en richting......................................................................7 2.2. Identiteit .................................................................................7 2.3. Lidmaatschap schoolvereniging................................................7 2.4. Situering van onze school ........................................................8 3. Waar de school voor staat...............................................................8 3.1. Doel ..........................................................................................8 3.2. Uitgangspunten .......................................................................8 3.3. Klimaat (pedagogisch) van de school..............................................9 4. Schoolgegevens .......................................................................10 4.1. Namen en adressen...............................................................10 4.2. Andere adressen .........................................................................12 4.3. Schoolgebouw ......................................................................12 4.4. Vakantieregeling 2008-2009..................................................12 5. De organisatie van het onderwijs.................................................13 5.1. Manier van onderwijs geven (werkwijze)................................13 5.2. Groepering en groepsgrootte..................................................14 5.3. Nieuwe leerlingen in de school...............................................14 5.4. Taken van het team................................................................15 5.5. Onderwijsactiviteiten .............................................................16 5.6. School-logopedie....................................................................17 5.7. Jeugdgezondheidszorg.................................................................18 6. Doelen en resultaten van het onderwijs.......................................18 7. De zorg voor kinderen...................................................................21 7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften........21 7.2. Informatie aan de ouders.......................................................21 7.3. Leerlingdossier ......................................................................21 7.4. Zorgplan ...............................................................................22 7.5. Procedure ............................................................................22 7.6. Kinderen met een handicap.......................................................23 7.7. Zorg voor het jonge kind...........................................................23 7.8. Dyslexieprotocol.........................................................................24 8. Onderwijstijd en lesverzuim...................................................25 9. Ouderbijdrage........................................................................26 10. Rechten en plichten van ouders/verzorgers, bevoegdgezag en leerlingen ....................................................27 10.1. Klachtenprocedure .................................................................27 10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering..................28
10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen ..........................................................................30 10.4. Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aansprakelijkheid ...............................................................30 10.5. Contacten met de ouders ...........................................31 Tenslotte ......................................................................................31
2. DE SCHOOL 2.1. Naam en richting De Eben-Haëzerschool te Leerbroek gaat uit van de Vereniging Eben-Haëzer voor Christelijk Schoolonderwijs te Leerbroek. De grondslag voor alle facetten van het onderwijs op onze school is Gods onveranderlijke Woord. Aan dat Woord worden de beginselen voor onderwijs en opvoeding ontleend, overeenkomstig de uitleg in de “Drie formulieren van Enigheid”. 2.2. Identiteit De identiteitsdefinitie van onze school is o.a. ontleend aan de statuten van de schoolvereniging en luidt als volgt: De vereniging heeft als grondslag de Heilige Schrift als het onfeilbare Woord van God, zoals daarvan belijdenis wordt gedaan in de art. 2 tot en met 7 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Daarbij onder-schrijft de vereniging geheel en onvoorwaardelijk de Drie Formulieren van Enigheid zoals deze zijn vastgesteld door de Nationale Synode, gehouden te Dordrecht in de jaren 1618/1619. De Vereniging maakt gebruik van de getrouwe overzetting van de Heilige Schrift uit de oorspronkelijke talen in de Nederlandse taal volgens het besluit van voornoemde Synode. De opdracht met betrekking tot onze identiteit vinden we vooral verwoord in Psalm 78:1-7 onberijmd. Als kern vermelden we hier vers 4: Wij zullen het niet verbergen voor hunne kinderen, voor het navolgende geslacht, vertellende de loffelijkheden des HEEREN en Zijne sterkheid en Zijne wonderen, die Hij gedaan heeft. De Bijbel opgevat naar de drie Formulieren van Enigheid vormt de grondslag van al ons handelen. We zullen maatschappelijke eisen daarom altijd toetsen aan deze grondslag en zien het als onze taak de Christelijke identiteit vast te houden. De Heere Jezus vat de Wet (de tien geboden) samen door te benadrukken, dat het daarin gaat om de liefde tot God en de naaste. Dit behoort ook in onze school voor iedereen het uitgangspunt te zijn. Het voorleven door de leerkrachten neemt daarbij een belangrijke plaats in. We hopen op deze wijze de kinderen te brengen tot de Heere Jezus. Bij het onderwijs wordt gebruik gemaakt van de Statenvertaling en de psalmberijming van 1773. Het gebruik maken van het onderwijs op onze school voor eigen of toevertrouwde kinderen staat een ieder in de kern Leerbroek en omstreken vrij. Het bestuur heeft een wettelijk recht om de toelating tot de school te weigeren of geplaatste kinderen niet meer toe te laten, wanneer daarvoor naar het oordeel van het bestuur redenen aanwezig zijn. Door het bestuur is voldaan aan de wettelijke verplichtingen een stappenplan vast te stellen dat wordt toegepast bij eventuele verwijdering van leerlingen.
2.3. Lidmaatschap schoolvereniging Onze school gaat uit van een vereniging. Ouders (en anderen die de school een warm hart toedragen) vormen, mits zij de identiteit van de school onderschrijven, de leden van deze vereniging. Lid kan men worden door zich aan te melden bij het secretariaat van het schoolbestuur of door dit aan te geven op het aanmeldingsformulier van uw kind(eren). Het bestuur beslist vervolgens in haar eerstvolgende vergadering over toelating. De leden van de vereniging worden uitgenodigd om minimaal éénmaal per jaar bijeen te komen in een vergadering. Daar kunnen zij ook blijk geven van hun betrokkenheid bij de schoolvereniging. Op de ledenvergadering wordt een contributiebedrag voorgesteld. Uit die contributie worden zaken betaald die niet door het rijk vergoed worden en toch nodig zijn op school.
2.4. Situering van onze school Onze leerlingen komen voornamelijk uit de woonkern Leerbroek (Gem. Zederik). Een enkele leerling komt uit een naburige woonkern. Op de teldatum 1 oktober 2007 waren er 216 leerlingen ingeschreven, waaronder ook enkele leerlingen uit een ander land van herkomst dan Nederland. Onze school is gelegen in een landelijke omgeving en is de enige school te Leerbroek. 3. WAAR DE SCHOOL VOOR STAAT 3.1. Doel Onze school wil de kinderen:
- naar ons vermogen ‘helpen te onderwijzen in de
voorzeide leer’ - met elk hun eigen talenten en ontwikkelingsvoortgang toerusten tot voorbereiding op een taak in de maatschappij. Anders gezegd, als doel van de opvoeding zien wij: De vorming van de mens tot een zelfstandige, God naar Zijn Woord dienende persoonlijkheid, geschikt en bereid al de gaven, die hij van God ontving, te besteden tot Gods eer en tot heil van het schepsel, in alle levensverbanden waarin God hem plaatst! (Prof. J.Waterink). 3.2. Uitgangspunten a. Samenvattend kunnen we zeggen, dat elk mens door God geschapen is. Het doel was dat hij God Zijn Schepper recht zou kennen, Hem van harte liefhebben en met Hem in de eeuwige zaligheid zou leven, om Hem te loven en te prijzen ‘(H.C. vr. en antw.6). De mens was beelddrager Gods. Door onze zonden echter, al begonnen in het Paradijs, voldoet niemand hier meer aan, tenzij hij/zij wederom geboren wordt door Woord en Geest. Als ouders en school behoren we de kinderen daarom, al jong te onderwijzen uit Gods Woord (zie ook Deuteronomium 6, Psalm 78 en Spreuken 22 : 6). Al ons onderwijs behoort dienstbaar gemaakt te worden om de kinderen te brengen tot de kennis van Jezus Christus en Dien gekruisigd als de enige Zaligmaker der wereld. We dienen hen op te leiden tot de vreze des Heeren als beginsel van alle wijsheid. b. Elk kind heeft zijn eigen talenten en gaven gekregen. Dat betekent ook dat niet aan elk kind dezelfde eisen gesteld kunnen worden. Onze school heeft wel als taak voor alle kinderen om een be-paald minimum aan leerdoelen na te streven. Wij geven les in een gematigd leerstofjaarklassensysteem. Dat wil zeggen, binnen het systeem zijn er aanpassingen aan de talenten van de kinderen, indien nodig en voor zover mogelijk. c. Het bovenstaande zal de komende jaren gestalte krijgen door binnen de groepen te werken in drie niveau’s.
3.3. Klimaat (pedagogisch) van de school Dit zegt iets over omgangsstijlen, interactiepatronen, klassenmilieu en veiligheid op school. In de groep is de leerkracht het gezag waaraan de leerlingen behoren te gehoorzamen. Hij/zij stelt regels en let op de naleving ervan. De leerkracht ontleent zijn gezag aan het vijfde gebod. Dat betekent bijvoorbeeld ook dat hij niet gehoorzaamd kan worden, als hij iets zou eisen wat tegen Gods geboden ingaat. Deze heilzame geboden verhinderen dat in ons (godsdienst) onderwijs wordt aangezet tot b.v. discriminatie, haat of intolerantie. Immers, onze medemensen zijn net als wij door de rechtvaardige en barmhartige Schepper van hemel en aarde geschapen. De leerkracht is geroepen zijn gezag op een zodanige wijze vorm te geven dat de kinderen, elk met hun eigen gaven en talenten, hem kunnen vertrouwen, zich veilig voelen, indien nodig zich laten corrigeren enz. Kortom: de leerkracht moet liefde voor de hem toevertrouwde kinderen hebben.
Enerzijds zijn binnen het team afspraken gemaakt t.a.v. organisatie, leerstof en het gebruik van leer- en hulpmiddelen o.a. dia’s, video e.d. Anderzijds is niet alles over interactiepatronen te beschrijven, want elke leerkracht heeft zijn eigen stijl, karakter en manier van werken, waardoor er in elke groep een specifieke sfeer aanwezig is. Elke persoonlijkheid straalt iets uit naar zijn omgeving. Voor zowel de omgang tussen de leerkrachten en leerlingen geldt, zowel onder elkaar als met elkaar, dat een christelijke levensstijl zichtbaar en hoorbaar moet zijn. Dit houdt ook in dat we een veilige en een schone school willen zijn. Over deze begrippen zijn in de school afspraken gemaakt, zowel op school- als klassenniveau.
Tevens zijn wij van mening dat ook in deze zaak van het pedagogisch klimaat: gezin, school en kerk elkaar dienen te helpen en te ondersteunen. 3.4 KERNWOORDEN Vertrouwd: De ouders vertrouwen hun kinderen aan ons toe. Bij alle activiteiten in de school zijn er herkenbare elementen van thuis. Leerkrachten kennen de kinderen. In het bijzonder willen we de christelijke opvoeding ondersteunen. We onderwijzen de kinderen uit Gods Woord. Het Christelijk geloof wordt direct vertaald naar het dagelijkse leven. De herkenbaarheid van deze manier van leven is kenmerkend voor onze school. Veilig: In onze school willen we dat alle kinderen weten dat ze welkom zijn. Ze kunnen in alle rust spelen en leren. We zorgen voor een veilige schoolomgeving en leren kinderen hoe ze voor elkaar kunnen zorgen. Deze veiligheid is de basis voor ons werk. Verrijkend: Ons onderwijs vormt kinderen tot volwassenen die zelf verantwoordelijkheid kunnen dragen. Binnen de vertrouwde en veilige schoolomgeving reiken we de kinderen de vaardigheden aan waarmee ze een God en de naaste dienende persoon mogen worden, in overeenstemming met de hen toevertrouwde talenten. Ook streven we verrijking na door elke leerling onderwijs te bieden waardoor hij of zij groeit. 4. SCHOOLGEGEVENS 4.1. Namen en adressen Bestuur: Bestuurslid Functie Adres Telefoon Dhr. G. Aalvanger 1e voorzitter Hoogstraat 15 0345 599506 Dhr. E. van Asselt 2e voorzitter Leerbroeksew. 17 0345 621471 Dhr. E. Geluk 1e secretaris Raadhuisstraat 67 0345 599548 Dhr. C. Huissen 2e secretaris Hoogeind 23 0345 599115 Dhr. F. A. de Stigter 1e pen.meester Middelkoop 32 0345 599880 Dhr. A. Benschop 2e pen.meester Dr. A. Booystr. 41 0345 599161 Dhr. W. Uittenboogaard alg. adjunct Dr. A. Booystr. 31 0345 599892
Personeel: Dhr. W. van der Plas (dir.) - Leerbroekseweg 5a- 4245KR Leerbroek tel. 0345-599242. Dhr. C. Kramer (adj.dir.) – Wederiklaan 26 - 4143 CV Leerdam tel.0345-619684. Dhr. C. van den End – Bronkruidhof 1- 3417 RL Montfoort tel. 0348 - 473740. Mevr. P. Bogerd - Pr. Irenelaan 29 - 4141 ER Leerdam tel. 0345 - 619005. Mevr. L.C. Doornenbal-van de Berg - Achterdijk 17 - 4243 TM Nieuwland tel. 0345 - 599783. Mevr. M.J.J. Marthéze-Oggel - Tolstraat 10 - 4231 BC Meerkerk tel. 0183 - 352000. Mevr. A. Maasland-van Herk - Nieuweweg 201- 3371 CN Hardinxveld-Giessendam - tel. 0184 - 622383. Mevr. N.C. de Groot-Brussaard (vakl.handw.) Leerbroekseweg 36 - 4245 KV Leerbroek - tel. 0345 - 599668. Mevr. H.A. van Soolingen-Scherpenzeel - Magnoliastr.18 - 4131 BB Vianen tel. 0347 - 372757. Mevr. M.C. Jansen - Meidoornlaan 71 - 4233 CR Ameide tel. 0183 - 601692. Mevr. H.C. Versluis-Bogaard - Overheicop9a - 4143 KW Leerdam tel. 0345 - 642380. Mevr. G. van den Dool - Kerkweg 20 - 4245 TR Leerbroek tel. 0345 - 621382. Mevr. G.J. Hasko-Hoepel – Dr. H.B. Wiardi Beckmanplein 4 4207 NB Gorinchem / tel. 0183 - 625935. Mevr. Z.H.E. Bijkerk-Boor – (nieuw adres: zie nieuwsbrief sept. ) Hardinxveld-Giessendam - tel. 0184 - 613903. Mevr. A.J. van Laar-Dullemeyer - Lingedijk 8 - 4163 LK Oosterwijk tel. 0345 - 616899. Mevr. C. Muilwijk – ’t Lam – Weverwijk 9Rood – 4231 JA Meerkerk tel. 0183 - 353591 Mevr. I. Redeker – Middelkoop 30 – 4245 TT Leerbroek tel. 06-10093069 Mevr. E. Wisse - Van de Ham- Kerkstraat 2 – 4243 JC Nieuwland - Tel. 0183 785209 Mevr. S. Hoepel – Verdistraat 14 – 4207 DE Gorinchem – Tel. 0183 627577 Mevr. A. Verschoor- Rijshaak 7 – 3371KC Hardinxveld Giessendam - tel. 0184 613235 Vertrouwenspersoon: Dhr. J. Verrips, Middelkoop 68, 4245 TV Leerbroek. Tel.0345-599650.
4.2. Andere adressen Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL), Postbus 31, 2840 AA Moordrecht. Tel. 0182-378222. Klachtencommissie (contactpersoon mr L.J. van de Heuvel), Zomerhuis 8, 2411 LH Bodegraven. GGD (Schoolarts), W. de Vries Robbéweg 8a, 4206 AC Gorinchem. Tel.0183-621577. Inspectie van het onderwijs E-mail: info@owinsp.nl / website: www.onderwijsinspectie.nl Vragen over onderwijs: 0800 - 8051 (gratis) Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt vertrouweninspecteurs 0900 - 111 3 111 (lokaal tarief)
4.3. Schoolgebouw Leerbroekseweg 7 Tel. 0345-599567 Fax. 0345-599874 E-mail: directie@pcbsleerbroek.nl Internet: www.pcbsleerbroek.nl
4.4. Vakantieregeling 2008-2009
De eerste dag van het nieuwe schooljaar: maandag 24 augustus 2009.
5. DE ORGANISATIE VAN HET ONDERWIJS 5.1. Manier van onderwijs geven (werkwijze) In groep 1 en 2 wordt thematisch gewerkt. Het accent ligt op spelend leren. Er wordt nadrukkelijk aangesloten bij de belevingswereld van het jonge kind. Hoe ouder de leerlingen worden, hoe meer de rol van de leerkracht in het leerproces verandert, van sturend op de achtergrond naar nadrukkelijk leiding geven aan. Bij alle activiteiten proberen we niet alleen te letten op het onderwijsproces, maar ook op het onderwijsproduct. Bij oudere leerlingen staat de leerstof steeds meer centraal. Wel blijft er tot en met groep 8 ruimte voor zelfontdekkend leren, zoals bijvoorbeeld bij hoekenwerk, zelfstandige werkmomenten, documentatiecentrum e.d. Vanaf groep 3 wordt er gewerkt in een leerstofjaarklassensysteem (elk kind maakt in dezelfde groep op dezelfde tijd dezelfde lessen), doch dit systeem wordt flexibel gebruikt met het oog op differentiatie en onderwijs op maat, zodat er recht gedaan kan worden aan de eigen gaven en talenten van de kinderen. Wekelijks wordt er op onze school met groep 4 t/m groep 8 gewerkt in het documentatie-centrum. Door middel van het werken in het documentatiecentrum (onderdeel van de gemeenschapsruimte) worden de vakken doorbroken en leren onze leerlingen om aparte vaardigheden geïntegreerd toe te passen.
Driestromenland Tijdens het vorig schooljaar is er een begin gemaakt aan het werken in drie niveau’s. De ontwikkelingsmaterialen in de groepen 1 en 2 zijn onderverdeeld in drie niveau’s, zodat de leerkrachten en de leerlingen de moeilijkheidsgraad weten. In de overige groepen is een begin gemaakt met het vak rekenen. De kinderen worden verdeeld in drie niveau’s. 1) Het minimumniveau: deze kinderen maken niet alle opgaven en krijgen extra automatisering. 2) Het basisniveau: deze kinderen maken alle opgaven. 3) Het maximumniveau: deze kinderen maken niet alle opgaven en krijgen extra verdieping. In dit schooljaar gaan we dat uitbreiden. We willen er vooral voor zorgen, dat het bij het vak rekenen goed loopt. Ook wat betreft de normering enz. Daarna zullen we het ook bij andere vakgebieden toepassen.
Zelfstandig werken. Eén van de voorwaarden voor het werken in drie niveau’s is, het zelfstandig werken van de leerlingen. Daarbij zijn samenwerken en helpen van elkaar belangrijke aspecten. Zelfstandig werken vindt ook plaats bij andere vakgebieden.
ICT(Informatie Communicatie Techniek)-onderwijs. In ieder lokaal staan meerdere computers. In de lokalen 3 t/m 8 zijn netwerken aangelegd. Deze worden gebruikt bij zelfstandig werken en o.a. de vakken: rekenen, ned. taal en aardrijkskunde. In de onderbouw gebruikt men programma’s om ontwikkelingsgebieden te verkennen. Het huidige ICT-be-leidsplan wordt gewijzigd, omdat we tot een betere aansluiting met het vervolgonderwijs willen komen.
Techniek. Een nieuw onderdeel van het onderwijs is de vaardigheid techniek. We besteden aandacht aan dit onderdeel door bijv. Ø Het werken met lego, dactylo en knex enz. Ø De aanschaf van leermiddelen met lesideeën die we voor dit onderdeel kunnen inzetten. Ø Het meedoen aan excursies van bedrijven. Ø Het uitnodigen van gastdocenten die technische lessen verzorgen. Ø Verder volgen we de ontwikkelingen in de regio op dit gebied. We hebben er voor gekozen om techniek een plekje te geven binnen het vak handvaardigheid. Ook handwerken valt daaronder. En natuurlijk krijgt het ook aandacht in de natuurlessen.
Cultuureducatie. De overheid heeft de laatste jaren extra geld beschikbaar gesteld voor cultuureducatie op basisscholen. Wij willen ons daarbij vooral richten op bezoek aan musea en monumenten. Ook het aandacht geven aan schilderijen (die een half jaar in de school hangen en dan vernieuwd worden) vormt hier een onderdeel van.
Natuureducatie. We vinden het belangrijk dat de kinderen natuurervaringen opdoen in de omgeving. Daarom maken we uitstapjes in het veld of bijv. naar het natuurcentrum “De Schaapskooi”. Ook willen we dit cursusjaar alle kinderen van onze school actief betrekken bij de natuur direct rond de school. Er zijn gelden vrijgemaakt om materialen aan te schaffen voor onderzoek naar planten, bomen, beestjes, vogels enz.
Schone school. Al eerder hebben we samen met alle kinderen het predikaat Schone School 2007 behaald. Het bordje hangt naast de ingang van de school. En schoon willen we graag blijven, daarom vraagt dit steeds onze aandacht. Ook dit is een stukje (milieu)opvoeding.
5.2. Groepsverdeling Onze school is verdeeld in jaargroepen. Als het enigszins kan, willen we combinatiegroepen voorkomen. Ook streven wij ernaar om de jongere groepen niet te groot te maken. De gemiddelde groepsgrootte is normaal gesproken circa 25 leerlingen. Daarnaast wordt er een zorgklas gevormd voor 5 ochtenden. Hierin worden leerlingen geplaatst die een eigen programma volgen. Tevens willen we bevorderen dat er niet meer dan twee leerkrachten per groep les geven. Groep0/1 Juf Mary en juf Betty (dinsdagochtend en donderdagochtend) Groep 1/2 Juf Hetty (dinsdag en donderdag) en juf Lucy Groep 2 Juf Annica Groep 3 Juf Ingrid Groep 4 Juf Corine en Juf Gerian (maandag en dinsdag) Groep 5 Meester van den End en juf Talitha (dinsdagochtend en woensdagochtend) Groep 5b 12 kinderen uit groep 5 krijgen alle ochtenden les van juf Esther. Groep 6 Juf Sarieke en juf Talitha (dinsdagmiddag) Groep 7 Meester Kramer en juf Marthéze (dinsdagochtend en woensdagochtend) Groep 8 Juf van Laar (dinsdag) en meester van der Plas. Juf Anja is het eerste halfjaar met zwangerschapsverlof. Daarom geeft meester van der Plas dan les. Groep 8 heeft ook een stagiaire die op donderdag en vrijdag les geeft. Dat is Mevr. Van Zessen. Ook op deze twee dagen is meester van der Plas beschikbaar voor directietaken. Juf Bogerd hoopt na haar ziekte ook weer les te gaan geven. Hoe dat gestalte krijgt is nu nog niet bekend.
5.3. Nieuwe leerlingen in de school - Plaatsing van vierjarigen. Op de inschrijfmiddag, meestal in februari, kunt u uw kind aanmelden voor het volgende cursusjaar. Er liggen dan inschrijfformulieren klaar, die u samen met een leerkracht (gedeeltelijk)kunt invullen. Als u een inschrijfformulier ondertekend hebt ingeleverd, met een kopie van het burgerservicenummer document van uw kind, krijgt u na verloop van tijd met uw kind een uitnodiging voor een kennismakingsochtend of –middag. Met nieuwe ouders houdt de directeur een kennismakingsgesprek. Hij maakt daarvoor een afspraak.
De instroom is dit jaar als volgt geregeld. - Kinderen die tot 1 oktober 4 jaar worden, komen in groep 1 terecht. - Kinderen die na 30 september 4 jaar worden, mogen met ingang van hun vierde verjaardag naar school komen. Zij komen dan in de 0/1 groep. - Kort voor de vierde verjaardag ontvangt uw kind een kaart met de noodzakelijke gegevens (datum, tijd, juf, lokaal e.d.) om naar school te komen.
- Plaatsing van kinderen tussentijds bij ons op school komen. Als u door verhuizing of vanwege een andere oorzaak uw kinderen bij ons op school wilt aanmelden, kunt u contact opnemen met de directie. U ontvangt dan de benodigde informatie en u wordt uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek.
5.4. Taken van het team Wie werken er in de school? Directeur en adjunct. (meester van der Plas en meester Kramer) De directeur is belast met de dagelijkse leiding van de school en eindverantwoordelijk voor de totale gang van zaken. Hij is verantwoordelijk voor de uitvoering van het door het bestuur vastgestelde beleid. Op maandag en dinsdag is de directeur ambulant voor het uitvoeren van zijn directietaken. De andere dagen geeft hij les aan groep acht. De adjunct-directeur staat de directeur ter zijde bij de uitvoering van de directietaken. Onderling is een taakverdeling afgesproken. Groepsleerkrachten. Zij zijn verantwoordelijk voor het onderwijs leerproces in de groep. De groepsleerkracht geeft vorm aan het onderwijsprogramma, houdt de resultaten van de leervorderingen bij en rapporteert intern aan de directieleden en extern aan de ouders. Zij zijn het eerste aanspreekpunt als u vragen hebt over het onderwijs aan uw kind(eren). Intern begeleider. (juf Van den Dool en meester Kramer) Zij zijn met de groepsleerkrachten betrokken bij de extra zorg voor leerlingen buiten en/of binnen de groep. ICT-coördinator (meester van den End) Hij coördineert in overleg met de directeur alle activiteiten die betrekking hebben op het gebruik van computers en wat ermee samenhangt. Dit jaar krijgen ook de grtopen 6 t/m 8 een digitaal schoolbord. Leerkracht crea (juf de Groot) Zij geeft aan de kinderen van groep 5 t/m 8 crealessen. (Handvaardigheid, tekenen en textiele vaardigheden). Zie ook 5.1 onder techniek. Leerkracht bewegingsonderwijs (meester van den End) Hij geeft ook les aan de groepen waarvan de eigen leerkracht niet bevoegd is voor het geven van bewegingsonderwijs. Dit jaar zijn dat de groepen 3 en 6. SOVA-leerkracht (juf Marthéze) Zij geeft aan alle kinderen van groep 6 –in groepjes- les in sociale vaardigheden. Het is een training waarbij ook de ouders via voorlichting en huiswerk betrokken worden.
5.5. Onderwijsactiviteiten Bijbels onderwijs wordt gegeven in de groepen 1 t/m 8. De school maakt gebruik van de Statenvertaling. De psalmen volgens de berijming van 1773 worden aangeleerd. Er is een psalmenrooster, waarbij de psalmen over de diverse leerjaren zijn verdeeld. In de groepen 7 en 8 wordt ook nog kerk- en zendingsgeschiedenis gegeven. En in groep 8 wordt uit de Heidelbergse Catechismus geleerd.
Onderbouw (groep 1 en 2). In de onderbouw wordt het onderwijs vorm gegeven vanuit ontwikkelingsgebieden, waaronder: zintuiglijke ontwikkeling, taalactiviteiten, werken met ontwikkelingsmateriaal, bewegings- en expressieactiviteiten en sociale ontwikkeling. De dagactiviteiten zijn in grote lijnen als volgt: ontvangstgesprek, vertelling uit de Bijbel, werkles, eten en drinken, bewegingsonder-wijs, arbeid naar keuze (spelen in de hoeken en met ontwikkelings-materiaal), afgewisseld me liedjes, taalspelletjes, enz. Deze vorm van onderwijs heeft een projectmatig karakter. Midden- en bovenbouw. Basisvaardigheden. Nadat in groep 2 ‘gewerkt’ is aan de voorbereiding voor de basisvaardigheden, wordt in groep 3 begonnen met het leren lezen, schrijven, taal en rekenen (meer methodisch). Wereldoriëntatie. Vanaf groep 3 wordt apart aandacht besteed aan verkeer en biologie. We beginnen bij deze vakgebieden dicht bij het kind. Vanaf groep 5 besteden we ook aandacht aan vaderlandse geschiedenis en aardrijkskunde. Parate kennis aanbrengen neemt bij deze zaakvakken ook een belangrijke plaats in. Daarom wordt in de hogere groepen regelmatig huiswerk gegeven. Dit is ook een goede voorbereiding op het vervolgonderwijs. Verkeer. Om het verkeersonderwijs praktisdche invulling te geven doen we mee met School op Seef. Alle groepen krijgen per jaar een aantal praktische lessen. Bijvoorbeeld fietsvaardigheid, oversteken enz. Expressie activiteiten. Deze staan vanaf groep 3 ook als een apart vak op het activiteitenplan. Bewegingsonderwijs. Voor dit vak gelden kledingvoorschriften. Dat houdt in, dat kinderen een apart broekje en shirt of gympakje dragen. Ook het dragen van gymschoenen is verplicht. In groep 4 wordt zwemles gegeven.
5.6. Schoollogopedie Op onze school komt wekelijks een logopediste. Deze logopediste maakt, evenals de jeugdarts en de verpleegkundige, deel uit van de afdeling Jeugdgezondheidszorg van de G.G.D. De logopediste houdt zich bezig op school met kinderen, die problemen hebben met o.a.: - de taalontwikkeling (b.v. kleuters, die te lang blijven praten in te korte of verkeerd gevormde zinnen), - het spreken (b.v. kinderen, die moeite hebben met het uitspreken van klanken of klankverbindingen onder andere ten gevolge van duimzuigen), - de stem (schor, hees), - vloeiend spreken. De logopediste heeft tevens een preventieve taak bij het signaleren van slechtademende kinderen, van schadelijke mondgewoonten (o.a. mondademen, duimzuigen) e.d. Alle kinderen uit groep 2 worden aan het begin van het schooljaar gescreend. Verder kunnen de kinderen uit de andere groepen het gehele jaar worden aangemeld voor nader onderzoek, zowel door de ouders als door de leerkracht (in overleg met de ouders). De kosten van een eventuele behandeling zijn voor rekening van de ouders en kunnen bij hun eventuele ‘zorgverzekeraar’ worden gedeclareerd. Zonodig kunnen ouders de schoollogopediste bellen 0183-699799.
5.7. Jeugdgezondheidszorg GGD Om te bereiken dat alle kinderen in Nederland dezelfde zorg krijgen, heeft de GGD een zogenaamd basispakket ontwikkeld. Dit houdt in dat:
* alle kinderen in groep 2 en hun ouders een uitnodiging krijgen voor een onderzoek door de jeugdarts en de assistente * de kinderen in groep 4 worden gemeten en gewogen * alle kinderen in groep 7 en hun ouders uitgenodigd worden voor een verpleegkundig onderzoek Naast dit basispakket voert de GGD ook extra taken uit. De gemeenten kijken waar extra zorg nodig is, vaak in overleg met de scholen en vragen de GGD en andere instellingen dat uit te voeren. Zo is op veel scholen een multidisciplinair team werkzaam. Ook voorlichting en opvoedcursussen vallen onder deze extra zorg.
De GGD denkt met deze zorg de kinderen en hun ouders goed van dienst te kunnen zijn. En natuurlijk kunt u altijd met uw vragen bij de jeugdarts of jeugdverpleegkundige terecht. De door de GGD aangeboden zorg valt niet onder verantwoordelijkheid van het bestuur of de school. Dat geldt uiteraard ook voor de informatie die u van de GGD aangereikt krijgt in de vorm van folders enz.
6. DOELEN EN RESULTATEN VAN HET ONDERWIJS
De kerndoelen voor het basisonderwijs zijn wettelijk goedgekeurd. Deze kerndoelen zijn richtlijnen voor het bewaken van de kwaliteit van het onderwijs. Alle scholen voor basisonderwijs zijn verplicht aan de kerndoelen te voldoen. Voorbeelden van kerndoelen zijn: leerlingen kunnen uit het hoofd optellen en kennen vermenigvuldigingstafels tot 10 (rekenen); leerlingen kennen de maatregelen die in Nederland genomen worden (werden) om bewoning van door water bedreigde gebieden mogelijk te maken. Ook willen we als schooldoel vermelden dat we ernaar streven ieder kind een ononderbroken ontwikkelingsproces aan te bieden, zodat in principe iedere leerling in acht jaar de school kan doorlopen. Soms geldt voor een leerling dat hij of zij meer dan acht jaar nodig heeft om het gehele traject van de basisschool te doorlopen. Is het dan noodzakelijk dat een jaar over gedaan moet worden, dan gebeurt zo’n belangrijke actie altijd in overleg met de ouders. Het behoort tot de competentie van de school dat zij in deze zaak de eindbeslissing neemt. In sommige gevallen wordt ook gedacht aan een jaar overslaan. Ook dat gebeurt in overleg met de ouders.
In de komende jaren zullen we nagaan welke onderwijskundige maatregelen genomen dienen te worden om ons onderwijs kwalitatief nog meer te verbeteren. In het schoolplan, dat gemaakt is voor de periode 2007-2011, is hiervoor een verbeterplan opgesteld. Van die plannen wordt u op de hoogte gehouden. In het verslag van het laatstgehouden inspectiebezoek kwam vooral naar voren dat we verder moeten werken aan de kwaliteitszorg en het structureren van de leerlingenzorg. Die zorg is wel in orde, maar niet inzichtelijk op papier.
Voor de vakken lezen, rekenen-wis-kunde en het taalonderdeel spelling maakt de school gebruik van de genormeerde toetsen van het Cito-leerling-volgsysteem. Hiervoor hanteren we een toetskalender. In mei van elk schooljaar maakt groep 7 de entreetoets. Met behulp van de uitslag van deze toets kunnen we zien wat we in groep 8 extra aandacht moeten geven voor de totale groep (schrijven van teksten, verhoudingen/breuken/procenten en studieteksten en informatiebronnen) en voor de kinderen apart. Halverwege elk schooljaar maakt groep acht de Cito-eindtoets Basisonderwijs ingezet als hulpmiddel bij het adviseren van de ouders met betrekking tot de plaatsing van leerlingen in het vervolgonderwijs. De resultaten van deze toetsen liggen tot nu toe op of boven het landelijk gemiddelde. Het percentage leerlingen dat naar de diverse vormen van vervolgonderwijs gaat, wisselt van jaar tot jaar. Het is afhankelijk van de samenstelling van groep 8. De schoolkeuze voortgezet onderwijs is afhankelijk van 3 elementen: de capaciteiten van een kind, de kwaliteit van de basisschool en de thuissituatie. Wij stellen ons ten doel het maximale uit elk kind te halen en er zodoende voor te zorgen dat het kind in de meest geschikte vorm van voortgezet onderwijs terecht komt en op die school goed kan meekomen.
De uitslag van de CITO-eindtoets leverde de volgende schoolresultaten op. We vergelijken ze met het landelijk gemiddelde op de getoetste onderdelen:
Taal Rekenen Studie vaardigheden School: 73% School: 71% School: 74% Landelijk: 73% Landelijk: 72% Landelijk: 73%
Wereldoriëntatie School: 71% Landelijk: 67%
Uit de laatstgehouden uitslag bleek, dat onze leerlingen ten opzichte van hun eigen gemiddelde zwak scoorden op de onderdelen: spellen van werkwoorden, hanteren van informatiebronnen en geschiedenis. We zullen nagaan wat daarvan de oorzaak is en het vervolgens aanpakken.
In de achterliggende twee jaar hebben onze leerlingen de volgende adviezen meegekregen voor het vervolgonderwijs: 2005 2006 2007 2008
VMBO BK 40% 35% 28% 44% VMBO GT 42% 20% HAVO/VWO 60% 65% 30% 36%
Dit jaar is één leerling verwezen naar het speciaal onderwijs.
7. DE ZORG VOOR KINDEREN De zorg voor de kinderen is natuurlijk in eerste instantie de zorg die elke groepsleerkracht dagelijks in de groep aan de kinderen besteedt. Maar daarnaast zijn er leerlingen die extra zorg nodig hebben. Hulp aan de kinderen die extra zorg nodig hebben vindt vooral in de groep plaats. Daarnaast is er ook zorg die buiten de groep gegeven wordt. We hebben daar in de school een aparte ruimte voor. Sommige leerlingen kunnen daarnaast in een aparte zorggroep geplaatst worden voor rekenen-wiskunde, taal en lezen. Deze zorggroep werkt 5 ochtenden per week in een eigen lokaaltje met een eigen leerkracht. Over de organisatie van deze leerlingenzorg gaat het in dit hoofdstuk.
7.1. Zorg voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften Individuele begeleiding: Signalering. De school neemt regelmatig, twee à drie keer per jaar bij alle leerlingen toetsen af. Deze staan vermeld op de toetskalender, die door de IB-er (Intern begeleider, dat is een leerkracht die zich extra bezig houdt met de onderwijszorg voor kinderen in de gehele school) wordt gemaakt in overleg met het team. Uitvallende leerlingen worden besproken met de interne begeleider. Naar aanleiding van deze bespreking kan een hulpplan worden opgesteld. Zo nodig met hulp van de SBD (Schoolbegeleidings-dienst). Na verloop van tijd wordt er geëvalueerd. Naar aanleiding van deze evaluatie vindt bijstelling/aanpassing van bedoeld plan plaats. Voor de duidelijkheid willen we benadrukken dat de genoemde toetsen niet alleszeggend zijn. Het kind presteert immers in de lessen ook. De (sociaal/emotionele) ontwikkeling wordt door observatie gevolgd. Dat is niet toetsbaar. De toetsen hebben mede een functie in het meten van de kwaliteit van ons onderwijsaanbod door de schooljaren heen. Daarom nemen we toetsen af in groep 1 t/m 8.
7.2. Informatie aan de ouders Indien zich met een betreffende leerling opvallende resultaten voordoen, wordt door de groepsleerkracht vroegtijdig contact met de ouders opgenomen en de waargenomen problematiek doorgesproken. Indien zich afwijkingen van het reguliere onderwijsprogramma voordoen, worden ouders hierbij betrokken en geïnformeerd bij het opstellen van de afwijkende leerroute. Ouders worden ook betrokken bij de evaluatie van de extra gegeven hulp. We werken hierbij volgens het onderstaand protocol: · Leerkracht heeft een gesprek met de intern begeleider. · Lk bezoekt de ouders / I.B- er belt de ouders. · Weer contact met de leerkracht en IB-er · Bespreking van de noodzaak voor aanmelding voor een onderzoek bij de SBD. · Zo ja; IB-er belt/ bezoekt de ouders voor hun goedkeuring. · De school en de ouders vullen de aanvraagformulieren in. · De ouders en de directeur ondertekenen een toestemmingsverklaring. · De toestemmingsverklaring blijft alle schooljaren geldig voor het betreffende kind. · Een samengestelde commissie vanuit schoolbegeleidingsdienst (SBD) en de Preventieve Ambulante Begeleiding ( PAB ) beslissen of een onderzoek echt nodig is. · Een psycholoog of orthopedagoog van de SBD heeft een gesprek met de ouders op school. · Het onderzoek wordt door de SBD afgenomen. · Uitslag wordt eerst met de leerkracht/IB-er besproken, daarna met de ouders erbij. · Er worden door de psycholoog / orthopedagoog richtlijnen gegeven voor leerkrachten en ouders met of zonder doorverwijzing naar een ( kinder)arts, fysiotherapeute of dergelijke. · Als er een diagnose nodig is voor het kind, worden de ouders altijd doorverwezen naar een hulpverleningsinstantie, die de bevoegdheid daarvoor heeft. Verdere stappen moeten vanaf nu door de ouders zelf worden ondernomen. Als een kind al een jaar ouder is dan zijn klasgenoten en er een onderzoek gedaan is naar zijn verstandelijke en / of sociale vermogens wordt hij of zij meestal in de zorggroep geplaatst. Bij hoge uitzondering wordt naar een andere school doorverwezen.
7.3. Leerling-dossier Opvallende gegevens van leerlingen worden vastgelegd in een leerling-dossier ten einde het onderwijs optimaal te doen aansluiten bij de mogelijkheden van deze leerlingen. De voortgangregistratie kan in een map worden bijgehouden. Het resultaat hiervan wordt ook vermeld in het leerling-dossier. Om misverstanden te voorkomen vermelden wij hier dat van elke leerling een leerling-dossier aanwezig is. In dit dossier zijn opgenomen: persoonlijke gegevens: te weten leeftijd, sekse, adres; het wel of niet doubleren en specifiek genomen pedagogisch-didactische maatregelen. Ouders hebben inzagerecht in dit leerling-dossier
7.4. Zorgplan Onze school is aangesloten bij het samenwerkingsverband WSNS (WeerSamenNaarSchool) ‘Alblasserwaard-West’, waarbij een school voor speciaal onderwijs deel uitmaakt van dit verband. Binnen dit verband geldt een gemeenschappelijk aangenomen Zorgplan. Indien kinderen niet meer via de reguliere hulpverlening op onze basisschool verantwoord opgevangen kunnen worden, kan na toestemming van de ouders hun kind geplaatst worden op een school voor speciaal onderwijs. Voor het zover is, heeft de school al heel wat stappen gezet, zoals omschreven in het documentje: Hulpverleningsprocedure “Alblasserwaard-West.” Binnen het samenwerkingsverband is een hulpvoorziening in het leven geroepen om verwijzing naar een speciale school voor basisonderwijs te voorkomen. Deze hulp (sbo-groepen) wordt gegeven aan de Christelijke school te Bleskensgraaf. Voor iedere belangstellende in deze zaak ligt op school een heldere folder klaar. Zowel voor plaatsing op de basisschool met de hulpklas voorziening als voor plaatsing op een speciale school voor basisonderwijs dienen ouders hun kind formeel aan te melden bij de Permanente Com-missie Leerlingenzorg. Aanmeldingsformulieren zijn op school verkrijgbaar.
7.5. Procedure Overleg tussen school en ouders over de aanmelding. Ouders vullen het aanvraagformulier van de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg) in en dragen zorg voor verzending. De PCL beoordeelt de toelaatbaarheid van een leerling tot de school voor speciaal basisonderwijs. Binnen acht weken dient het besluit van de PCL aan de ouders bekend gemaakt te zijn. Binnen zes weken na deze beschikking kan door de ouders een bezwaarschrift worden ingediend. Binnen zes weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient een besluit genomen te worden. Binnen zes weken na dit laatst vermelde besluit kan een beroepsschrift worden ingediend bij de rechtbank.
7.6. Kinderen met een handicap Op onze school zijn binnen het toelatingsbeleid in principe alle kinderen welkom die behoren tot het normale voedingsgebied van de school. Wel wordt bij aanmelding bekeken, of verwacht mag worden dat het team dit kind kan begeleiden zonder dat het kind of de andere kinderen daardoor te kort komen. Plaatsing van kinderen met extra zorg en aandacht is immers alleen goed als dit echt verantwoord is en hangt dus wel af van de mogelijkheden die er op school zijn. Leerlingen met extra zorg en aandacht vallen onder speciale leerlingbegeleiding.
Dit houdt in, dat wij accepteren dat leerlingen niet op dezelfde manier en in hetzelfde tempo leren. We gaan uit van verschillen tussen leerlingen bij het kiezen van onze leerinhouden en doelen, waarbij verschillen in differentiecapaciteiten van leraren ook een rol spelen. Wanneer tot plaatsing wordt besloten, moet duidelijk zijn dat: de leraar waarbij het kind wordt geplaatst extra tijd beschikbaar krijgt voor zaken als bijscholing en contacten met ouders en andere instanties; * er ambulante begeleiding vanuit een REC geboden wordt; * de leraar extra steun krijgt van de teamgenoten; * de extra formatie die wordt ontvangen voor dit kind goed benut wordt; * de ouders en de leraar elkaar van goede informatie voorzien; * de ouders gevraagd zal worden om bij te springen indien nodig; * de Intern Begeleiders regelmatig bij het overleg over de leerling betrokken zijn. Steeds opnieuw zal bekeken worden of er voor dit kind nog voldoende mogelijkheden op school zijn. Is dit niet meer of onvoldoende het geval dan zal in overleg met de ouders verwijzing naar een school voor speciaal basisonderwijs overwogen worden.
7.7. Dyslexieprotocol Onze ouders kunnen weleens de vraag stellen: ‘Heeft mijn kind soms dyslexie?’. Met het oog hierop is er door de schoolbegeleidingsdienst een protocol opgezet voor de groepen 1 t/m 4. Dit is als handboek uitgegeven en wordt ook door onze school als leidraad gebruikt, om leeszwakte zo vroeg mogelijk op te sporen. Een sluitend dyslexie-onderzoek is er niet, maar men is wel bezig om met behulp van bepaalde toetsen de leeszwakke kinderen volgens een dyslexieprotocol in kaart te brengen. Dit programma staat op een cd-rom en kan zo de hele schoolperiode gebruikt worden. Afgelopen jaar hebben we als school de vereiste toetsen aangeschaft, nl.: - Pl dictee. Dit is een dictee, wat eenmaal in de 5 maanden wordt afgenomen. - De Klepel. Dit is een test voor leesvaardigheid, bestaande uit pseudo-woorden. Andere toetsen, die voor we voor het leesonderzoek nodig hebben, gebruiken we al verschillende jaren. Het meest bekend zijn de zgn. Drie-minuten-toets en de Spellingsvaardigheids toets. Beide zijn Cito-toetsen.
Als blijkt dat een kind echt een achterstand in lezen heeft, dan nog kunnen we op zo’n moment niet zeggen, of dit dyslexie is. Meestal is deze constatering pas rond tienjarige leeftijd duidelijk.
Voor leeszwakke kinderen, of ze nu dyslexieverschijnselen vertonen of niet, geldt altijd dat ze veel moeten oefenen. Juist deze kinderen houden meestal niet zo van lezen, dus moeten ze extra gestimuleerd worden door hen b.v. veel voor te lezen (ook al zijn ze al wat ouder) en tevens is het nuttig om met hen naar een bibliotheek te gaan. 8. ONDERWIJSTIJD EN LESVERZUIM We streven ernaar om maximaal twee leerkrachten voor één groep te hebben om te voorkomen dat onze leerlingen met teveel leerkrachten te maken krijgen, waardoor het pedagogisch-didactische klimaat schade lijdt. Bij ziekte van een leerkracht maakt onze school gebruik van de parttime leerkrachten die aan de school verbonden zijn. In uiterste gevallen vervallen de lessen.
In de onderbouw (gr. 1 t/m 4) bieden wij aan 3555,5 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 3.520 uren. We hebben een marge van 35.5 uren. Dat is ongeveer 9 per groep. We bieden in de bovenbouw (gr. 5 t/m 8) aan 4.011 uren onderwijs. Het wettelijk minimum is 4.000 uren. We hebben een marge van 11 uren. Dat is 2,75 per groep. In de klas wordt elke dag bijgehouden welke kinderen afwezig c.q. ziek zijn. Ouders melden schriftelijk, mondeling of telefonisch dat hun kind ziek is. Het verlenen van specialistische hulp door derden b.v. tandarts, dient zoveel mogelijk buiten schooltijd te geschieden. In geval van verzuim van dit melden door de ouders neemt de school (primair de groepsleerkracht) contact met thuis op. Wanneer de ouders een verzoek bij de school indienen voor verzuimverlof, dan dient dit vooraf schriftelijk, gemotiveerd en ondertekend bij de directeur te worden ingediend. Minstens één week voorafgaande aan de ingangsdatum van het gevraagde verlof dient het verzoek op school te zijn, tenzij sprake is van overmacht. De ouders krijgen van de school schriftelijk antwoord op hun verzoek. In verband met ongeoorloofd schoolverzuim is elke school, dus ook onze school, verplicht dit binnen twee dagen aan de leerplicht-ambtenaar van de gemeente Zederik door te geven. Deze leerplichtambtenaar is mw. M. Timmerman. Zij werkt ook voor de gem. Giessenlanden en is te bereiken op tel. 0183 - 583880.
9. OUDERBIJDRAGE Het bestuur vraagt van ouders een vrijwillige bijdrage. Deze invoering is noodzakelijk om kosten te bestrijden die van overheidswege niet (meer) vergoed worden. Te denken valt hierbij aan het opzetten van een documentatiecentrum, excursies, enz. Daarnaast kunnen hierdoor de tekorten aangevuld worden die, ondanks de bijdragen van ouders, ten aanzien van het kerstgeschenk en het schoolreisje jaarlijks ten laste van de vereniging komen.
De hoogte van de bijdrage was vorig schooljaar niet aangegeven. Ieder mocht geven naar eigen inzicht. Hoe daar dit schooljaar mee omgegaan wordt verneemt via een aparte brief.
De ouderbijdrage zal in een afzonderlijk te administreren fonds worden ondergebracht waarbij de ouders jaarlijks via de schoolkrant ingelicht zullen worden hoe de middelen zijn besteed. Omtrent deze besteding zal het bestuur in ieder geval overleg plegen met de medezeggenschapsraad.
10. RECHTEN EN PLICHTEN VAN OUDERS/VERZORGERS, BEvOEGD GEZAG EN LEERLINGEN
10.1. Klachtenprocedure De school hanteert de klachtenprocedure, zoals aangegeven in het model van de VGS. Deze regeling is op school aanwezig en ouders kunnen deze regeling op school ter inzage krijgen. Vertrouwenspersoon is dhr. J. Verrips (zie adressenlijst). De aanmeldingsprocedure is als volgt: a. Een klacht wordt schriftelijk ingediend bij de directeur of bij de ver trouwenspersoon of het bevoegd gezag (secr.). b. De klacht omvat tenminste naam en adres van de klager, de dag tekening en de omschrijving van de klacht. c. Er wordt gekeken of er bemiddeling c.q. een oplossing mogelijk is, die voor de klager bevredigend is. Zo niet, dan dient de klacht aangemeld te worden bij de klachtencommissie. Om misverstanden in deze procedure te voorkomen, willen wij nadrukkelijk stellen, dat de klacht alleen door tussenkomst van de directeur, de vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bij de klachtencommissie kan worden ingediend. Binnen twee weken na ontvangst van de schriftelijke klacht, dient men aan de klager te laten weten of de klacht wordt doorgezonden naar de klachtencommissie. De directeur c.q. vertrouwenspersoon of het bevoegd gezag bericht aan de klager dat doorzending heeft plaatsgevonden. De klachtencommissie beslist binnen één week na ontvangst van de klacht of deze wel of niet ontvankelijk wordt ver-klaard. De klager wordt schriftelijk meegedeeld wat de beslissing is geworden. Binnen twee weken kan de klager na een niet-ontvankelijk verklaring van zijn klacht, schriftelijk en met redenen omkleed, bezwaar aantekenen bij de klachtencommissie. De klachtencommissie beslist binnen twee weken over de gegrondheid van de klacht en deelt haar besluitvorming daarover schriftelijk aan de klager mee. Bij ontvankelijk verklaring van de klacht wordt de klacht nader door de commissie onderzocht, waarbij een hoorzitting kan plaatsvinden. Binnen twee weken na de hoorzitting brengt de klachtencommissie verslag uit aan de klager, de aangeklaagde, directie, het bevoegd gezag en de vertrouwenspersoon. Het oordeel van de klachtencommissie gaat vergezeld van aanbevelingen van eventueel te treffen maatregelen.
Bij het signaleren van een (onderwijskundig) probleem bevelen wij de volgende route aan. Bespreek wat u wilt met het direct betrokken personeelslid. Leidt dit gesprek niet tot het gewenste resultaat, wendt u zich dan tot de directie. Is na dit contact nog niet een goede oplossing gevonden, dan vraagt u een gesprek aan met het bevoegd gezag van onze school. Eventueel kunt u met de vertrouwenspersoon van de school overleg voeren
10.2. Regels voor toelating, schorsing en verwijdering De aanmeldingsprocedure gaat als volgt in zijn werk: Ouders melden hun kind schriftelijk aan bij de school. Op dit inschrijfformulier geeft u aan of u de grondslag en de doelstelling van de school respecteert, dan wel onderschrijft. U geeft daarmee aan u er van bewust te zijn uw kind(eren) aan te melden op een school die werkt vanuit Christelijke levensovertuiging. Deze christelijke overtuiging is met het gehele onderwijs verweven. Het bestuur heeft het recht een leerling(e) niet toe te laten op school. Dit behoort schriftelijk en met redenen omkleed aan de ouders te worden meegedeeld. Ouders hebben het recht een bezwaarschrift tegen dit besluit bij het bevoegd gezag in te dienen. Binnen vier weken na ontvangst van het bezwaarschrift dient besluitvorming door het bevoegd gezag plaats te vinden. Tegen deze eindbeslis-sing bestaat geen beroepsmogelijkheid. Het bevoegd gezag kan een leerling(e) van de school verwijderen, indien er sprake is van wangedrag van een leerling(e). Met dit wangedrag wordt een gedrag bedoeld dat de rust of de veiligheid op de school ernstig verstoord. Ook kan een leerling(e) worden verwijderd, indien sprake is van het systematisch overtreden door de leerling(e) en/of diens ouders van de in de school geldende èn aan de ou-ders en leerlingen kenbaar gemaakte gedragregels.
Hieronder volgt de procedure bij verwijdering van leerlingen naar aanleiding van bovengenoemde problematiek: a. Een gesprek tussen de betrokken leerkracht met de ouders van de leerling(e) gericht op een oplossing van de problematiek. b. In dit gesprek wordt de ouders meegedeeld, dat indien er geen overeenstemming kan worden bereikt over een oplossing van de problemen, de directeur en het bevoegd gezag over de desbetreffende problematiek zullen worden ingelicht. c. De directeur informeert het bevoegd gezag over de problematiek. d. Het bevoegd gezag hoort de groepsleerkracht, de directeur en de ouders. e. Het bestuur besluit tot definitieve verwijdering van de leerling(e), nadat het bevoegd gezag ervoor heeft zorg gedragen dat het bevoegd gezag van een andere school voor primair onderwijs bereid is om de betrokken leerling(e) toe te laten. f. Voor punt e in werking treedt; hoort het bevoegd gezag nogmaals de ouders en de betrokken groepsleerkracht. Het besluit tot definitieve verwijdering wordt de ouder(s) schriftelijk en met reden omkleed bij aangetekend schrijven bekend gemaakt. Schorsing Onder schorsing verstaan wij de bevoegdheid tot tijdelijke verwijdering van een leerling(e) voor ten hoogste 3 schooldagen. De directeur dient hierover vooraf de betrokken groepsleerkracht te horen en is verplicht om de ouders van de betrokken leerling(e) schriftelijk hiervan mededeling te doen en tevens moet hij het bevoegd gezag inlichten (op school ligt ter inzage het uitgewerkte stappenplan over hoe te handelen bij verwijdering van leerlingen). 10.3. Rapportage aan ouders over onderwijskundige vorderingen Er zijn drie soorten onderwijskundige rapporten: a. bij het vertrek van een leerling naar het vervolgonderwijs; b. bij verhuizing van leerlingen; c. bij plaatsing van leerlingen op een school voor speciaal onderwijs. Ouders kunnen op verzoek informatie over deze rapportage verkrijgen.
10.4.Het overblijven van de leerlingen en wettelijke aanspra-kelijkheid Onze school biedt mogelijkheden tot overblijven. Ook de organisatie ervan is in handen van de school. Ieder gezin met kinderen op onze school uit de Weverwijk, de Kanaaldijk, Middelkoop en verder alles wat buiten Leerbroek woont heeft de mogelijkheid om kosteloos hun kinderen te laten overblijven. Voor andere gezinnen gelden de volgende afspraken. U kunt een jaarabonnement afsluiten als u uw kind iedere dag wilt laten overblijven. Dit kost € 25,-- per kind. Bij meerdere kinderen uit één gezin kost het € 50,--. U kunt ook een 10 strippenkaart kopen voor €5,--. Uw kind(eren) kunnen hiermee 10 keer op school eten. U kunt zelf kiezen wanneer ze gebruikt worden en ze blijven onbeperkt geldig. Abonnementen en strippenkaarten kunnen bij de directie worden aangeschaft.Het geld wordt gebruikt om te kosten van het overblijven te betalen en er kunnen spelletjes worden gekocht voor de keren dat het regent.Er is op onze school een groep overblijfouders actief tijdens de middagpauze van 12.25 tot 13.00 uur. Zij houden toezicht op de overblijvende schooljeugd. Namens de leerkrachten coördineert juf Anja het overblijven samen met juf Ingrid.
Regels voor het overblijven. 1. De groepsleerkracht zorgt ervoor dat de kinderen niet voor 12.25 uur naar buiten gaan. 2. De overblijfouders worden met u aangesproken. 3. De hekken blijven tot 13.00 uur gesloten. 4. De kinderen uit groep7 (di. en vr.) en groep 8 (ma. en don.) mogen als de leerkracht toestemming heeft gegeven om 12.25 uur naar het veld om te voetballen. Ze moeten er wel op letten, dat het hek van het plein weer dicht gaat. 5. Dit voetballen gebeurt zonder toezicht en alleen als de ouders van deze overblijvende kinderen het goed vinden. Als ouders vinden dat hun kind niet van het plein mag om te voetballen, moeten zij dit met hun eigen kind afspreken en laten weten aan het personeel. 6. Kinderen die thuis eten, mogen pas om 13.00 uur weer op het plein, zodra de overblijfouder toestemming geeft. 7. Er mogen geen ballen op het plein, alleen als er een spel wordt gespeeld onder leiding of toezicht van de overblijfouder. Voetballen op het plein is altijd verboden. Om 13.00 uur moet de bal binnengebracht worden. 8. De kinderen van groep 1 en 2 moeten altijd achter de witte streep spelen. Kinderen van groep 3 mogen daar ook spelen. 9. De kinderen van groep 4-8 mogen nooit achter de witte streep spelen, ook niet op vrijdag. 10. Alleen de kleuters mogen door de achteringang naar binnen/buiten. 11. Bij kleine ongelukjes gaat de overblijfouder zelf even met het kind naar binnen, of stuurt een ouder kind mee. 12. Er staat een verbandkist (EHBO) in de grijze kast bij de wasbakken in de gemeenschapsruimte. Op de kast hangt ook het telnr. van de arts en HAP Gorinchem. 13. Bij grotere ongevallen waarschuwt de ouder een leerkracht. Zij beslissen samen of er een arts moet worden gebeld. De betreffende ouder van het kind wordt z.s.m. gebeld. 14. De overblijfouder beslist of de kinderen met regenachtig weer naar binnen mogen of niet. Alle kinderen luisteren hiernaar. Dus: òf iedereen binnen òf iedereen buiten. 15. De kinderen van groep 1-5 gaan bij regenachtig weer in hun lokaal spelen, de kinderen van groep 6-8 blijven in de gemeenschapsruimte spelletjes doen onder verantwoordelijkheid van de overblijfouder.
Belangrijk! Overblijvende kinderen die brutaal gedrag vertonen richting de overblijfouder of eventuele leerkrachten, krijgen een waarschuwingskaart mee naar huis. Dit regelt de betreffende groepsleerkracht. Op de kaart wordt door de groepsleerkracht vermeld welke gebeurtenis aanleiding heeft gegeven tot de waarschuwing. De kaart wordt thuis door de ouders ondertekend en weer mee gegeven naar school. De coördinerende leerkrachten bewaren deze waarschuwingen. Komt het na de waarschuwingskaart nog een keer voor dat er onacceptabel gedrag wordt vertoond, dan krijgen deze kinderen een tweede kaart mee naar huis en mogen zij met onmiddellijke ingang twee weken niet op school eten. Ook deze kaart wordt weer ondertekend door de ouders en terugbezorgd op school. Bij een derde keer volgt direct uitsluiting van overblijven voor 2 weken. Een eventuele vierde waarschuwing vinden wij zo ernstig, dat de directie een passende straf op zal leggen. Willen de ouders van overblijvende kinderen hun kinderen thuis op deze regels wijzen? Voorkomen is beter dan genezen.
Het is erg belangrijk dat alle overblijfouders bovenstaande regels consequent handhaven. Zij kunnen bij problemen altijd de hulp inroepen van het personeel en wangedrag melden bij de leerkracht die om 13.00 uur de pleinwacht overneemt. Die kan dan alsnog maatregelen nemen. Zij houden zich daarbij aan bovenstaande regels. Hebt u vragen over bepaalde situaties, dan kunt u het altijd even vragen.
Wettelijke aansprakelijkheid Onze school heeft een aansprakelijkheidsverzekering, omdat zij aansprakelijk is voor schade aan derden die ontstaat door onrechtmatige daden en toerekenbare tekortkomingen van iedereen die in schoolverband onder gezag of verantwoordelijkheid van het schoolbestuur optreedt. Een bestuur is in het algemeen niet aansprakelijk voor de schade die in schoolverband door een leerling is veroorzaakt. Een schoolongevallenverzekering dekt de kosten van ongevallen die leerlingen, leerkrachten etc. tijdens, voor, en vlak na schoolactiviteiten overkomen. Denk hierbij aan schoolreis, schoolzwemmen e.d. Deze verzekering is gedeeltelijk een aanvulling op Ziekenfonds en Particuliere verzekeringen. Rekeningen moeten daarom eerst bij deze verzekeraars ingediend worden. Bij geen of slechts gedeeltelijke vergoeding is beroep op deze schoolongevallenverzekering mogelijk. Nog een voorbeeld: als bij het knikkeren op school een ruit sneuvelt, dienen ouders zelf deze schade te vergoeden (W.A.). Kortom: de W.A.-verzekering die onze school heeft afgesloten betekent dat alleen schade aan derden wordt vergoed. De schade die men aan de school (het gebouw b.v.) maakt, is voor eigen rekening.
10.5. ONDERSTEUNENDE WERKZAAMHEDEN- Het bevoegd gezag stelt de ouders in de gelegenheid ondersteunende werkzaamheden te verrichten ten bate van het onderwijs. Het betreft de volgende activiteiten: - bibliotheek uitleen - schoolreisjes - leeshulp - begeleiden van excursies e.d. Bij deze en andere activiteiten dienen de ouders de aanwijzingen van de directeur en het overige onderwijzende personeel op te volgen. We verwachten van helpende ouders, dat zij zich aan de kledingregels houden, die voor de leerkrachten gelden.
10.6. Contacten met de ouders In verband met de uitreiking van het kerst- en paasrapport zijn er twee contactavonden per jaar vanaf groep 3. In deze zogenoemde tien-minuten-gesprekken wordt dan met elkaar gesproken. Ook wordt er in de verschillende leerjaren huisbezoek bij onze leerlingen afgelegd. De leerlingen uit groep 1 en 2 krijgen jaarlijks huisbezoek. Ook de ouders van nieuwe leerlingen uit de groepen 3 t/m 8 krijgen bezoek. Voor de overige leerlingen wordt huisbezoek afgesproken, als de leerkracht of de ouder(s) dat nodig vinden.
Iedere eerste week van de maand ontvangt u een nieuwsbrief waarin we u bijpraten over de actuele nieuwtjes van de school. Twee keer per jaar (winter en zomer) ontvangt u een schoolkrant met veel leerlingenwerk en andere wetenswaardigheden.
Helaas hebben we op onze school ook te maken met leerlingen uit gescheiden gezinnen. Wij houden ons wat betreft de informatievoorziening aan onderstaande regels. De school heeft ook een zelfstandige informatieplicht tegenover de ouder die het kind niet verzorgt, het ouderlijk gezag niet heeft of zelfs geen omgangsregeling. Alleen als de rechter dat in een specifiek geval bepaalt, zal de school in principe afwijken van die plicht. Het gaat erom ‘een beeld te geven van hoe het kind op school functioneert’. Doet het kind zijn best? Voelt hij zich prettig in de klas? Kan hij meekomen met de anderen? De niet-verzorgende ouder mag, zodra die zelf om informatie heeft gevraagd, verwachten dat de school nieuwsbrieven en de rapporten opstuurt, hem of haar uitnodigt voor een ouderavond en een schoolgids toestuurt. Maar bij de dagelijkse zorg is het in principe voldoende om de verzorger in te lichten, dat kan ook een oma of een oppas zijn. Bijvoorbeeld dat het kind ziek is geworden op school, dat er hoofdluis heerst of waar de groep heengaat met het schoolreisje.
Aan onze school is een medezeggenschapsraad verbonden. Deze bestaat uit twee geledingen, namelijk ouders en leerkrachten. Deze medezeggenschapsraad (mr) geeft adviezen over onderwerpen die met het beleid van de school te maken hebben. Voor deze schoolgids hebben ook zij hun instemming moeten geven. Ook door middel van onze schoolkrant is een goede communicatie tussen ouders en school mogelijk, naast het van tijd tot tijd verschijnen van zogenaamde nieuwsbrieven of mededelingen.
10.7. BUITENSCHOOLSE OPVANG Met ingang van dit schooljaar is het bestuur verplicht buitenschoolse opvang aan te (laten) bieden. Tot nu toe hebben alle ouders aangegeven hier geen gebruik van te willen maken. Mocht u wel gebruik van deze opvang willen maken, moet u dat tijdig melden aan de secretaris van het schoolbestuur of tijdens het aanmeldingsgesprek.
Tenslotte
In het schoolgebouw vinden nog enkele activiteiten plaats die niet onder verantwoordelijkheid van het schoolteam en het bestuur plaatsvinden. Er is een schoolkoor genaamd “Klein Vogelijn” actief. Onder leiding van dhr. C. van den End is er een schoolorkest. Eén van de leerkrachten geeft blokfluitles. Voorts kunnen lessen in typen gevolgd worden en verzorgt een muziekschool muzikaal onderwijs. Deelname aan al deze activiteiten is geheel van vrijwillige aard. Ook de keuze van de instelling waardoor u uw kind typeles laat geven valt onder uw verantwoordelijkheid. De school geeft van verscheidene instituten informatie door.
Deze schoolgids wordt jaarlijks na vaststelling aan alle ouders of verzorgers uitgereikt of bij inschrijving van nieuwe leerlingen.
| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|